Afdeling strafrecht Parketnummer : 20-000977-14 Uitspraak : 9 juli 2014 TEGENSPRAAK Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof 's-Hertogenbosch gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 27 maart 2014 in de in eerste aanleg gevoegde strafzaken, parketnummers 02-700383-13 en 02-700229-13, tegen [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1973, thans uit anderen hoofde verblijvende in het Penitentiair Psychiatrisch Centrum te Vught. Hoger beroep Bij vonnis waarvan beroep is de verdachte veroordeeld ter zake van - kort gezegd - in de zaak met parketnummer 02-700383-13: bedreiging met zware mishandeling en in de zaak met parketnummer 02-700229-13: vernieling (feit 1), erfvredebreuk (feit 2), wederspannigheid (feit 3), huis-/erfvredebreuk (feit 4), opzettelijk handelen in strijd met een gedragsaanwijzing (feit 5) en opzettelijk handelen in strijd met een gedragsaanwijzing, meermalen gepleegd (feit 6), tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders (ISD-maatregel) voor de duur van twee jaar. De verdachte heeft tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht. De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis van de eerste rechter zal bevestigen. Door de verdediging is ten aanzien van alle feiten vrijspraak bepleit. Indien het hof toch tot een veroordeling komt heeft de verdediging ten aanzien van parketnummer 02-700229-13 feiten 5 en 6 verzocht om verdachte te ontslaan van alle rechtsvervolging op grond van het ontbreken van de materiële wederrechtelijkheid. Ten aanzien van de op te leggen straf of maatregel is verzocht om geen onvoorwaardelijke ISD-maatregel op te leggen. Vonnis waarvan beroep Het beroepen vonnis zal worden vernietigd, reeds omdat het, gelet op de aard en de inhoud van de processen-verbaal waarnaar in de voetnoten verwezen wordt, niet voldoet aan het wettelijk motiveringsvereiste dat het een inzichtelijke verwijzing bevat naar de bewijsbron en voorts omdat het op onderdelen niet te verenigen is met de hierna te geven beslissing. Tenlastelegging Aan verdachte is ten laste gelegd dat: Zaak met parketnummer 02-700383-13: hij op of omstreeks 01 december 2013 te Goes, [aangever 1] (werkzaam als portier) heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde van de Korput dreigend de woorden toegevoegd: "Je loopt zeker met me te fucken, je weet niet met wie je te maken hebt zeker, kankerlijers, teringlijers, ik kom jullie nog wel tegen en dat gaat jullie berouwen" en/of "Ik zal jou eens twee stempels geven zodat je ogen draaien als een kameleon en je niets kunt zien omdat je oogkassen zo dik zijn ", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking; Zaak met parketnummer 02-700229-13 (gevoegd): 1.hij op of omstreeks 9 juli 2013 te Goes, opzettelijk en wederrechtelijk een shirt/kledingstuk, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [verbalisant 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, heeft vernield en/of beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt; 2.hij op of omstreeks 9 juli 2013 te Goes, wederrechtelijk vertoevende in een woning en/of een besloten erf gelegen aan de Abel Tasmanstraat en in gebruik bij Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg Emergis, althans bij een ander of anderen dan bij verdachte, zich niet op de vordering van of vanwege de rechthebbende aanstonds heeft verwijderd, althans wederrechtelijk is binnengedrongen in een woning en/of een besloten erf gelegen aan de Abel Tasmanstraat en in gebruik bij Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg Emergis, althans bij een ander of anderen dan bij verdachte; 3.hij op of omstreeks 9 juli 2013 te Goes, toen de aldaar dienstdoende [verbalisant 1], hoofdagent van Regiopolitie Zeeland en/of [verbalisant 2], agent van regiopolitie Zeeland verdachte op verdenking van het overtreden van artikel 138 Wetboek van Strafrecht, in elk geval op verdenking van het gepleegd hebben van enig strafbaar feit, op heterdaad ontdekt, had(den) aangehouden en vastgegrepen, althans vast had(den) teneinde hem ten spoedigste voor te geleiden voor een hulpofficier van justitie en hem daartoe over te brengen naar een plaats van verhoor, te weten het bureau van politie te Goes, zich met geweld heeft verzet tegen bovengenoemde opsporingsambtena(a)r(en), werkzaam in de rechtmatige uitoefening zijner/hunner bediening, door opzettelijk gewelddadig slaande en/of schoppende bewegingen te maken in de richting van die [verbalisant 1] en/of die [verbalisant 2] en/of zich krachtig in tegenovergestelde richting te bewegen dan die waarin die [verbalisant 1] en/of die [verbalisant 2] hem wilden brengen en/of te spugen in de richting van die [verbalisant 1] en/of die [verbalisant 2]; 4.hij op of omstreeks 24 april 2013 te Goes, wederrechtelijk is binnengedrongen in een besloten lokaal en/of een besloten erf (te weten een vestiging/huisvesting van Zorggroep Ter Weel met bijbehorend erf) gelegen aan het Johannaplantsoen 1 en in gebruik bij Zorggroep Ter Weel, althans bij een ander of anderen dan bij verdachte; 5.hij op of omstreeks 3 mei 2013 te Goes, opzettelijk heeft gehandeld in strijd met een gedragsaanwijzing (ter beëindiging van ernstige overlast), gegeven krachtens art. 509hh, eerste lid, onderdeel b van het Wetboek van Strafvordering door zich toen en daar op te houden aan de Abel Tasmanstraat 28a (wetende dat hem, verdachte, op 2 mei 2013 een gedragsaanwijzing als hierboven bedoeld was uitgereikt, onder meer inhoudende dat hij, verdachte, zich niet mag ophouden binnen de grenzen van de gemeente Goes); 6.hij op één of meer tijdstip(pen) op of omstreeks 10 mei 2013 te Goes, (telkens) opzettelijk heeft gehandeld in strijd met een gedragsaanwijzing (ter beëindiging van ernstige overlast), gegeven krachtens art. 509hh, eerste lid, onderdeel b van het Wetboek van Strafvordering door zich (telkens) toen en daar op te houden ter hoogte van de Korte Kerkstraat en/of op de Grote Markt (wetende dat hem, verdachte, op 2 mei 2013 een gedragsaanwijzing als hierboven bedoeld was uitgereikt, onder meer inhoudende dat hij, verdachte, zich niet mag ophouden binnen de grenzen van de gemeente Goes). Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten of omissies voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging. Vrijspraak zaak met parketnummer 02-700383-13 Het hof heeft uit het onderzoek ter terechtzitting niet door de inhoud van wettige bewijsmiddelen de overtuiging bekomen dat verdachte het in de zaak met parketnummer 02-700383-13 tenlastegelegde heeft begaan, zodat verdachte daarvan wordt vrijgesproken. Volgens aangever heeft verdachte tegen hem gezegd: "Je loopt zeker met me te fucken, je weet niet met wie je te maken hebt zeker” en: “kankerlijers, teringlijers, ik kom jullie nog wel tegen en dat gaat jullie berouwen.” Naar het oordeel van het hof levert dit geen bedreiging op in de zin van artikel 285 van het Wetboek van Strafrecht, in het bijzonder niet een bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht of bedreiging met zware mishandeling. Verdachte heeft zelf verklaard dat hij heeft gezegd: “Ik zal jou eens twee stempels geven zodat je ogen draaien als een kameleon en je niets kunt zien omdat je oogkassen zo dik zijn”. Hiervoor is echter geen steunbewijs in het dossier, met name niet in genoemde aangifte en in de verklaring van de getuige[naam getuige 1]. Het hof acht dit onderdeel van de tenlastelegging niet bewezen Bewezenverklaring Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het in de zaak met parketnummer 02-700229-13 onder 1, 2, 3, 4, 5 en 6 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande, dat: 1.hij op 9 juli 2013 te Goes, opzettelijk en wederrechtelijk een shirt, toebehorende aan [verbalisant 1], heeft vernield; 2.hij op 9 juli 2013 te Goes, wederrechtelijk vertoevende in een besloten erf gelegen aan de Abel Tasmanstraat en in gebruik bij Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg Emergis, zich niet op de vordering van of vanwege de rechthebbende aanstonds heeft verwijderd; 3.hij op 9 juli 2013 te Goes, toen de aldaar dienstdoende [verbalisant 1], hoofdagent van Regiopolitie Zeeland en [verbalisant 2], agent van regiopolitie Zeeland verdachte op verdenking van het gepleegd hebben van enig strafbaar feit, op heterdaad ontdekt, hadden aangehouden en vastgegrepen, teneinde hem ten spoedigste voor te geleiden voor een hulpofficier van justitie en hem daartoe over te brengen naar een plaats van verhoor, te weten het bureau van politie te Goes, zich met geweld heeft verzet tegen bovengenoemde opsporingsambtenaren, werkzaam in de rechtmatige uitoefening hunner bediening, door opzettelijk gewelddadig zich krachtig in tegenovergestelde richting te bewegen dan die waarin die [verbalisant 1] en die [verbalisant 2] hem wilden brengen en te spugen in de richting van die [verbalisant 1] en die [verbalisant 2]; 4.hij op 24 april 2013 te Goes, wederrechtelijk is binnengedrongen in een besloten lokaal (te weten een vestiging/huisvesting van Zorggroep Ter Weel) gelegen aan het Johannaplantsoen 1 en in gebruik bij Zorggroep Ter Weel; 5.hij op 3 mei 2013 te Goes, opzettelijk heeft gehandeld in strijd met een gedragsaanwijzing (ter beëindiging van ernstige overlast), gegeven krachtens art. 509hh, eerste lid, onderdeel b van het Wetboek van Strafvordering door zich toen en daar op te houden aan de Abel Tasmanstraat 28a (wetende dat hem, verdachte, op 2 mei 2013 een gedragsaanwijzing als hierboven bedoeld was uitgereikt, onder meer inhoudende dat hij, verdachte, zich niet mag ophouden binnen de grenzen van de gemeente Goes); 6.hij op tijdstippen op 10 mei 2013 te Goes, telkens opzettelijk heeft gehandeld in strijd met een gedragsaanwijzing (ter beëindiging van ernstige overlast), gegeven krachtens art. 509hh, eerste lid, onderdeel b van het Wetboek van Strafvordering door zich toen en daar op te houden ter hoogte van de Korte Kerkstraat (omstreeks 01.00 uur) en op de Grote Markt (omstreeks 16.50 uur) wetende dat hem, verdachte, op 2 mei 2013 een gedragsaanwijzing als hierboven bedoeld was uitgereikt, onder meer inhoudende dat hij, verdachte, zich niet mag ophouden binnen de grenzen van de gemeente Goes. Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard, zodat deze daarvan wordt vrijgesproken. Door het hof gebruikte bewijsmiddelen Indien tegen dit verkort arrest beroep in cassatie wordt ingesteld, worden de door het hof gebruikte bewijsmiddelen die redengevend zijn voor de bewezenverklaring opgenomen in een aanvulling op het verkort arrest. Deze aanvulling wordt dan aan het verkort arrest gehecht. Bijzondere overwegingen omtrent het bewijs De beslissing dat het bewezen verklaarde door de verdachte is begaan berust op de feiten en omstandigheden als vervat in de hierboven bedoelde bewijsmiddelen, in onderlinge samenhang beschouwd. Elk bewijsmiddel wordt - ook in zijn onderdelen - slechts gebruikt tot bewijs van dat bewezen verklaarde feit, of die bewezen verklaarde feiten, waarop het, blijkens zijn inhoud, betrekking heeft. Verweren ten aanzien van parketnummer 02-700229-13 - Ten aanzien van feit 1: Door de verdediging is vrijspraak bepleit, omdat er geen sprake zou zijn van opzet. Verdachte heeft verklaard dat hij enkel om zich heen heeft gegrepen, nadat hij door de verbalisanten met pepperspray was bewerkt. Daarbij heeft hij zich kennelijk vastgegrepen aan de portofoon, die in het shirt van verbalisant [verbalisant 1] zat, waardoor het shirt van [verbalisant 1] werd beschadigd. De raadsman is van mening dat deze verklaring van verdachte overtuigender is dan het relaas van verbalisanten, nu verdachte hierover consistent heeft verklaard en uit de processen-verbaal van verbalisanten niet onomstotelijk kan worden vastgesteld dat dit voorval plaatsvond voordat verdachte met pepperspray werd bewerkt. Het hof overweegt hierover als volgt. In het proces-verbaal van bevindingen wordt door verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] uitvoerig over het voorval gerelateerd. Zij verklaren dat de pepperspray werd gebruikt nadat verdachte het shirt van verbalisant [verbalisant 1] kapotscheurde. Het hof ziet, ook in het proces-verbaal van aangifte, geen reden om aan dit relaas te twijfelen en acht de verklaring van verdachte hierover niet aannemelijk. Het verweer wordt mitsdien verworpen. - Ten aanzien van feit 2 Door de verdediging is vrijspraak bepleit, aangezien aan verdachte slechts één keer is gevorderd om weg te gaan en hij tevoren niet op de hoogte was van een toegangsverbod. Het hof overweegt als volgt. Uit de bewijsmiddelen is het hof gebleken dat aangever tegen verdachte heeft gezegd dat deze een terreinverbod had en heeft hij, aangever, de verdachte gevorderd het terrein te verlaten. Verdachte heeft vervolgens weliswaar de woning verlaten, maar niet het terrein. Op dat moment bevond hij zich derhalve wederrechtelijk op het besloten erf. Daarna hebben verbalisanten namens de rechthebbende meermalen van verdachte gevorderd om het terrein te verlaten, hetgeen verdachte niet heeft gedaan. Het verweer wordt mitsdien weerlegd door de bewijsmiddelen. - Ten aanzien van feit 3 Door de verdediging is vrijspraak bepleit. Daartoe is aangevoerd dat de aanhouding onrechtmatig is, omdat het verzet niet is gevolgd op handelingen in de rechtmatige uitoefening van de bediening. Het hof overweegt als volgt. Het hof begrijpt het tot bewijs gebezigde proces-verbaal van bevindingen van de verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] aldus, dat verbalisanten van verdachte hebben gevorderd zich te verwijderen van het terrein van Emergis. Daarop heeft verdachte een agressieve houding aangenomen en zijn houding met woorden onderbouwd. Ook heeft hij met zijn benen schoppende bewegingen naar verbalisanten gemaakt. Dit hebben de verbalisanten opgevat als wederspannigheid en op grond daarvan hebben zij verdachte aangehouden. Daarna heeft verdachte zich tegen deze aanhouding verzet, zoals bewezen verklaard, hetgeen eveneens wederspannigheid oplevert. Het hof verwerpt het verweer. - Ten aanzien van feit 4 Door de verdediging is vrijspraak bepleit, omdat er onduidelijkheid bestaat over de datering van het schriftelijk verbod, zodat dit onmogelijk kan dienen als basis voor een bewezenverklaring en er mitsdien onvoldoende bewijs is dat verdachte wist dat hij een lokaalverbod had. Het hof verwerpt dit verweer, nu verdachte ter terechtzitting van het hof heeft verklaard dat hij wist dat hij niet in het verzorgingshuis “Ter Weel” mocht komen. - Ten aanzien van feit 5 en 6 Onder 5 is ten laste gelegd het opzettelijk handelen in strijd met een gedragsaanwijzing gegeven krachtens artikel 509hh, eerste lid, onderdeel b, van het Wetboek van Strafvordering en strafbaar gesteld in art. 184a van het Wetboek van Strafrecht, gepleegd op 3 mei 2013 te Goes. Onder 6 is ten laste gelegd het meermalen opzettelijk handelen in strijd met een gedragsaanwijzing gegeven krachtens artikel 509hh, eerste lid, onderdeel b, van het Wetboek van Strafvordering en strafbaar gesteld in art. 184a van het Wetboek van Strafrecht, gepleegd op 10 mei 2013 te Goes. Art. 184a Sr luidt: “Hij die opzettelijk handelt in strijd met een gedragsaanwijzing, gegeven krachtens artikel 509hh, eerste lid, onderdeel b, van het Wetboek van Strafvordering, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie.” De raadsman heeft bepleit dat de verdachte moet worden vrijgesproken of van alle rechtsvervolging moet worden ontslagen, aangezien de gedragsaanwijzing achteraf is opgeheven. Het hof stelt vast:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.