GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH Sector belastingrecht Meervoudige Belastingkamer Kenmerken: 17/00404 en 17/00405 Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep van [A] , wonende te [Z] , hierna: belanghebbende, en het incidenteel hoger beroep van de inspecteur van de Belastingdienst hierna: de Inspecteur, tegen de uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant te Breda (hierna: de Rechtbank) van 4 mei 2017, nummers BRE 15/3131 en BRE 16/8631, in het geding tussen belanghebbende, en de Inspecteur, betreffende de aanslag in de inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over het jaar 2010 (hierna: de aanslag), aanslagnummer [xxxx.xx.xxx] , en bijbehorende beschikking heffingsrente (hierna: de beschikking). Onderzoek ter zitting Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgehad op 11 oktober 2018 te ’s-Hertogenbosch. Aldaar zijn toen verschenen en gehoord belanghebbende alsmede [B] als gemachtigde van belanghebbende, tot bijstand vergezeld door [C] en [D] , en namens de Inspecteur, [E] , [F] en [G] , tot bijstand vergezeld door [H] . Na behandeling van de zaak heeft het Hof heden, 25 oktober 2018, mondeling uitspraak gedaan. Beslissing Het Hof verklaart het hoger beroep gegrond, verklaart het incidenteel hoger beroep ongegrond, vernietigt de uitspraak van de Rechtbank voor zover het betreft het in de aanslag begrepen belastbare inkomen uit werk en woning, vermindert de aanslag verder tot een berekend belastbaar inkomen uit werk en woning van € [xxx] en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € [xxx] , vermindert de beschikking dienovereenkomstig verder, en gelast dat de Inspecteur aan belanghebbende het door deze ter zake van de behandeling van het hoger beroep bij het Hof betaalde griffierecht ten bedrage van € 124 vergoedt. Gronden Ten aanzien van het geschil Partijen zijn ter zitting nader tot overeenstemming gekomen in deze zin dat het belastbare inkomen uit werk en woning over het jaar 2010 - zowel bij belanghebbende als bij zijn mede‑participant in [Y] B.V., [J] - wordt vastgesteld inclusief een correctie resultaat uit overige werkzaamheden van € 400.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.