← Nederland

ECLI:NL:GHSHE:2015:4985

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH Afdeling civiel recht zaaknummer 200.155.293/01 arrest van 1 december 2015 in de zaak van [appellant] , wonende te [woonplaats] , gemeente Sittard-Geleen; appellant, tevens geïntimeerde in incidenteel appel; hierna aan te duiden als de man, advocaat: mr. J.W. Pieters te Geleen, tegen [geïntimeerde] , wonende te [woonplaats] , gemeente Sittard-Geleen; geïntimeerde, tevens appellante in incidenteel appel; hierna aan te duiden als de vrouw, advocaat: mr. M.J.E. Spee te Maastricht-Airport, als vervolg op het door het hof gewezen tussenarrest van 14 oktober 2014 in het hoger beroep van het door de voorzieningenrechter van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht onder zaaknummer C/03/187840/KG ZA 14-59 gewezen vonnis van 3 juli

  1. 5Het verloop van de procedure Het verloop van de procedure blijkt uit: - het tussenarrest van 14 oktober 2014 waarbij het hof een comparitie na aanbrengen heeft gelast; - het zijdens de man overgelegde H12 formulier met zeven producties d.d. 11 november 2014; - het zijdens de vrouw ingediende H3 formulier houdende akte inbreng producties d.d. 12 november; - het zijdens de man overgelegde H12 formulier d.d.13 november 2014 met één productie; - de brief d.d. 25 november 2014 zijdens de vrouw; - het proces-verbaal van comparitie van 27 november 2014; - het H3 formulier met drie producties d.d. 24 december 2014 zijdens de man; - het H3 formulier met elf producties d.d. 26 januari 2015 zijdens de man; - het H3 formulier met twee producties zijdens de man d.d. 9 maart 2015; - de memorie van grieven met producties; de memorie van antwoord, tevens houdende incidenteel appel en wijziging van eis; de memorie van antwoord in incidenteel appel, tevens houdende verzet wijziging van eis; Het hof heeft daarna een datum voor arrest bepaald. Het hof doet recht op bovenvermelde stukken en de stukken van de eerste aanleg. 6De beoordeling Het hof heeft ambtshalve kennis van de eveneens bij het hof aanhangige zaak bekend onder nummer HD 200.163.697/
  2. In deze procedure is een vonnis van de voorzieningenrechter van 1 juni 2015 overgelegd waaruit blijkt dat de woning, gelegen aan de [adres] , te [plaats] , gemeente Sittard-Geleen, hierna “de woning”, waarop onderhavige zaak betrekking heeft, is verkocht en uiterlijk 1 juli 2015 geleverd diende te worden. Zijdens de vrouw is in de memorie van antwoord in de procedure met nummer HD 200.163.697/01 gesteld dat de man zijn medewerking heeft verleend aan het notarieel transport van de woning, alsmede aan het ontruimen en ontruimd houden van de woning. Indien het hof het goed ziet, betekent dit voor onderhavige procedure dat de vrouw niet langer belang heeft bij haar incidenteel appel, tevens houdende wijziging van eis (met uitzondering van de in incidenteel appel gevraagde proceskostenveroordeling). Het hof verzoekt partijen zich nader uit te laten over de gevolgen van de verkoop en levering van de woning voor de vorderingen die in appel in deze zaak nog voorliggen. Het hof zal de zaak naar de rol verwijzen opdat partijen zich bij akte nader kunnen uitlaten. 7De uitspraak Het hof: verwijst de zaak naar de rol van 5 januari 2016 voor akte uitlating beide partijen. houdt iedere verdere beslissing aan. Dit arrest is gewezen door mrs. W.Th.M. Raab, M.J. van Laarhoven en G.J. Vossestein en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 1 december
  3. griffier rolraadsheer

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.