GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH Afdeling civiel recht zaaknummer HD 200.167.887/01 arrest van 14 juli 2015 gewezen in het incident tot voeging ex artikel 222 Rv in de zaak van de vennootschap naar Belgisch recht [de vennootschap naar Belgisch recht] , gevestigd te [vestigingsplaats] , België, tevens kantoorhoudende in Nederland te [kantoorplaats] , appellante in de hoofdzaak, eiseres in het incident, advocaat: mr. F. Wubbena te Oosterhout NB, tegen [geïntimeerde] , wonende te [woonplaats] , geïntimeerde in de hoofdzaak, verweerder in het incident, advocaat: mr. C.C. Wijburg te Utrecht, op het bij exploot van dagvaarding van 26 maart 2015 ingeleide hoger beroep van het door de kantonrechter van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, locatie Breda, gewezen vonnis van 28 januari 2015 tussen appellante – [de vennootschap naar Belgisch recht] – als gedaagde en geïntimeerde – [geïntimeerde] – als eiser. 1Het geding in eerste aanleg (zaaknr. 2476787 CV EXPL 13-7303) Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis en het tussenvonnis van 13 november
- 2Het geding in hoger beroep Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding in hoger beroep; de incidentele conclusie tot voeging met producties; de antwoordconclusie in het incident. Het hof heeft daarna een datum voor arrest in het incident bepaald. 3De beoordeling In het incident 3.
- [de vennootschap naar Belgisch recht] heeft gevorderd de onderhavige zaak te voegen met de eveneens bij het hof (onder zaaknummer HD 200.167.892/01) aanhangige zaak tussen [geïntimeerde] als appellant en [de vennootschap naar Belgisch recht] als geïntimeerde. 3.
- Bij antwoordconclusie in het incident heeft [geïntimeerde] ingestemd met de gevorderde voeging van beide zaken. 3.
- Gelet op het bepaalde in artikel 353 lid 1 Rv in verbinding met artikel 222 Rv kan de gevraagde voeging worden bevolen, nu de hiervoor genoemde zaken met elkaar verknocht zijn. 3.
- Het hof zal de beslissing over de kosten van het incident aanhouden tot de einduitspraak. In de hoofdzaak 3.
- De zaak wordt naar de rol verwezen voor memorie van grieven aan de zijde van [de vennootschap naar Belgisch recht] . Iedere verdere beslissing wordt aangehouden. 4De beslissing Het hof: in het incident: beveelt de voeging van de onderhavige zaak (zaaknummer HD 200.167.887/01) met de bij dit hof aanhangige zaak met zaaknummer HD 200.167.892/01 tussen [geïntimeerde] als appellant en [de vennootschap naar Belgisch recht] als geïntimeerde; houdt de beslissing over de proceskosten aan tot de einduitspraak in de hoofdzaak; in de hoofdzaak: verwijst de zaak naar de rol van 25 augustus 2015 voor memorie van grieven aan de zijde van [de vennootschap naar Belgisch recht] ; houdt iedere verdere beslissing aan. Dit arrest is gewezen door mrs. S.M.A.M. Venhuizen, C.N.M. Antens en M.G.W.M. Stienissen en is in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 14 juli
- griffier rolraadsheer