Arrest d.d. 20 augustus 2003 Rolnummer 0200348 HET GERECHTSHOF TE LEEUWARDEN Arrest van de eerste kamer voor burgerlijke zaken in de zaak van: [appellant], wonende te [woonplaats], appellant, in eerste aanleg: eiser, hierna te noemen: [appellant] procureur: mr J.V. van Ophem, tegen 1. FBTO Schadeverzekeringen N.V., gevestigd te Leeuwarden, 2. Stichting Achmea Rechtsbijstand, gevestigd te Apeldoorn, geïntimeerden, in eerste aanleg: gedaagden, hierna gezamenlijk te noemen: FBTO c.s., procureur: mr V.M.J. Both. Het geding in eerste instantie In eerste aanleg is geprocedeerd en beslist zoals weergegeven in de vonnissen uitgesproken op 22 januari 2002 en 14 mei 2002 door de sector kanton van de rechtbank te Leeuwarden, verder aan te duiden als de kantonrechter. Het geding in hoger beroep Bij exploot van 9 augustus 2002 is door [appellant] hoger beroep ingesteld van het vonnis d.d. 14 mei 2002 met dagvaarding van FBTO c.s. tegen de zitting van 4 september 2002. De conclusie van de memorie van grieven tevens vermeerdering / wijziging van eis en aanvulling van gronden luidt: "het vonnis van de rechtbank te Leeuwarden, sector kanton d.d. 14 mei 2002 onder zaak/rolnummer 95928/CV FORM 01-4072 tussen partijen gewezen, te vernietigen en opnieuw rechtdoende geïntimeerden hoofdelijk te veroordelen tot betaling aan [appellant] de navolgende bedragen: - Euro 1.421,18 te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 1 november 2000 tot aan de dag der algehele voldoening; - Euro 1.817,30 te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 1 november 2001 tot aan de dag der algehele voldoening; - Euro 2.256,68 te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 1 april 2002 tot aan de dag der algehele voldoening; althans bovengenoemde bedragen te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf de dag van de formulierdagvaarding, zijnde 9 augustus 2001 tot aan de dag der algehele voldoening; en met veroordeling van geïntimeerden in de kosten van beide instanties." Bij memorie van antwoord is door FBTO c.s. verweer gevoerd, met als conclusie: "bij arrest, uitvoerbaar bij voorraad: 1. het onder rolnummer 95928/CV FORM 01-4072 gewezen vonnis d.d. 14 mei 2002 van de rechtbank Leeuwarden, sector Kanton, locatie Leeuwarden, te bekrachtigen, waar nodig met aanvulling of verbetering van de gronden; 2. [appellant] niet ontvankelijk te verklaren in zijn vorderingen in hoger beroep, althans hem deze vorderingen te ontzeggen; 3. [appellant] te veroordelen in de kosten van beide instanties." Voorts heeft ieder der partijen nog een akte genomen Tenslotte hebben partijen de stukken overgelegd voor het wijzen van arrest. De grieven [appellant] heeft vier grieven opgeworpen. De beoordeling Met betrekking tot de feiten 1. Tegen de weergave van de vaststaande feiten in rechtsoverweging 2 van het beroepen vonnis is geen grief ontwikkeld, zodat ook in hoger beroep van die feiten zal worden uitgegaan. Met betrekking tot de hoogte van de vordering 2. [appellant] heeft bij memorie van grieven zijn vordering vermeerderd met een bedrag van Euro 2.256,68, welk bedrag vervolgens bij akte is verminderd met Euro 1.150,31, zodat zijn vordering thans Euro 4.344,85 bedraagt, te vermeerderen met de wettelijke rente. FBTO c.s. verzetten zich niet tegen de vermeerdering tot een bedrag van Euro 4.344,85 doch zij betwisten de hoogte van de bij memorie van grieven overgelegde declaraties, nu deze niet zijn gespecificeerd. Met betrekking tot de grieven 3. De grieven leggen het geschil in volle omvang ter beoordeling aan het hof voor en zullen daarom gezamenlijk worden behandeld. 4. Partijen houdt verdeeld de vraag of het geschil tussen [appellant] en zijn ex- partner [ex-partner] over de (hoogte van
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.