GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH Afdeling civiel recht Uitspraak : 4 december 2014 Zaaknummer : HV 200.156.671/01 Zaaknummer eerste aanleg : 2990026 OV VERZ 14-2946 in de zaak in hoger beroep van: [appellant], wonende te [woonplaats], appellant, hierna te noemen: [appellant], advocaat: mr. V.F. van Nielen-Westerouen van Meeteren, tegen [geïntimeerde 1], wonende te [woonplaats], en [geïntimeerde 2], wonende te [woonplaats], geïntimeerden, hierna te noemen: broer en zus [geïntimeerden], advocaat: mr. M.E.J. de Hart. 1Het geding in eerste aanleg Het hof verwijst naar de beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Tilburg, van 9 juli
- 2Het geding in hoger beroep 2.1 Bij beroepschrift met producties, ingekomen ter griffie op 26 september 2014, heeft appellant verzocht voormeld te vernietigen en – zakelijk weergegeven – te bepalen dat de overdracht van het aandeel in de eigendom van de onroerende zaak aan [adres] te [plaats] aan broer en zus [geïntimeerden] enkel zal plaatsvinden met het recht van vruchtgebruik, voorts aan [appellant] toe te kennen de bevoegdheid tot vervreemding en vertering van het aan broer en zus [geïntimeerden] over te dragen aandeel in de woning en broer en zus [geïntimeerden] te veroordelen in de kosten van beide instanties. Broer en zus [geïntimeerden] hebben op 13 november 2014 een verweerschrift ingediend, waarin het door [appellant] aangevoerde is bestreden. 2.
- De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 26 november
- Bij die gelegenheid is [appellant] gehoord, bijgestaan door mr. V.F. van Nielen-Westerouen van Meeteren. Tevens is gehoord [geïntimeerde 1], bijgestaan door mr. De Hart. [geïntimeerde 2] is niet verschenen. Nadat het hof [appellant] erop heeft gewezen dat ingevolge artikel 676a aanhef en sub a Rv geen hoger beroep openstaat ter zake door de kantonrechter gegeven beschikkingen ingevolge artikel 4:25 lid 4 BW, nu krachtens bedoelde aanhef geen andere voorziening dan cassatie in belang der wet openstaat, zijn [appellant] en mr. V.F. van Nielen-Westerouen van Meeteren in de gelegenheid gesteld te overleggen. Na hervatting van de mondelinge behandeling heeft mr. V.F. van Nielen-Westerouen van Meeteren verklaard dat het hoger beroep van [appellant] wordt ingetrokken. 3De beoordeling Het hof begrijpt uit genoemde mededeling ter zitting in hoger beroep dat [appellant] zijn grieven tegen de beschikking waarvan beroep niet langer handhaaft. Dit brengt mee dat het verzoek in hoger beroep dient te worden afgewezen. 4De uitspraak Het hof: wijst af het verzoek in hoger beroep tegen voormeld vonnis. Deze beschikking is gegeven door mrs. R.R.M. de Moor, A.P. Zweers - van Vollenhoven en J.J. Minnaar en in het openbaar uitgesproken op 4 december 2014.