← Nederland

ECLI:NL:GHSHE:2021:1632

GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH Team familie- en jeugdrecht Uitspraak: 3 juni 2021 Zaaknummer: 200.212.545/01 Zaaknummer eerste aanleg: C/04/126275 / FA RK 13-1564 in de zaak in hoger beroep van: [de vrouw] , wonende te [woonplaats] , verzoekster in principaal appel, verweerster in incidenteel appel, hierna te noemen: de vrouw, advocaat: mr. R.M.H.H. Tuinstra te Maastricht tegen [de man] , wonende te [woonplaats] , verweerder in principaal appel, verzoeker in incidenteel appel, hierna te noemen: de man, advocaat: mr. N.H.J. van der Pluijm te Panningen. 21De beschikking d.d. 27 februari 2020 In vervolg op de beschikking van 1 april 2021, herinnert het hof er aan dat het bij beschikking van 27 februari 2020 onder meer het voorschot op de kosten van de deskundige Ir. P.D. Schuitmaker MBA RAB van BB O&F (in deze beschikking verder: de deskundige) heeft bepaald op het door de deskundige begrote bedrag van in totaal € 5.505,50 (inclusief BTW). 22. Het verdere verloop van het geding in hoger beroep en de verdere beoordeling Partijen hebben het voorschot op de aangegeven wijze voldaan. Bij brief van 8 juni 2020, ingekomen bij het hof op 9 juni 2020, heeft de deskundige aan de griffier van het hof, samengevat, bericht dat de behandeling van de zaak door onder meer de omvang van het dossier en de gebleken complexiteit tot dusverre meer tijd heeft gevergd dan verwacht. Hij heeft het hof verzocht een aanvullend voorschot te bepalen – uitgaande van een begroting van achttien extra uren – op € 3.800,-- inclusief BTW. Op 9 juni 2020 heeft de griffier van het hof (de advocaten van) partijen in de gelegenheid gesteld binnen een termijn van veertien dagen te reageren op deze verhoging. De vrouw heeft per brief van 12 juni 2020 aangegeven dat zij kan instemmen met het verzoek van de deskundige tot vaststelling van een aanvullend voorschot, in de hoop en verwachting dat de werkzaamheden binnen de nieuwe begroting kunnen worden uitgevoerd. De man heeft bij brief van 15 juni 2020 aangegeven akkoord te kunnen gaan met het aanvullend voorschot, op voorwaarde dat beide partijen de helfte van dit voorschot in rekening wordt gebracht. De vrouw heeft bij brief van 26 mei 2021 verzocht om zo spoedig mogelijk te beslissen op het verzoek van de deskundige om een aanvullend voorschot vast te stellen. Het hof zal dienovereenkomstig beslissen zoals in het dictum is bepaald. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden. 23De uitspraak Het hof: bepaalt dat voor de kosten van de deskundige een aanvullend voorschot dient te worden voldaan van € 3.800,-- (inclusief BTW), door partijen ieder voor de helft te voldoen; bepaalt dat genoemd voorschot binnen twee weken na heden zal worden voldaan na ontvangst van de nota met betaalinstructies die door het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak zal worden verzonden; bepaalt dat de griffier van dit hof een afschrift van deze beschikking aan de deskundige zal toezenden; houdt iedere verdere beslissing aan. Deze beschikking is gegeven door mrs. G.J. Vossestein, P.P.M. van Reijsen en M.A. Ossentjuk en in het openbaar uitgesproken op 3 juni 2021 door mr. C.D.M. Lamers in tegenwoordigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.