← Nederland

ECLI:NL:GHSHE:2018:802

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH Afdeling civiel recht zaaknummer HD 200.156.272/01 arrest van 27 febuari 2018 in de zaak van [Vast Goed] Vast Goed [vestigingsnaam] B.V., gevestigd te [vestigingsplaats] , appellante, hierna aan te duiden als [appellante] , advocaat: mr. C.B.P. Kroep te Enschede, tegen in zaak I [geïntimeerde] , wonende te [woonplaats] , Monaco, geïntimeerde, hierna aan te duiden als [geïntimeerde] , advocaat: B.S. Friedberg te Amsterdam, en in zaak II Eagle Corporate S.A., gevestigd te [vestigingsplaats] , Britse Maagdeneilanden, geïntimeerde, hierna aan te duiden als Eagle, advocaat: B.S. Friedberg te Amsterdam, als vervolg op de door het hof gewezen tussenarresten van 6 oktober 2015 en 29 november 2016 in het hoger beroep van de door de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond onder nummers C/04/101866/HAZA 10-488 (zaak I) en C/04/103054/HAZA 10-626 (zaak II) gewezen vonnissen van 2 maart 2011 en 12 maart

  1. 8Het tussenarrest van 29 november 2016 Bij genoemd arrest heeft het hof Eagle in de gelegenheid gesteld te reageren op een berekening van hetgeen Eagle op grond van de LA en ALA 1 tot en met 12 aan [appellante] verschuldigd is. [appellante] had deze berekening overgelegd als productie 6 bij de op 29 december 2015 genomen antwoordmemorie na tussenarrest van 6 oktober
  2. 9Het verdere verloop van de procedure Eagle heeft vervolgens een antwoordakte van 17 januari 2017 genomen. Zij heeft daarbij producties overgelegd. Het hof heeft een datum voor arrest bepaald. Het hof doet recht op bovenvermelde stukken en de stukken van de eerste aanleg. 10De verdere beoordeling 10.
  3. Eagle heeft de door [appellante] gespecificeerde hoofdsommen, die in 2005 en 2006 ten titel van geldlening zijn verstrekt, niet gemotiveerd weersproken (productie 6 bij antwoordmemorie na tussenarrest van 6 oktober 2015): - 24 februari 2005 LA € 1.000.000 - 16 juni 2005 ALA 1 € 450.000 - 19 juli 2005 ALA 2 € 1.000.000 - 18 augustus 2005 ALA 3 € 1.000.000 - 19 november 2005 ALA 4 € 1.000.000 totaal: € 4.450.000 - 21 februari 2006 ALA 5 € 150.000 - 10 april 2006 ALA 6 € 2.000.000 - 20 juni 2006 ALA 7 € 100.000 - 24 augustus 2006 ALA 8 € 500.000 - 5 september 2006 ALA 9 € 500.000 - 27 september 2006 ALA 10 € 1.000.000 - 19 oktober 2006 ALA 11 € 1.000.000 - 20 oktober 2006 (ALA 11) € 500.000 - 21 december 2006 ALA 12 € 100.000 totaal: € 5.850.
  4. Deze uitgeleende bedragen zijn in het tussenarrest van 29 november 2016 aangeduid als LA en ALA 1 tot en met
  5. De stelling van Eagle dat sprake is van discrepanties tussen de oorspronkelijke vordering en voornoemde productie 6 doet niet ter zake. Deze stelling betreft niet de hoofdsommen die in 2005 en 2006 ten titel van geldlening zijn verstrekt. Eagle wordt dan ook niet gevolgd in haar betoog dat [appellante] niet zou hebben voldaan aan zijn stelplicht. Nu Eagle de omvang van bovenstaande posten onvoldoende onderbouwd heeft betwist, staan deze vast en is er geen plaats voor het leveren van tegenbewijs. 10.
  6. [appellante] heeft daarnaast in zijn specificatie posten (hoofdsommen) genoemd die als volgt zijn omschreven: - 6 juni 2007 Minardi $500.000,- € 370.837 - 30 augustus 2007 Minardi $250.000,- € 183.837 - 19 september 2007 Minardi $250.000,- € 179.417 - 1 november 2007 Minardi $250.000,- € 173.539 - 26 november 2007 Lux Classique € 25.000 - 28 november 2007 4S3 Marketing ( [naam] ) € 15.
  7. [appellante] heeft, ondanks het verzoek van het hof in het tussenarrest van 6 oktober 2015, niet uitgelegd dat en waarom deze posten op grond van de LA dan wel de ALA 1 tot en met 12 voor toewijzing in aanmerking komen. Een andere grondslag voor dit onderdeel van het gevorderde is ook niet naar voren gebracht. Deze posten komen dan ook niet voor toewijzing in aanmerking. 10.
  8. De hoofdsommen zijn dan ook in totaal € 4.450.000 en € 5.850.
  9. De totale hoofdsom is € 10.300.
  10. Daarop moeten de ontvangen betalingen in mindering worden gebracht: € 250.000 en € 346.112 (aflossing 21 juni 2007 en betaling 18 april 2007), in overeenstemming met voornoemde productie
  11. Het door Eagle genoemde bedrag van € 233.042,59 (datum 15 augustus 2006) is al in de berekening van [appellante] in mindering gebracht. 10.
  12. De door [appellante] gevorderde overeengekomen rente zal tot en met 31 december 2006 (€ 215.799) worden toegewezen, nu de rentespecificatie voldoende is toegelicht en niet gemotiveerd is weersproken. 10.
  13. Vanaf 1 januari 2007 zal geen overeengekomen rente worden toegewezen. [appellante] heeft immers, ondanks de opdracht van het hof, de volgens hem vanaf 1 januari 2007 verschuldigde overeengekomen rente niet voldoende toegelicht. In zijn berekening, overgelegd als voornoemde productie 6, heeft hij in weerwil van het tussenarrest van 6 oktober 2015 hoofdsommen opgenomen die niet voor toewijzing in aanmerking komen (zie 10.2 hiervoor). Deze posten zijn, naar bij gebreke van een toelichting moet worden aangenomen, meegenomen als grondslag voor de renteberekening. Daarom kan het hof niet uitgaan van deze renteberekening. 10.
  14. De wettelijke rente over het toe te wijzen bedrag zal zoals subsidiair gevorderd worden toegewezen vanaf 1 maart 2010 tot de dag der algehele voldoening. 10.
  15. Eagle betoogt in haar laatste akte dat zij bepaalde bedragen, die volgens het tussenarrest van 29 november 2016 aan haar ten titel van geldlening zijn verstrekt, niet heeft ontvangen. Dit betoog is reeds verworpen en voor zover dit nog nieuwe aspecten betreft tardief, en kan daarom verder buiten beschouwing blijven. 10.
  16. Het argument dat Eagle gerechtigd is bedragen in verrekening te brengen is reeds verworpen in het tussenarrest van 29 november
  17. Bovendien is Eagle in het tussenarrest van 29 november 2016 niet in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over de vraag of zij gerechtigd is bepaalde bedragen in verrekening te brengen. Haar opmerkingen daarover in haar laatste akte moeten dan ook om die reden buiten beschouwing blijven. 10.
  18. De afrekening tussen partijen, gelet op de tussenarresten en hetgeen hiervoor is overwogen, is als volgt: te betalen door Eagle € 4.450.000 € 5.850.000 € 215.799 -/- € 250.000 -/- € 346.112 Totaal € 9.919.687 te betalen door [geïntimeerde] (tussenarrest van 6 oktober 2015, 3.33; tussenarrest van 29 november 2016, 6.7.1-6.7.7) 1-2 € 2.500 x 2 € 5.000 3-6, 8, 10, 13 en 15 € 25.000 x 8 € 200.000 7 nihil 9 € 25.000 11-12 € 25.000 x 2 € 50.000 14 € 2.500 16 € 468.750 totaal € 751.250 De wettelijke rente zal zoals gevorderd worden toegewezen vanaf 26 maart
  19. 10.
  20. De conclusie van het voorgaande is dat de grieven slagen en geen verdere bespreking behoeven, dat het bestreden vonnis van 12 maart 2014 moet worden bekrachtigd voor zover het gaat om de vordering van [geïntimeerde] in reconventie en voor het overige moet worden vernietigd, dat het door Eagle in reconventie gevorderde moet worden afgewezen en dat het door [appellante] gevorderde moet worden toegewezen als na te melden. De vordering van [appellante] [geïntimeerde] te veroordelen tot het ter beschikking stellen van documenten waaruit de oorsprong en de omvang van alle verpande sponsorvergoedingen blijken zal worden afgewezen, zoals is overwogen onder 3.50 en 3.51 van het tussenarrest van 6 oktober
  21. [geïntimeerde] en Eagle zullen niet-ontvankelijk worden verklaard in het hoger beroep tegen een comparitievonnis van 2 maart 2011 nu geen grieven zijn aangevoerd tegen dat vonnis. 10.
  22. [geïntimeerde] en Eagle zullen als de in het ongelijk gestelde partijen in de proceskosten in hoger beroep aan de zijde van [appellante] worden veroordeeld: in eerste aanleg in zaak I en in zaak II: - voor exploot dagvaarding € 88,89 en € 83,89, - voor vast recht € 4.951,- en € 4.951,-, en - voor salaris advocaat: - exploten dagvaarding 2 - 2x repliek in conventie en antwoord in reconventie 3 - 2x dupliek in reconventie 1 - comparitie in beide zaken 2 - 3 enquêtezittingen (zaak Eagle) 1½ - conclusie na enquête ½ - pleidooi 2 - akte eisvermeerdering in 1 zaak ½ totaal 12,5 punten x tarief VIII € 3.211,- in hoger beroep - voor exploot dagvaarding € 77,52, - voor vast recht € 5.114,-, - voor salaris advocaat: memorie 1, pleidooi 2, memorie ½, tarief VIII € 4.
  23. 11De uitspraak verklaart [geïntimeerde] en Eagle niet-ontvankelijk in het hoger beroep tegen het vonnis van 2 maart 2011; bekrachtigt het bestreden vonnis van 12 maart 2014 in zaak I en in zaak II, doch alleen voor zover de vorderingen van [geïntimeerde] in reconventie zijn (of de vordering is) afgewezen; vernietigt het bestreden vonnis van 12 maart 2014 in zaak I en in zaak II voor het overige; en opnieuw rechtdoende veroordeelt Eagle € 9.919.687 (negen miljoen negenhonderdnegentienduizend zeshonderdzevenentachtig euro) aan [appellante] te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 maart 2010 tot de dag der algehele voldoening; veroordeelt [geïntimeerde] € 751.250 (zevenhonderdeenenvijftigduizend tweehonderdvijftig euro) aan [appellante] te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 26 maart 2010 tot de dag der algehele voldoening; veroordeelt [geïntimeerde] en Eagle in de proceskosten, tot op heden aan de zijde van [appellante] begroot op € 172,78 voor verschotten, € 9.902,- voor vast recht en € 40.137,50 voor salaris advocaat in eerste aanleg, en in hoger beroep op € 77,52 voor verschotten, € 5.114,- aan vast recht en € 16.030,- voor salaris advocaat, en voor nakosten € 131 indien dit arrest niet wordt betekend dan wel € 199 indien dit arrest wordt betekend; wijst af de vordering in reconventie van Eagle; wijst af het meer of anders gevorderde; verklaart dit arrest uitvoerbaar bij voorraad. Dit arrest is gewezen door mrs. P.M. Arnoldus-Smit, L.S. Frakes en T. Rothuizen-van Dijk en is in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 27 februari
  24. griffier rolraadsheer

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.