Beschikking d.d. 22 september 2009 Zaaknummer 200.040.594 HET GERECHTSHOF LEEUWARDEN Beschikking in de zaak van [appellant], verblijvende te Ossendrecht, appellant, hierna te noemen: [appellant], advocaat mr. M.G. Doornbos, kantoorhoudende te Assen, tegen Stichting Bureau Jeugdzorg Drenthe, gevestigd te Assen, geïntimeerde, hierna te noemen: SBJD. Belanghebbenden: 1. [de vader], wonende te Groningen, hierna te noemen: de vader, niet verschenen, 2. [de moeder], wonende te Groningen, hierna te noemen: de moeder, niet verschenen, 3. [de pleegouders], wonende te Nieuw-Annerveen, hierna te noemen: de pleegouders. Het geding in eerste aanleg Bij beschikking van 29 juli 2009 heeft de kinderrechter in de rechtbank Assen de termijn van de machtiging tot uithuisplaatsing in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg van [appellant], geboren op 6 november 1992 in de gemeente Smallingerland, met ingang van 1 augustus 2009 verlengd tot 12 december 2009. Het geding in hoger beroep Bij beroepschrift, binnengekomen op de griffie op 19 augustus 2009, heeft [appellant] verzocht de beschikking van (naar het hof begrijpt:) 29 juli 2009 te vernietigen. Bij verweerschrift, binnengekomen op de griffie op 31 augustus 2009, heeft SBJD het verzoek bestreden en het hof verzocht het verzoek van [appellant] af te wijzen. Het hof heeft voorts kennisgenomen van de overige stukken. Ter zitting van 2 september 2009 is de zaak behandeld. Verschenen zijn de advocaat van [appellant], zijn pleegmoeder [persoonsnaam], [persoonsnaam] namens SBJD en [persoonsnaam] namens de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de raad). Hoewel behoorlijk opgeroepen zijn de ouders van [appellant] niet ter zitting verschenen. [appellant] is evenmin ter zitting verschenen. De beoordeling Vaststaande feiten 1. De moeder is ontheven uit het gezag over [appellant]; de voogdij over hem berust bij de SBJD. 2. Bij beschikking van de rechtbank Assen van 11 maart 2009 is een machtiging tot uithuisplaatsing van [appellant] verleend in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg tot 1 augustus 2009. 3. SBJD heeft op 1 juli 2009 een verzoekschrift tot verlenging van de machtiging gesloten uithuisplaatsing ingediend bij de kinderrechter. 4. De voor een gesloten uithuisplaatsing vereiste verklaring van een gedragswetenschapper is op 20 juli 2009 gegeven. 5. Na de mondelinge behandeling op 22 juli 2009 heeft de kinderrechter bij beschikking van 29 juli 2009 beslist, zoals hiervoor, bij 'Het geding in eerste aanleg', staat vermeld. Mondelinge behandeling ter zitting van het hof 6. [appellant] is ter zitting - door vervoersproblemen - niet verschenen. Er is van hem op 2 september 2009, na de mondelinge behandeling, een afstandverklaring per fax ontvangen. De advocaat van [appellant] heeft het hof verzocht de zaak buiten aanwezigheid van zijn cliënt te behandelen, aangezien deze bij uitstel van de behandeling geen belang heeft. Hij heeft ter zitting de (formele) bezwaren van [appellant] tegen de beslissing van de kinderrechter herhaald. 7. SBJD heeft verwezen naar het ingediende verweerschrift. 8. De pleegmoeder van [appellant] heeft verklaard dat naar haar mening [appellant] momenteel op de goede plek zit en dat hij, met kleine stapjes, vooruit gaat. Zij heeft bepleit dat er een goede vervolgplek voor hem komt. Voorts heeft zij opgemerkt dat zij het contact tussen pleegouders en SBJD graag verbeterd zou zien. 9. De raad heeft zich ter zitting gerefereerd aan het oordeel van het hof, nu het uitsluitend de formele beoordeling van de machtiging betreft. De grief 10. De grief die door [appellant] is aangevoerd bestaat in feite uit drie grieven, die alle zien op de formele vereisten. Het hof oordeelt daarover als volgt. (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.