GERECHTSHOF ’s-GRAVENHAGE Sector Civiel recht Uitspraak : 2 november 2011 Zaaknummer : 200.089.092/01 Rekestnr. rechtbank : F2 RK 10-2053 [verzoekster], wonende te [woonplaats], Griekenland, verzoekster in hoger beroep, hierna te noemen: de moeder, advocaat mr. R.K. van der Brugge te ‘s-Gravenhage, tegen [verweerder], wonende te [woonplaats in Nederland], verweerder, in hoger beroep, hierna te noemen: de vader, advocaat mr. J. Broijl te Rotterdam. PROCESVERLOOP IN HOGER BEROEP De moeder is op 15 juni 2011 in hoger beroep gekomen van een beschikking van 17 maart 2011 van de rechtbank te Rotterdam. De vader heeft op 8 augustus 2011 een referteverklaring ingediend. Bij het hof zijn voorts de volgende stukken ingekomen: van de zijde van de moeder: - op 9 augustus 2011 een faxbericht van diezelfde datum; van de zijde van de vader: - op 8 augustus 2011 een faxbericht van diezelfde datum. PROCESVERLOOP IN EERSTE AANLEG EN VASTSTAANDE FEITEN Voor het procesverloop en de beslissing in eerste aanleg verwijst het hof naar de bestreden beschikking. Bij beschikking van 8 maart 2004 van de rechtbank te Rotterdam is de echtscheiding tussen partijen uitgesproken en, voor zover hier van belang, bepaald dat de vader aan de moeder met ingang van het tijdstip waarop de echtscheidingsbeschikking zal zijn ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand, als bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige [kind], geboren op [geboortedatum] 2003 te [geboorteplaats] (hierna: de minderjarige) telkens bij vooruitbetaling zal uitkeren € 135,- per maand. Bij bestreden beschikking heeft de rechtbank zich onbevoegd verklaard om kennis te nemen van het verzoek van de moeder, strekkende tot wijziging van de bij beschikking van 8 maart 2004 bepaalde door de vader aan de moeder te betalen bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige (hierna ook te noemen: kinderalimentatie) in die zin, dat de bijdrage met ingang van 1 maart 2010 wordt bepaald op € 334,- per maand. Het hof gaat uit van de door de rechtbank vastgestelde feiten, voor zover daar in hoger beroep geen grief tegen is gericht. BEOORDELING VAN HET HOGER BEROEP
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.