Parketnummer : 20-003447-19 Uitspraak : 29 april 2021 TEGENSPRAAK (ex art. 279 Sv) Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof 's-Hertogenbosch gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Limburg, zitting houdende te Maastricht, van 1 november 2019, in de strafzaak met parketnummer 03-119521-19 tegen: [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1969, wonende te [adres] . Hoger beroep Namens de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht. De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis van de politierechter zal bevestigen. Namens de verdachte is primair vrijspraak bepleit en subsidiair is er een strafmaatverweer gevoerd. Vonnis waarvan beroep Het hof kan zich op onderdelen niet met het beroepen vonnis verenigen. Om redenen van efficiëntie zal het hof evenwel het gehele vonnis vernietigen. Tenlastelegging Aan de verdachte is tenlastegelegd dat: 1. hij op of omstreeks 12 april 2019 te Geleen, gemeente Sittard-Geleen terwijl hij wist of redelijkerwijs moest weten dat een op zijn naam gesteld rijbewijs voor een of meer categorieën van motorrijtuigen, te weten categorie B, ongeldig was verklaard en aan hem daarna geen ander rijbewijs voor het besturen van een motorrijtuig van de betrokken categorie of categorieën was afgegeven, op de weg, Urmonderbaan, als bestuurder een motorrijtuig, (personenauto Opel Corsa met kenteken [kenteken] ), van die categorie of categorieën heeft bestuurd; 2. hij op of omstreeks 12 april 2019 te Geleen, gemeente Sittard-Geleen als bestuurder van een motorrijtuig (Personenauto Opel Corsa-C), gekentekend [kenteken] , daarmede heeft gereden op de voor het openbaar verkeer openstaande weg, Urmonderbaan, zonder dat er voor dit motorrijtuig een verzekering overeenkomstig de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen was gesloten en in stand gehouden. De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten of omissies zijn verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging. Bewezenverklaring Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande, dat hij: 1. op 12 april 2019 te Geleen, gemeente Sittard-Geleen terwijl hij wist dat een op zijn naam gesteld rijbewijs voor een of meer categorieën van motorrijtuigen, te weten categorie B, ongeldig was verklaard en aan hem daarna geen ander rijbewijs voor het besturen van een motorrijtuig van de betrokken categorie was afgegeven, op de weg, Urmonderbaan, als bestuurder een motorrijtuig, (personenauto Opel Corsa met [kenteken] ), van die categorie heeft bestuurd; 2. op 12 april 2019 te Geleen, gemeente Sittard-Geleen als bestuurder van een motorrijtuig (Personenauto Opel Corsa-C), gekentekend [kenteken] , daarmede heeft gereden op de voor het openbaar verkeer openstaande weg, Urmonderbaan, zonder dat er voor dit motorrijtuig een verzekering overeenkomstig de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen was gesloten en in stand gehouden. Het hof acht niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hierboven bewezen is verklaard, zodat hij daarvan zal worden vrijgesproken. Bewijsmiddelen De paginanummers die in onderstaande bewijsmiddelen worden genoemd, verwijzen – tenzij anders vermeld – naar pagina’s van het proces-verbaal met documentcode PL2300-2019056393 van de eenheid Limburg District Zuid-West-Limburg basisteam Westelijke Mijnstreek, gesloten 2 mei 2019 (ongenummerd). Elk bewijsmiddel wordt – ook in zijn onderdelen – slechts gebruikt tot bewijs van dat bewezenverklaarde feit, of die bewezenverklaarde feiten, waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft. 1. Het proces-verbaal rijden onder invloed d.d. 2 mei 2019, inhoudende – zakelijk weergegeven – het relaas van [verbalisant 1] en [verbalisant 2] ; Op vrijdag 12 april 2019 om 22:10 uur bevonden wij, [verbalisant 1] en [verbalisant 2] ), ons op de voor het openbaar verkeer openstaande weg, Urmonderbaan, 6167 RD Geleen, binnen de gemeente Sittard-Geleen. Wij waren belast met een verkeerscontrole. Tijdens deze controle werden bestuurders door een politiemotorrijder geselecteerd en naar de controleplaats gebracht. Op bovengenoemde datum, tijd en plaats zag ik, [verbalisant 1] , brigadier, dienstdoende bij Basisteam Westelijke Mijnstreek, Eenheid Limburg, dat de hierna genoemde persoon als bestuurder van een voertuig, personenauto, Opel Corsa-C; Z1.2xe, Nederland, kenteken [kenteken] , dit bestuurde. Ter controle op de naleving van de bij of krachtens de Wegenverkeerswet 1994 gestelde voorschriften heb ik, [verbalisant 1] , de bestuurder zijn voertuig doen stilhouden en een onderzoek ingesteld. Bestuurder van rijbewijsplichtig motorrijtuig zonder rijbewijs Het betrof hier een bestuurder van een motorrijtuig waarvoor voor het besturen een rijbewijs vereist is. Uit controle bleek dat de verdachte een motorrijtuig heeft bestuurd, terwijl zijn rijbewijs ongeldig was verklaard. Bij controle in het bedrijfsprocessensysteem van de politie, bleek dat het rijbewijs van de [verdachte] voornoemd, op 1 september 2015 ongeldig was verklaard. Dit is de verdachte bij aangetekende brief d.d. 25 augustus 2015 medegedeeld. Geen Wam gegevens: Bij controle van het Centrale register WAM, bleek dat op 12 april 2019 geen verzekeringsgegevens in het CRWAM bekend waren. Geen actuele tenaamstelling. Uit de gegevens uit het Centrale Kentekenregister bleek dat er voor het motorrijtuig voorzien van het [kenteken] geen actuele tenaamstelling was. Uit controle in het bedrijfsprocessen systeem van de politie, bleek dat op 1 april 2019 bij de politie aangifte was gedaan van het feit dat door de op dat moment genoemde tenaamgestelde, valse gegevens waren verstrekt om het kenteken op zijn naam te stellen. In deze aangifte gaf hij aan dat hij door een persoon die hij enkel van voornaam kende, was benaderd om tegen betaling het voertuig op zijn naam te zetten. Hij had hier een bedrag van € 20,00 voor ontvangen. Naar aanleiding van deze aangifte is door de RDW zijn tenaamstelling gewist. 2. Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 april 2019, inhoudende – zakelijk weergegeven – het relaas van [verbalisant 3] en [verbalisant 1] : Op vrijdag 12 april 2019, bevond ik mij, [verbalisant 3] , op de Urmonderbaan in Geleen. Ik was in operationeel politie-uniform gekleed en was bezig met een verkeerscontrole. Omstreeks 22.05 uur werd een personenauto, voorzien van kenteken [kenteken] binnengebracht. Dit betrof een grijs kleurige Opel Corsa. Een collega van de Marechaussee, genaamd [verbalisant 4] wachtmeester eerste klas, vroeg de bestuurder van het voertuig om een rij- en kentekenbewijs. Ik hoorde de bestuurder zeggen dat hij deze beide niet bij zich had. Hierop vroeg [verbalisant 4] naar een ander identiteitsbewijs. De bestuurder gaf aan wel een identiteitskaart bij zich te hebben en overhandigde deze. Via de identiteitskaart is de identiteit van de bestuurder vastgesteld, dit betrof [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1969 in [geboorteplaats] . Via de MEOS-telefoon bevroeg ik, [verbalisant 3] , de persoon genaamd [verdachte] . Ik zag dat [verdachte] een ongeldig verklaard rijbewijs had, deze was verlopen sinds 20 september 2017. Daarna bevroeg ik via de MEOS-telefoon het kenteken van het voertuig. Ik zag dat de APK van het voertuig, voorzien van [kenteken] , was verlopen sinds 14 juni 2018. Ook zag ik dat het voertuig, voorzien van [kenteken] , op peildatum niet verzekerd was. 3. Het uittreksel uit het kentekenregistratie en het CR WAM van het betreffende motorrijtuig, gekentekend 01- GJ-KZ, d.d. 12 april 2019 Kenteken [kenteken] Merk OPEL Type CORSA-C; Z1.2XE Kleur GRIJS [chassisnummer] Voertuigcategorie Personenauto, M1 Peildatum 12-04-2019 22:05 uur Verzekering Geen verzekeringsgegevens op peildatum VERLOPEN APK-vervaldatum 14-06-2018 KENTEKENHOUDER Geen actuele tenaamstelling 4. De aangetekende brief van namens de algemeen directeur van het CBR [naam] , Teammanager Vorderingen, divisie Rijgeschiktheid d.d. 25 augustus 2015, inhoudende zakelijk weergegeven; Geachte [verdachte] Op 5 juni 2015 hebben we u een brief gestuurd. In die brief stond dat u een onderzoek naar uw alcoholgebruik moest laten doen. Helaas heeft u dit onderzoek niet, of niet op tijd betaald. U bent dus ook niet onderzocht. Daarom verklaren we uw rijbewijs ongeldig vanaf 1 september 2015. In deze brief leest u waarom we dit besluit genomen hebben en wat dit voor u betekent. Wat is er gebeurd? U moest het onderzoek betalen vóór 14 augustus 2015. Maar u heeft niet betaald. Of u heeft wel betaald, maar het bedrag was niet op tijd bij ons binnen. Waarom is uw rijbewijs ongeldig? U bent verplicht om mee te werken aan het onderzoek. Dat betekent om te beginnen dat u de kosten van het onderzoek op tijd betaalt. U heeft niet, of niet op tijd betaald en bent dus ook niet onderzocht. Volgens de regelgeving moeten wij dan uw rijbewijs ongeldig verklaren. Wat moet u doen? U mag uw rijbewijs niet meer gebruiken. 5. Het proces-verbaal ter zake artikel 9 WvW 1994 (proces-verbaalnummer PL2600/140220191350121836) d.d. 14 februari 2019 en ondertekend door [verbalisant 5] en [verbalisant 6] en de van dat proces-verbaal deel uitmakende ondertekende verklaring van de verdachte inhoudende zakelijk weergegeven; Datum feit 14-02-2019 om 13:50 uur op de Maurislaan te Geleen. Ik, bovengenoemde, verbalisant, zag dat op genoemde dag, datum, tijdstip en plaats als bestuurder reed op genoemde weg/locatie. Verdachte Naam [verdachte] Voorna(a)m(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.