Parketnummer: 24-002310-06 Parketnummer eerste aanleg: 17-781033-06 Arrest van 5 maart 2009 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Leeuwarden van 25 september 2006 in de strafzaak tegen: [verdachte], geboren op [1967] te [geboorteplaats], wonende te [woonplaats], [adres], verschenen in persoon, bijgestaan door zijn raadsvrouw mr. M.P. Hilhorst, advocaat te Utrecht. Het vonnis waarvan beroep De rechtbank Leeuwarden heeft de verdachte bij het vonnis vrijgesproken van het ten laste gelegde. Gebruik van het rechtsmiddel De officier van justitie is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen. Hij heeft dit hoger beroep aan verdachte doen betekenen. Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg. De vordering van de advocaat-generaal De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de verdachte zal veroordelen tot een werkstraf van 80 uren subsidiair 40 dagen vervangende hechtenis. De beslissing op het hoger beroep Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen. Tenlastelegging Aan verdachte is ten laste gelegd dat: hij in of omstreeks de periode van 1 maart 2006 tot 1 juni 2006 te [plaats], (in elk geval) in de gemeenste [gemeente], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad (in een kassencomplex, gelegen aan of bij de [straat] aldaar) (ongeveer) 6563 hennepplanten en/of 2178 stekken van hennepplanten, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval (telkens) (een) hoeveelhe(i)d(en) van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II. Vrijspraak Het hof heeft ter zitting van 19 februari 2009 de verbalisanten [verbalisant 1], [verbalisant 2] en [verbalisant 3] als getuigen gehoord, een en ander als gelast bij tussenarrest van 16 oktober 2008. Het hof acht op grond van het dossier en de nader door voornoemde verbalisanten afgelegde verklaringen niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het hem ten laste gelegde feit heeft begaan, zodat hij daarvan dient te worden vrijgesproken. De uitspraak HET HOF, RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP: vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende: verklaart het verdachte ten laste gelegde niet bewezen en spreekt hem daarvan vrij. Dit arrest is aldus gewezen door mr. P. Koolschijn, voorzitter, mr. P.W.J. Sekeris en mr. J. Hielkema, in tegenwoordigheid van mr. M. Zevenhuizen als griffier. -
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.