GERECHTSHOF ‘s-HERTOGENBOSCH Afdeling civiel recht zaaknummer HD 200.101.603/01 arrest van 2 april 2013 in de zaak van [X.], wonende te [woonplaats], appellant, advocaat: mr. M.A.J. Kemps, tegen: mr. Gerrit Frank van den Berg, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van Venhorstse Inpakcentrale B.V., wonende te [woonplaats], geïntimeerde, advocaat: mr. M.W.M. Nijland-van Oorsouw, op het bij exploot van dagvaarding van 24 januari 2012 ingeleide hoger beroep van het door de rechtbank ‘s-Hertogenbosch gewezen vonnis van 21 december 2011 tussen geïntimeerde - de curator - als eiser, Docdata Benelux B.V. (Docdata) en Wilkapackers B.V. (Wilkapackers) als gedaagden en appellant - [appellant] - als gevoegde partij aan de zijde van Wilkapackers. 1. Het geding in eerste aanleg (zaaknr. 181699/HA ZA 08-1927) Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis, de daaraan voorafgegane tussenvonnissen van 26 november 2008 en 28 oktober 2009 en het vonnis in incident van 10 maart 2010. 2. Het geding in hoger beroep 2.1. Bij memorie van grieven heeft [appellant] één grief aangevoerd en geconcludeerd tot vernietiging van het vonnis waarvan beroep en, kort gezegd, tot (het hof leest:) afwijzing alsnog van de vorderingen van de curator. 2.2. Bij memorie van antwoord heeft de curator de grief bestreden. 2.3. Partijen hebben daarna uitspraak gevraagd. Alleen de curator heeft daartoe de gedingstukken overgelegd. 3. De gronden van het hoger beroep De grief richt zich tegen het oordeel van de rechtbank dat de curator is geslaagd in het hem bij het tussenvonnis van 28 oktober 2009 opgedragen bewijs ‘dat VIC (Venhorstse Inpakcentrale B.V.) de opdrachtnemer was van de in de periode van 1 juli 2004 tot 29 november 2004 ten behoeve van Docdata uitgevoerde werkzaamheden’. 4. De beoordeling 4.1.1. Het gaat in deze zaak om het volgende: a. Docdata is producent van onder meer cd’s. Zij maakte sinds 2002/2003 voor het verpakken van de cd’s regelmatig gebruik van de diensten van Venhorstse Inpakcentrale B.V. (verder: VIC); b. Mevrouw [zus van appellant] was statutair bestuurder van VIC, haar broer [appellant] ([appellant]) had in het bedrijf de feitelijke leiding; c. In de periode van 1 juli 2004 tot 29 november 2004 zijn in opdracht van Docdata inpakwerkzaamheden verricht. Afgezien van één factuur van VIC d.d. 19-07-04 ten bedrage van € 4166,73 (prod. 29 curator concl. na enq.) zijn in die periode tot 17 november 2004 aan Docdata geen facturen gestuurd door VIC. Vanaf laatstgenoemde datum heeft Docdata voor werkzaamheden uit opdrachten vanaf 12 juli 2004 een aantal facturen ontvangen van Multipackers B.V., waarvan de naam later is gewijzigd in Wilkapackers B.V., een van de gedaagden in eerste aanleg. d. Multipackers B.V. was een vennootschap waarvan [appellant] op 8 november 2004 alle aandelen heeft verkregen. Deze vennootschap droeg voordien de naam [Y.] [Plaats] B.V. en had als bedrijfsomschrijving ‘agrarisch bedrijf’. Op 8 november werden naam en bedrijfsomschrijving gewijzigd. De bedrijfsomschrijving kwam te luiden: ‘het verrichten van diensten op het gebied van verpakken, ompakken van food en non-foodproducten’ . e. Multipackers B.V. heeft bij voormelde facturen aan Docdata in totaal een bedrag van € 102.458,25 in rekening gebracht. f. VIC is bij vonnis van de rechtbank ’s-Hertogenbosch van 26 januari 2005 in staat van faillissement verklaard. De bij dat vonnis benoemde curator is opgevolgd door mr. G.F. van den Berg, de huidige curator. 4.1.2. De curator stelt zich op het standpunt dat VIC de wederpartij van Docdata is geweest bij de opdrachten die Docdata in de periode van 1 juli tot 29 november 2004 heeft gegeven. De curator heeft in eerste aanleg Docdata en Wilkapackers in rechte betrokken en een verklaring van recht gevorderd dat (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.