← Nederland

ECLI:NL:GHSHE:2021:25

Parketnummer : 20-000907-19 Uitspraak : 8 januari 2021 TEGENSPRAAK Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof 's-Hertogenbosch gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht, van 12 maart 2019 in de in eerste aanleg gevoegde strafzaken, onder de parketnummers 03-700471-17 en 03-700033-17, 03-866048-18, tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats 1] (Syrië) op [geboortedatum 1] , thans gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting Zaanstad te Westzaan. Hoger beroep De rechtbank heeft de verdachte bij vonnis waarvan beroep vrijgesproken van het onder parketnummer 03-700033-17 onder primair tenlastegelegde, alle overige tenlastegelegde feiten bewezenverklaard en deze gekwalificeerd als: doodslag (parketnummer 03-700471-17, feit 1); moord (parketnummer 03-700471-17, feit 2); poging tot doodslag (parketnummer 03-700471-17, feit 3 primair); poging tot doodslag, gevolgd van een strafbaar feit en gepleegd met het oogmerk om bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf straffeloosheid te verzekeren (parketnummer 03-700471-17, feit 4 primair); mishandeling (parketnummer 03-700471-17, feit 5); zware mishandeling (parketnummer 03-700033-17 subsidiair); mishandeling (parketnummer 03-866048-18). De rechtbank heeft de verdachte strafbaar verklaard en hem veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 jaren, met aftrek van voorarrest. Daarnaast heeft de rechtbank gelast dat de verdachte ter beschikking wordt gesteld met verpleging van overheidswege. Voorts heeft de rechtbank beslist op de vorderingen van de benadeelde partijen. De verdachte en de officier van justitie hebben tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht. De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal vernietigen en, opnieuw rechtdoende: de onder parketnummer 03-700471-17 onder 3 primair tenlastegelegde poging tot moord op [slachtoffer 6] bewezen zal verklaren; ten aanzien van het onder parketnummer 03-700471-17 onder 4 primair impliciet primair tenlastegelegde, conform de in hoger beroep gewijzigde tenlastelegging, bewezen zal verklaren dat de poging tot doodslag op [slachtoffer 7] is voorafgegaan van de moord op [slachtoffer 5] en van de poging tot moord op [slachtoffer 6] om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf straffeloosheid te verzekeren; de overige tenlastegelegde feiten bewezen zal verklaren conform de bewezenverklaring van de rechtbank; de verdachte zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 jaren; de terbeschikkingstelling van de verdachte met verpleging van overheidswege zal gelasten; de gevorderde shockschade van de benadeelde partijen [benadeelde partij 10] , [benadeelde partij 9] en [benadeelde partij 8] zal toewijzen tot een bedrag van € 20.000,00; ten aanzien van de vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 15 (slachtoffer 7)] een hoger bedrag aan shockschade zal toewijzen dan het door de rechtbank toegewezen bedrag van € 15.000,00; ten aanzien van de overige vorderingen van de benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregel conform de rechtbank zal beslissen; de verdachte zal veroordelen in de proceskosten aan de zijde van de benadeelde partijen. De raadsman van de verdachte heeft: ten aanzien van het in de zaak met parketnummer 03-700033-17 primair tenlastegelegde (poging doodslag) en subsidiair tenlastegelegde (zware mishandeling) primair bepleit dat het hof de verdachte zal ontslaan van alle rechtsvervolging omdat hem een beroep toekomt op noodweer dan wel noodweerexces; subsidiair vrijspraak bepleit van het onder parketnummer 03-700033-17 primair tenlastegelegde en zich gerefereerd aan het oordeel van het hof ten aanzien van het onder dat parketnummer subsidiair tenlastegelegde; ten aanzien van het in de zaak met parketnummer 03-866048-18 tenlastegelegde (mishandeling) bepleit dat het hof de verdachte zal ontslaan van alle rechtsvervolging omdat hem een beroep toekomt op (putatief) noodweer; ten aanzien van het in de zaak met parketnummer 03-700471-17 onder 1 tenlastegelegde (moord) bepleit dat het hof de verdachte zal ontslaan van alle rechtsvervolging omdat hem een beroep toekomt op noodweer dan wel noodweerexces; vrijspraak bepleit van het in de zaak met parketnummer 03-700471-17 onder 2 impliciet primair tenlastegelegde (moord) en zich op het standpunt gesteld dat het onder 2 impliciet subsidiair tenlastegelegde (doodslag) bewezen kan worden verklaard; vrijspraak bepleit van het in de zaak met parketnummer 03-700471-17 onder 3 primair tenlastegelegde (poging tot moord) en van het onder 3 subsidiair impliciet primair tenlastegelegde (gekwalificeerde poging tot doodslag) en zich gerefereerd aan een bewezenverklaring van het onder 3 subsidiair impliciet subsidiair tenlastegelegde (poging tot doodslag); vrijspraak bepleit van de in de zaak met parketnummer 03-700471-17 onder 4 primair tenlastegelegde (gekwalificeerde) poging tot doodslag; partiële vrijspraak bepleit van het in de zaak met parketnummer 03-700471-17 onder 5 tenlastegelegde, met dien verstande dat niet kan worden bewezen dat verdachte [slachtoffer 3] met een hard voorwerp in het gezicht heeft geslagen; ten aanzien van de bewezenverklaarde en strafbaar geachte feiten onder de parketnummers 03-700471-17 en 03-866048-18 bepleit dat deze feiten verdachte niet kunnen worden toegerekend, zodat hij daarvoor niet strafbaar is en van alle rechtsvervolging dient te worden ontslagen; ten aanzien van het onder parketnummer 03-700033-17 subsidiair tenlastegelegde subsidiair, indien het hof van oordeel is dat verdachte geen beroep op noodweer toekomt, een strafmaatverweer gevoerd; bepleit dat het hof geen maatregel tot terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege zal gelasten, maar in plaats daarvan een maatregel tot terbeschikkingstelling met voorwaarden zal gelasten; bepleit dat het hof de benadeelde partijen [slachtoffer 1] en [benadeelde partij 2 (slachtoffer 2)] niet-ontvankelijk zal verklaren in hun vorderingen tot schadevergoeding; bepleit dat het hof het door de rechtbank toegewezen bedrag aan schadevergoeding aan de benadeelde partij [benadeelde partij 3 (slachtoffer 3)] ad € 650,00 zal matigen; ten aanzien van de overige vorderingen tot schadevergoeding van de benadeelde partijen zal beslissen conform de rechtbank; verzocht dat het hof af zal zien van oplegging van de schadevergoedingsmaatregel dan wel de vervangende gijzeling zal beperken tot één dag. Vonnis waarvan beroep Het beroepen vonnis zal worden vernietigd reeds omdat in hoger beroep de tenlastelegging – en aldus de grondslag van het onderzoek – is gewijzigd. Tenlastelegging Aan de verdachte is – na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg en in hoger beroep – tenlastegelegd dat: Parketnummer 03-700471-17: 1. hij op of omstreeks 14 december 2017 in de gemeente Maastricht [slachtoffer 4] opzettelijk en met voorbedachte raad, te weten opzettelijk en na kalm beraad en rustig overleg, de keel heeft doorgesneden en/of (meermalen) in het hoofd en/of (meermalen) in het lichaam heeft gestoken, tengevolge waarvan die [slachtoffer 4] is overleden; 2.hij op of omstreeks 14 december 2017 in de gemeente Maastricht [slachtoffer 5] opzettelijk en met voorbedachte raad, te weten opzettelijk en na kalm beraad en rustig overleg, heeft doodgestoken;3. primairhij op of omstreeks 14 december 2017 in de gemeente Maastricht ter uitvoering van het door hem, verdachte, voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 6] opzettelijk en met voorbedachte raad van het leven te beroven, met dat opzet en na kalm beraad en rustig overleg (meermalen) met een mes in het gezicht/hoofd van die [slachtoffer 6] heeft gestoken en/of gesneden en/of (meermalen) in de hals/schouder, althans in het lichaam van die [slachtoffer 6] heeft gestoken en/of gesneden en/of (nog) meermalen met dat mes in zijn, verdachtes, hand(

  1. en)in de richting van die [slachtoffer 6] heeft gestoken en/of geslagen en/of met dat mes in zijn, verdachtes, hand(
  2. en)slaande en/of hakkende bewegingen heeft gemaakt in de richting van (het hoofd en/of het lichaam van) die [slachtoffer 6] , terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; 3. subsidiairhij op of omstreeks 14 december 2017 in de gemeente Maastricht ter uitvoering van het door hem, verdachte, voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 6] opzettelijk van het leven te beroven, met dat opzet (meermalen) met een mes in het gezicht/hoofd van die [slachtoffer 6] heeft gestoken en/of gesneden en/of (meermalen) in de hals/schouder, althans in het lichaam van die [slachtoffer 6] heeft gestoken en/of gesneden en/of (nog) meermalen met dat mes in zijn, verdachtes, hand(
  3. en)in de richting van die [slachtoffer 6] heeft gestoken en/of geslagen en/of met dat mes in zijn, verdachtes, hand(
  4. en)slaande en/of hakkende bewegingen heeft gemaakt in de richting van (het hoofd en/of het lichaam van) die [slachtoffer 6] , terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid, welke poging tot doodslag werd gevolgd, vergezeld en/of voorafgegaan van enig strafbaar feit, te weten de moord/doodslag op [slachtoffer 5] , en welke poging tot doodslag werd gepleegd met het oogmerk om de uitvoering van dat feit voor te bereiden, gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf straffeloosheid te verzekeren; 3. meer subsidiair hij op of omstreeks 14 december 2017 in de gemeente Maastricht aan [slachtoffer 6] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel (te weten ernstig en blijvend letsel in en/of aan het gezicht) heeft toegebracht door deze [slachtoffer 6] (meermalen) met een mes in het gezicht/hoofd te steken en/of te snijden en/of door deze [slachtoffer 6] (meermalen) met een mes in de hals/schouder, althans in het lichaam te steken en/of te snijden; 4. primairhij op of omstreeks 14 december 2017 in de gemeente Maastricht ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 7] opzettelijk van het leven te beroven, met dat opzet met een mes in het gezicht/hoofd van deze [slachtoffer 7] heeft gestoken en/of gesneden en/of (nog) meermalen met dat mes in zijn, verdachtes, hand(
  5. en)in de richting van die [slachtoffer 7] heeft gestoken en/of geslagen en/of met dat mes in zijn, verdachtes, hand(
  6. en)slaande en/of hakkende bewegingen heeft gemaakt in de richting van (het hoofd en/of het lichaam van) die [slachtoffer 7] , terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid, welke poging tot doodslag werd gevolgd, vergezeld en/of voorafgegaan van enig strafbaar feit, te weten de moord/doodslag op [slachtoffer 5] en/of de poging tot moord dan wel de poging tot (gekwalificeerde) doodslag dan wel de zware mishandeling op [slachtoffer 6] , en welke poging tot doodslag werd gepleegd met het oogmerk om de uitvoering van dat feit voor te bereiden, gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf straffeloosheid te verzekeren; 4. subsidiairhij op of omstreeks 14 december 2017 in de gemeente Maastricht ter uitvoering van het door hem, verdachte, voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer 7] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet met een mes in het gezicht/hoofd van deze [slachtoffer 7] heeft gestoken en/of gesneden en/of (nog) meermalen met dat mes in zijn, verdachtes, hand(
  7. en)in de richting van die [slachtoffer 7] heeft gestoken en/of geslagen en/of met dat mes in zijn, verdachtes, hand(
  8. en)slaande en/of hakkende bewegingen heeft gemaakt in de richting van (het hoofd en/of het lichaam van) die [slachtoffer 7] , terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; 5.hij op of omstreeks 14 december 2017 in de gemeente Maastricht [slachtoffer 3] heeft mishandeld door deze [slachtoffer 3] meermalen, althans eenmaal, met kracht (met een vuist/hand met daarin een blikje, althans een hard voorwerp) in/tegen het gezicht/hoofd te slaan en/of stompen; Parketnummer 03-700033-17: primair.hij op of omstreeks 20 januari 2017 in de gemeente Maastricht ter uitvoering van het door hem, verdachte, voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 1] opzettelijk van het leven te beroven, met dat opzet die [slachtoffer 1] met een mes (in diens been) heeft gestoken en/of met een mes meerdere, althans een, stekende beweging(
  9. en)in de richting van (het lichaam van) die [slachtoffer 1] heeft gemaakt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; subsidiair.hij op of omstreeks 20 januari 2017 in de gemeente Maastricht aan [slachtoffer 1] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel, te weten (blijvend en/of langdurig letsel in en aan (spieren en/of pezen
  10. in)een been), heeft toegebracht door die [slachtoffer 1] met een mes (in diens been) te steken; meer subsidiair. hij op of omstreeks 20 januari 2017 in de gemeente Maastricht ter uitvoering van het door hem, verdachte, voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer 1] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet die [slachtoffer 1] met een mes (in diens been) heeft gestoken en/of met een mes meerdere, althans een, stekende beweging(
  11. en)in de richting van (het lichaam van) die [slachtoffer 1] heeft gemaakt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; meest subsidiair. hij op of omstreeks 20 januari 2017 in de gemeente Maastricht [slachtoffer 1] heeft mishandeld door hem met een mes (in diens been) te steken; Parketnummer 03-866048-18: hij op of omstreeks 12 december 2017 in de gemeente Maastricht [slachtoffer 2] heeft mishandeld door hem (met kracht) op het hoofd te slaan en/of stompen. De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten of omissies zijn verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging. Vrijspraken Parketnummer 03-700033-17 primair: Het hof is, met de rechtbank, de advocaat-generaal en de raadsman, van oordeel dat uit het onderzoek onvoldoende is gebleken dat er door het op [slachtoffer 1] uitgeoefende geweld (het met een mes in het bovenbeen steken) een aanmerkelijke kans op dodelijk letsel heeft bestaan. Om die reden kan naar het oordeel van het hof niet worden bewezen dat verdachte de onder parketnummer 03-700033-17 primair tenlastegelegde poging tot doodslag heeft begaan, zodat hij daarvan zal worden vrijgesproken. Parketnummer 03-700471-17 onder 1 impliciet primair: Het hof is, met de rechtbank, de advocaat-generaal en de raadsman, van oordeel dat aan het dossier onvoldoende aanknopingspunten zijn te ontlenen op grond waarvan kan worden bewezen dat verdachte met voorbedachte raad [slachtoffer 4] van het leven heeft beroofd. De verdachte dient derhalve van de onder parketnummer 03-700471-17 impliciet primair tenlastegelegde moord te worden vrijgesproken. Parketnummer 03-700471-17 onder 5: Het hof is – met de raadsman – van oordeel dat niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat verdachte [slachtoffer 3] met een hard voorwerp heeft geslagen. Het hof zal verdachte derhalve van dat onderdeel van het onder parketnummer 03-700471-17 onder 5 tenlastegelegde vrijspreken. Bewezenverklaring Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het in de zaak met parketnummer 03-700471-17 onder 1 impliciet subsidiair, 2 impliciet primair, 3 primair, 4 primair impliciet primair en 5 en in de zaak met parketnummer 03-700033-17 subsidiair en in de zaak met parketnummer 03-866048-18 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande, dat: Parketnummer 03-700471-17: 1.hij op 14 december 2017 in de gemeente Maastricht [slachtoffer 4] opzettelijk de keel heeft doorgesneden en meermalen in het hoofd en in het lichaam heeft gestoken, ten gevolge waarvan die [slachtoffer 4] is overleden; 2.hij op 14 december 2017 in de gemeente Maastricht [slachtoffer 5] opzettelijk en met voorbedachte raad, te weten opzettelijk en na kalm beraad en rustig overleg, heeft doodgestoken; 3. primairhij op 14 december 2017 in de gemeente Maastricht ter uitvoering van het door hem, verdachte, voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 6] opzettelijk en met voorbedachte raad van het leven te beroven, met dat opzet en na kalm beraad en rustig overleg meermalen met een mes in het gezicht/hoofd van die [slachtoffer 6] heeft gestoken en gesneden en meermalen in de hals van die [slachtoffer 6] heeft gestoken en/of gesneden en/of (nog) meermalen met dat mes in zijn, verdachtes, hand(
  12. en)in de richting van die [slachtoffer 6] heeft gestoken en/of geslagen en/of met dat mes in zijn, verdachtes, hand(
  13. en)slaande en/of hakkende bewegingen heeft gemaakt in de richting van (het hoofd en/of het lichaam van) die [slachtoffer 6] , terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; 4. primairhij op 14 december 2017 in de gemeente Maastricht ter uitvoering van het door hem, verdachte, voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 7] opzettelijk van het leven te beroven, met dat opzet met een mes in het hoofd van deze [slachtoffer 7] heeft gestoken en/of (nog) meermalen met dat mes in zijn, verdachtes, hand(
  14. en)in de richting van die [slachtoffer 7] heeft gestoken en/of geslagen en/of met dat mes in zijn, verdachtes, hand(
  15. en)hakkende bewegingen heeft gemaakt in de richting van (het hoofd en/of het lichaam van) die [slachtoffer 7] , terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid, welke poging tot doodslag werd voorafgegaan van enig strafbaar feit, te weten de moord op [slachtoffer 5] en de poging tot moord op [slachtoffer 6] , en welke poging tot doodslag werd gepleegd met het oogmerk om bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf straffeloosheid te verzekeren; 5.hij op 14 december 2017 in de gemeente Maastricht [slachtoffer 3] heeft mishandeld door deze [slachtoffer 3] met kracht met een vuist in het gezicht te slaan; Parketnummer 03-700033-17: Subsidiair:hij op of omstreeks 20 januari 2017 in de gemeente Maastricht aan [slachtoffer 1] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel, te weten langdurig letsel in en aan een been, heeft toegebracht door die [slachtoffer 1] met een mes in diens been te steken; Parketnummer 03-866048-18: hij op 12 december 2017 in de gemeente Maastricht [slachtoffer 2] heeft mishandeld door hem met kracht op het hoofd te slaan; Het hof acht niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hierboven bewezen is verklaard, zodat hij daarvan zal worden vrijgesproken. Bewijsmiddelen Elk bewijsmiddel wordt – ook in zijn onderdelen – slechts gebruikt tot bewijs van dat bewezenverklaarde feit, of die bewezenverklaarde feiten, waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft. Parketnummer 03-700033-17 (zware mishandeling op [slachtoffer 1] ): 1. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 20 januari 2017, dossierpagina’s 1062-1063, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1062) Op 20 januari 2017 omstreeks 13.30 uur hoorden wij portofonisch dat er meerdere noodhulppatrouilles werden aangestuurd om naar de [straatnaam 1] te Maastricht te gaan, alwaar een persoon zou zijn neergestoken. Omstreeks 13.35 uur kwamen wij ter plaatse. Wij zagen dat het slachtoffer [slachtoffer 1] op de grond lag. Wij zagen dat er onder en rondom het slachtoffer een grote bloedvlek lag. Wij zagen dat de jeansbroek van de verdachte doordrenkt was met bloed. Ik, [verbalisant 2] , knipte de broekspijp open van het gewonde been. Ik zag dat het been helemaal rood was van het bloed en ik zag bloed uit het been stromen. Hierop duwde ik de wond dicht, in afwachting van de ambulance. Ik, [verbalisant 1] , werd aangesproken door een omstander, de nader te noemen getuige [getuige 1] . Deze persoon deelde mij mede dat hij had gezien dat het slachtoffer werd neergestoken. Ik hoorde dat de getuige mededeelde dat hij de dader kende. Hij zou [voornaam verdachte] heten en op de [straatnaam 2] in Maastricht zou wonen. Wij brachten omstreeks 14.05 uur de getuige [getuige 1] over naar het politiebureau teneinde een getuigenverklaring van hem op te nemen. Ik, [verbalisant 1] , vroeg in welke richting de verdachte was gevlucht. Wij zagen dat de getuige in de richting van de [straatnaam 3] wees. Wij reden in de richting van het politiebureau. Hierbij reed ik via de vluchtrichting van de verdachte zodat wij deze mogelijk nog konden traceren. Toen wij omstreeks 14.10 uur via de [straatnaam 4] de [straatnaam 5] in reden, hoorden wij dat de getuige zei dat hij de verdachte van de steekpartij zag lopen en hierbij wees hij naar een aldaar lopend persoon. Ik, [verbalisant 1] , bracht ons dienstvoertuig tot stilstand en wij zagen dat de verdachte wegrende. Wij renden achter de verdachte aan. Wij zagen dat de verdachte net na de [straatnaam 6] op de [straatnaam 7] bij struiken stil bleef staan. Wij zagen dat de verdachte zich naar (dossierpagina 1063) ons omdraaide en ons met een verwilderde blik aankeek. Wij zagen dat de verdachte een hand in zijn jaszak hield. Hierop sommeerde ik, [verbalisant 1] , op een niet mis te verstane wijze aan de verdachte zijn handen te tonen. Wij zagen dat de verdachte hier niet direct aan voldeed. Ik, [verbalisant 1] , had een vermoeden dat de verdachte mogelijk een wapen in zijn jaszak vasthield en pakte mijn dienstpistool vast dat in het holster zat. Hierop riep ik nogmaals luid: 'politie, laat je handen zien'. Wij zagen dat de verdachte zijn hand uit zijn jaszak haalde en dat hij een mes vasthield. Wij zagen dat de verdachte een stap in onze richting zette terwijl hij het mes nog in zijn hand vasthield. Wij stonden op het punt om ons pistool uit het holster te trekken. Vervolgens zagen wij dat de verdachte het mes toch op de grond liet vallen. Hierna konden wij de verdachte vastpakken en naar de grond brengen. Wij bleven ter plaatse in afwachting van de medewerker van de forensische opsporing. Het mes werd door een medewerker van de forensische opsporing gefotografeerd en veiliggesteld. 2. Een proces-verbaal van aanhouding d.d. 20 januari 2017 te 14.10 uur, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] , dossierpagina’s 1146-1147, voor zover inhoudende: (dossierpagina 1146) Op 20 januari 2017 omstreeks 14.10 uur hielden wij op de [straatnaam 6] te Maastricht als verdachte aan: [verdachte] , geboren op [geboortedatum 1] in [geboorteplaats 1] (Syrië). 3. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 20 januari 2017, dossierpagina 1137, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 3] en [verbalisant 4] , voor zover inhoudende: Naar aanleiding van een steekpartij nabij de moskee aan de Nobellaan, waarvan het slachtoffer was overgebracht, naar het AZM te Maastricht, kregen wij van de dienstdoende operationeel expert de opdracht te rijden naar de spoedeisende hulp van het AZM, met het verzoek het slachtoffer kort te horen omtrent het gebeuren. Bij de eerste hulp hoorden wij een persoon die ons opgaf te zijn [slachtoffer 1] , geboren te [geboortedatum 2] . Van deze persoon namen wij een aangifte op. 4. Een proces-verbaal van aangifte d.d. 20 januari 2017 te 14.50 uur, dossierpagina’s 1134-1136, betreffende de verklaring van [slachtoffer 1] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1134) Op 20 januari 2017 ging ik naar de moskee. Daar kwam [voornaam verdachte] bij mij. Ik ging samen met hem naar buiten. We liepen verder naar een grasveld. Plotseling pakte [voornaam verdachte] een mes, voor uit zijn broeksband. Het was een mes van ongeveer 25 centimeter lang. (dossierpagina 1135) Hij had het mes vast in zijn rechterhand. Er ontstond een worsteling waarbij ik [voornaam verdachte] bij zijn nek probeerde vast te pakken. Toen ik [voornaam verdachte] bij zijn nek in een verwurging had, lag ik op de grond. Hierbij lag [voornaam verdachte] met zijn rug naar mij. Terwijl ik op de grond lag met [voornaam verdachte] , zag ik zijn rechterarm een paar maal in mijn richting bewegen. Ik zag op een gegeven moment bloed. Ik realiseerde mij toen dat ik gestoken was door [voornaam verdachte] . Op dat moment zag ik [getuige 1] (het hof begrijpt: getuige [getuige 1] ) staan. Ik riep [getuige 1] om hulp. Ik zei tegen [getuige 1] dat [voornaam verdachte] een mes had. [getuige 1] kwam toen en greep [voornaam verdachte] vast. Ik ben toen weggerend. 5. Een proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 20 januari 2017 te 14.45 uur, dossierpagina’s 1184-1186, betreffende de verklaring van [getuige 1] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1185) Wij hadden net de moskee verlaten en ik zag die twee personen samen lopen. Ik liep achter hen. Ze liepen richting het parkje, daar waar de auto stond. Ik zag dat ze begonnen te vechten. [slachtoffer 1] riep naar mij: “Kom snel, kom snel, hij heeft een mes en probeert mij te steken.”. Toen ik bij hem aan kwam zag ik dat [slachtoffer 1] gestoken was. Ik zag dat ze beiden op de grond lagen. Ik zag het mes in de hand van de andere persoon. Ik pakte het mes uit zijn handen. Ik zei dat hij het mes moest loslaten en ik gaf hem een klap op zijn hand en op een gegeven moment liet hij het mes los. Het was een normaal keukenmes. Daarna stond hij op, pakte het mes en liep weg. Die persoon heet [voornaam verdachte] . 6. Een proces-verbaal van bevindingen mes d.d. 21 januari 2017, met bijlagen, dossierpagina’s 1194-1196, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 5] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1194) Door verbalisanten van de afdeling Forensische Opsporing van de politie, Eenheid Limburg, werd een mes veiliggesteld dat de verdachte [verdachte] bij zich had ten tijde van zijn aanhouding. Hier zijn fotografische opnames van gemaakt, welke als bijlagen bij dit proces-verbaal zijn gevoegd (hof: dossierpagina’s 1195-1196). 7. Een fotoprint van het veiliggestelde mes, behorende bij voornoemd proces-verbaal van bevindingen mes, dossierpagina 1195, waarop het hof waarneemt dat het een soortgelijk mes betreft als genoemd in bewijsmiddel 8, met een totale lengte van ongeveer 20 centimeter, dat het mes is voorzien van een groen handvat en dat op het lemmet – wit van kleur en met een lengte van ongeveer 8 centimeter – het opschrift “Paring” in zwarte letters staat vermeld. 8. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 10 maart 2017 met fotobijlagen, dossierpagina’s 1197-1199, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 5] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1197) Op 22 januari 2017 werd er een doorzoeking verricht in de woning van de verdachte [verdachte] aan de [adres 4] te Maastricht. Tijdens de doorzoeking werd in de keuken een keramisch mes aangetroffen, voorzien van een grijs handvat. Op het lemmet, wit van kleur, was het opschrift “Utility” zichtbaar. Dit mes toont qua uiterlijk en vormgeving veel gelijkenis met het mes welke was achtergebleven op de plaats delict (het hof begrijpt: (…) met het mes dat verdachte bij zijn aanhouding op de grond heeft laten vallen.). Van beide messen zijn fotografische opnames gemaakt en deze zijn als bijlagen bij dit proces-verbaal gevoegd (het hof: dossierpagina 1198). 9. Een proces-verbaal van bevindingen doorzoeking d.d. 24 januari 2017, dossierpagina 1206, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 6] en [verbalisant 7] , voor zover inhoudende: Op 24 januari 2017 hebben wij een onderzoek verricht in de woning gelegen aan de [adres 1] te Maastricht. Dit betreft de woning van [slachtoffer 1] . In de woning werden geen ter zake dienende goederen aangetroffen. 10. Een proces-verbaal van bevindingen inzake keramisch mes d.d. 8 februari 2019, los opgenomen in het dossier, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 8] en [verbalisant 9] , voor zover inhoudende: Op verzoek van officier van justitie mr. [officier van justitie] zijn wij naar het adres [adres 2] Maastricht gegaan. Op 8 februari 2019 waren wij ter plaatse. We werden te woord gestaan door [partner benadeelde partij 1] , de partner van [slachtoffer 1] . Door ons werd een onderzoek ingesteld naar de in de woning aanwezige keukenmessen. Er werden alleen roestvrij stalen keukenmessen aangetroffen. We hebben [partner benadeelde partij 1] gevraagd of zij in het verleden andere messen had gehad. Ze antwoordde dat zij nooit andere messen had gehad. Op de vraag of ze ooit keramische messen in huis had gehad, antwoordde ze dat ze deze nooit in haar woning had gehad. 11. Een proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 22 januari 2017, dossierpagina’s 1161-1168, betreffende de verklaring van de verdachte, voor zover inhoudende: (dossierpagina 1164) Ik zag de verwonding aan zijn been. (dossierpagina 1165) Ik zag het bloed uit het been van [slachtoffer 1] komen. Ik hoorde dat [slachtoffer 1] [getuige 1] (het hof begrijpt: [getuige 1] ) riep voor hulp. Ik zag dat [getuige 1] met versnelde pas onze kant uit kwam lopen. (…) Ik stond op en liep naar de plek waar het mes lag. Ik kon het mes oprapen. Vervolgens liep ik weg van hen. V: Waar was het mes toen je wegrende?A: In mijn rechterhand. (dossierpagina 1166) V: Heb jij soortgelijke messen in jouw woning? A: Ik heb een groter en een iets kleiner mes zoals deze. Deze messen kun je bij de Action kopen. Ik weet dat een wit is en de andere grijs. Het is van hetzelfde merk en dezelfde vorm. 12. Een geschrift, te weten een geneeskundige verklaring met medische informatie betreffende [slachtoffer 1] , opgesteld en ondertekend door een arts op 1 februari 2017, dossierpagina 1145, voor zover inhoudende: A. Omschrijving van het letsel: 2x steekverwonding linker been met vaat- en zenuwletsel. Is er sprake van uitwendig bloedverlies? Ja, ernstig en shock. B. Is er vermoeden van niet uitwendig waarneembaar letsel? Ja. Is er vermoeden van inwendig bloedverlies? Ja. D. Datum waarop voornoemde persoon werd onderzocht: 20 januari 2017. E. Overige van belang zijnde informatie (operaties, blijvend letsel): Angiografie, exploratie vaat- zenuwletsel F. Geschatte duur van de genezing: Onbekend. 13. Een geschrift, te weten een brief d.d. 24 januari 2017 van Gezp Heelkunde drs. [persoon 7] , welke brief als bijlage 2A is gevoegd bij het schadeonderbouwingsformulier van [slachtoffer 1] , los opgenomen in het dossier, voor zover inhoudende: De heer [slachtoffer 1] is van 20 januari 2017 tot 25 januari 2017 opgenomen geweest. Reden opname: Twee steekverwondingen aan linker bovenbeen en knieholte met vaat- en zenuwletsel. Operaties: 20 januari 2017 Overhechten v poplitea en hechten n. tibialis links 21 januari 2017 Uitruimen hematoom linker bovenbeen letsel m. vastus lateralis, hemostase en sluiten fascie vastus lateralis. 14. Een geschrift, te weten een brief d.d. 8 februari 2017 van consulterend arts [naam arts] gericht aan dr. [arts] , welke brief als bijlage 2A is gevoegd bij het schadeonderbouwingsformulier van [slachtoffer 1] , los opgenomen in het dossier, voor zover inhoudende: Uw patiënt werd op 8 februari 2017 op de SEH gezien. Patiënt is op 20 januari 2017 opgenomen in verband met 2 steekverwondingen in het linker bovenbeen. Op de OK werden de wonden geëxploreerd en was er een bloeding in het diepe veneuze systeem welke overhecht is en het perineurineum is geapproximeerd en gehecht. Nadien had patiënt hypoesthesie van de voet links. Nu is hij hier omdat hij ter plekke van de hypoesthesie stekende pijnen heeft. Hij kan hier niet door slapen. - Naar huis - Oxycodon 10 mg lang + 5 mg kort mee voor 5 dagen - Indien geen effect hiervan, poli traumatologie voor opstart gabapentine - Uitgebreid uitleg gegeven over dat herstel lang zal gaan duren. 15. Een geschrift, te weten de decursusgegevens van [slachtoffer 1] van het AZM Maastricht, als bijlage 2A gevoegd bij het schadeonderbouwingsformulier van [slachtoffer 1] , los opgenomen in het dossier, voor zover inhoudende: (…) Datum Anamnese en onderzoek Aangelegd door 18-04-2017 Anamnese: Heeft nog steeds pijnklachten. Als hij langer dan 20 meter loopt, bemerkt hij dat de pijnklachten toenemen, heeft dan ook het idee minder kracht te kunnen zetten met de linkervoet. Heeft hier veel last van. Pijn is gelokaliseerd ter plaatse van de laterale zijde van de linkervoet en de enkel. Gebruikt nog tweemaal daags 600 mg gabapentine. Drs. A.F. Wolters (neurologie) 01-06-2017 C: Pt werd afgelopen nacht wederom wakker van heftige kramp in li onderbeen (…) Drs. B.M.M. Lousberg (Anaesthesiologie) 14-06-2017 Behandeling dagcentrum chronische pijn: Interventionele behandeling (…) Toegediende medicatie: 1 ml chiro 0,75 met 40 mg kenakort (…) Drs. A.L. Liem (anaesthesiologie) 27-11-2017 Uitslag MRI knie li besproken: groot posttraumatische (excentrisch) neuroom van de n. tibialis (…) Drs. B.M.M. Lousberg (Anaesthesiologie) 05-07-2018 Blijft met name bij belasten been bij lopen last houden van uitstralende pijn in tibialisgebied tot in de suralis (li voetrand) Ziet weinig vooruitgang in vermindering pijnklacht. Wil zijn leven weer oppakken, pijn zuigt echter energie uit hem (… Drs. B.M.M. Lousberg (Anaesthesiologie) 24-07-2018 Samenvatting: Pt is bij ons bekend met een posttraumatische tibialisneuroom li na steekwond met tibialisletsel in januari 2017. Verrichte interventies: 14-06-2017 prognostisch suralisblok li, tijdelijk 60% minder pijn in li onderbeen. 12-10-2017: PRF n. suralis li. Weinig effect. 07-12-2017: PRF n. tibialis li. 20% pijnreductie. 17-04-2018: PRF n. tibialis li (…) 20 % pijn reductie. Medicamenteus: - gabapentine als dagelijkse pijnmedicatie opgehoogd naar 3 dd 600 mg - tramadol/paracetamol (…) Drs. B.M.M. Lousberg (Anaesthesiologie) 16. Een geschrift, te weten een brief d.d. 23 januari 2019 van [manueel therapeut] (manueel therapeut MSc.) aan [slachtoffer 1] , welke brief als bijlage 2B is gevoegd bij het schadeonderbouwingsformulier van [slachtoffer 1] , los opgenomen in het dossier, voor zover inhoudende: (…) Anamnese : 20 januari 2017 steekincident, partiële leasie n. tibialis en veneus letsel in knie li; middels meerdere operatieve ingrepen is letsel hersteld; 5 dagen opgenomen geweest in het ziekenhuis; veel pijn aan de enkel en been, gecombineerd; sensibiliteitsstoornis onder de hak en laterale zijde van de voet; zeer zwaar/pijnlijk gevoel in de li kuit/knieholte; kracht in het linkerbeen is volledig verzwakt zegt hij; lopen is zeer lastig, knie buigen en strekken is lastig. (Manueel) therapeutisch onderzoek - arthrogeen: art. genus flexie 100g/sterk beperkt; - myogeen: verminderde spierkracht en stabiliteit onderste extremiteit re; - neurogeen: partieel n. tibialis leasie en veneuze leasie li; - VAS 90. Conclusie: Verminderde arthrogene- myogene mobiliteit en spierkracht na steekincident waardoor pijn VAS 90 en verstoord gangbeeld. Therapie Sinds 9 februari 2017 is meneer 13x behandeld. In onderling overleg hebben we de fysiotherapeutische behandeling per 27 maart 2017 beëindigd. Parketnummer 03-866048-18 (mishandeling van [slachtoffer 2] ): 17. Een proces-verbaal van aangifte d.d. 12 december 2017, dossierpagina’s 1032-1033, betreffende de verklaring van [slachtoffer 2] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1032) Op 12 december 2017 omstreeks 22.00 uur bevond ik mij in de sportschool [naam sportschool] aan de [adres 3] te Maastricht. Ik zag dat een man, die ik wel eens eerder heb gezien, genaamd [verdachte] , langdurig naar mij staarde. Ik vroeg de man vervolgens wat er aan de hand was, waarom hij naar me staarde. Hierop ontstond een woordenwisseling en liep hij in een agressieve houding naar mij toe. Hierna ontstond een opstootje tussen ons tweeën. Ik zag en voelde dat de man mij eenmaal op mijn hoofd sloeg met een tot vuist gebalde rechterhand. Ik voelde direct pijn op de plaats waar hij mij raakte. 18. Een proces-verbaal van aanhouding d.d. 12 december 2017, dossierpagina’s 1013-1014, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 10] en [verbalisant 11] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1013) Op 12 december 2017 omstreeks 22.15 uur werden wij door het operationeel centrum naar de [adres 3] te Maastricht gestuurd, waar sportschool [naam sportschool] gevestigd zou zijn en waar zojuist een mishandeling zou hebben plaatsgevonden. Eenmaal ter plaatse spraken wij [slachtoffer 2] , die aangaf door een andere klant mishandeld te zijn. Clubmanager [achternaam getuige 2] en een andere getuige, ook [achternaam getuige 2] genaamd, hebben het incident gezien. Ook had men camerabeelden beschikbaar die men aan ons liet zien. Op de beelden zagen wij dat een manspersoon een schoppende beweging maakte naar de aangever en vervolgens een slaande beweging maakte in de richting van de aangever. Wij kregen van de clubmanager de persoonsgegevens van de verdachte die [verdachte] bleek te zijn genaamd. Wij zijn naar de [adres 4] te Maastricht gereden. Omstreeks 23.30 uur traden wij de woning op bovengenoemd adres binnen met toestemming van de verdachte die zich legitimeerde als [verdachte] . Hierop hebben wij [verdachte] aangehouden ter zake van mishandeling. Bij het binnentreden viel ons op dat verdachte [verdachte] een behoorlijk bult op de zijkant van zijn rechter hand had zitten. Toen wij [verdachte] bij binnenkomst een hand wilden geven gaf [verdachte] ook aan dat zijn hand pijn deed. 19. Een proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 13 december 2017, dossierpagina’s 1030-1031, betreffende de verklaring van [getuige 2] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1030) Ik ben getuige geweest van een mishandeling. Ik ben werkzaam als clubmanager bij sportschool [naam sportschool] te Maastricht. Op 12 december 2017 omstreeks 21.45 uur was ik aan het werk. Er waren meerdere klanten aan het sporten waaronder [slachtoffer 2] en [verdachte] . Op de zojuist genoemde datum en tijd riep mijn broertje, die hier ook werkt, mij. Hij attendeerde mij op iets wat op het podium gaande was. Ik zag [voornaam verdachte] en [slachtoffer 2] staan. [voornaam verdachte] kwam opgefokt over op mij. Ik zag dit aan zijn hele gedrag. Ik hoorde [voornaam verdachte] iets zeggen over Syrië, oorlog en vermoorden. Op een gegeven moment zag ik dat [voornaam verdachte] een schoppende beweging maakte in de richting van [slachtoffer 2] en vervolgens [slachtoffer 2] een vuistslag gaf op zijn hoofd. Ik zag dat [voornaam verdachte] dit deed met kracht met een tot vuist gebalde rechterhand. 20. Een proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 13 december 2017, dossierpagina’s 1028-1029, betreffende de verklaring van [getuige 3] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1028) Op 12 december 2017 was ik aan het sporten in de sportschool [naam sportschool] te Maastricht. Omstreeks 21.45 uur hoorde ik een woordenwisseling op het altaar. Ik hoorde de uiteindelijke dader in een voor mij onbekende taal schreeuwen in de richting van het slachtoffer en zijn vriend. Ik zag dat het slachtoffer zich hierop omdraaide en in de richting van de dader rende. Ik zag dat zijn vriend en [naam 1] het slachtoffer probeerden tegen te houden, wat ook lukte. Ik zag dat de dader een trapbeweging richting het lichaam van slachtoffer maakte. Ik zag dat de dader met zijn rechterbeen/voet het slachtoffer ter hoogte van zijn buik raakte. Vervolgens zag ik dat de dader een van zijn armen met kracht naar achteren bewoog en hierna uithaalde naar het slachtoffer. (dossierpagina 1029) Ik zag dat de dader het slachtoffer behoorlijk hard op zijn hoofd sloeg. Ik zag dat de dader hierna wegliep. 21. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 19 december 2017, dossierpagina’s 1024-1027, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 12] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1024) Op 19 december 2017 werden de camerabeelden van beveiligingscamera’s, geplaatst binnen [naam sportschool] sportschool te Maastricht, door mij uitgelezen. Daarbij werd door mij onder meer het navolgende bevonden. Signalement aangever A1 (het hof begrijpt: [slachtoffer 2] ): man, middelbare leeftijd, kort zwart haar, geheel in zwart gekleed. Signalement dader D1 (het hof begrijpt: verdachte): man, kort zwart haar, grijs T-shirt. (dossierpagina 1025) Het betreffen camerabeelden die onder meer zicht bieden op het oude altaar, het podium, en het lagere gedeelte van de vloer. 21:46:14 uur Er ontstaat een schermutseling met duwen tussen D1 en A1 achter het toestel, niet zichtbaar voor de camera. 21:46:28 uur Een bezoeker 2 houdt zijn beide armen tegen de armen van D1 aan. (dossierpagina 1026) 21:46:36 uur A1 draait zich om en loopt richting de trap. Bezoeker 2 staat voor D1. 21:46:42 uur A1 is weer zichtbaar rechts naast de pilaar op de benedenvloer. 21:46:49 uur D1 loopt richting A1, D1 staat boven en A1 beneden. Bezoeker 2 staat midden op het podium, bezoeker 1 staat met zijn handen op zijn heupen bij toestel 1. 21:46:52 uur D1 staat op het podium, A1 staat lager naast D1. 21:47:00 uur Bezoeker 3 komt in looppas aan gelopen richting D1. A1 loopt weg uit de discussie, bezoeker 4 staat rechts op benedenvloer. 21:47:03 uur D1 maakt een beweging met zijn linkerarm richting A1, die bijna achter de pilaar staat. 21:47:10 uur Bezoeker 3 loopt, rechts van de pilaar de trap naar beneden. 21:47:12 uur A1 komt met versnelde looppas richting D1 gelopen. D1 reageert door vanaf het podium een trap met zijn linkerbeen richting A1 te geven. Bezoeker 2 houdt D1 met een hand op zijn rug tegen. Bezoeker 4 staat rechts naast A1 en trekt aan A1 met zijn beide handen. D1 wordt naar achteren geduwd in het handgemeen. Bezoeker 2 probeert ertussen te komen. 21:47:14 uur: D1 maakt een vuist met zijn rechterhand en maakt een beweging naar achteren met zijn arm om vervolgens een voorwaartse slaande beweging te maken richting A1. 22. De eigen waarneming van dit hof, gedaan ter terechtzitting van 2 december 2020, inhoudende dat op de camerabeelden die betrekking hebben op het tenlastegelegde feit is te zien dat op het moment dat [slachtoffer 2] op verdachte kwam afgerend, verdachte een stap naar voren deed en direct reageerde met een trappende beweging in de richting van [slachtoffer 2] en dat hij kort daarna een slaande beweging in de richting van [slachtoffer 2] heeft gemaakt. Parketnummer 03-700471-17, feit 5 (mishandeling van [slachtoffer 3] ): Met betrekking tot het onder parketnummer 03-700471-17 onder 5 bewezenverklaarde feit volstaat het hof, gelet op de omstandigheid dat de verdachte het bewezenverklaarde heeft bekend en dienaangaande geen vrijspraak is bepleit, met de volgende opgave van de bewijsmiddelen conform het bepaalde in artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering. 23. Een proces-verbaal van aangifte d.d. 15 december 2017, dossierpagina 903, inhoudende de verklaring van [slachtoffer 3] . 23. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 17 december 2017, dossierpagina’s 547-553, in het bijzonder dossierpagina’s 548-549, inhoudende het relaas van verbalisant [verbalisant 13] . 23. De bekennende verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting in eerste aanleg d.d. 11 februari 2019. Parketnummer 03-700471-17, feit 1 (doodslag op [slachtoffer 4] ): 26. Een proces-verbaal van bevindingen inzake de meldingen 112-ambulancedienst d.d. 2 maart 2018, dossierpagina’s 737-744, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 8] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 737) Melding 20171214-205836 (het hof begrijpt: 14 december 2017 te 20:58:36 uur) NNV = medewerkster meldkamer ambulancezorg NNM1 = melder NNM2 = zoon melder/getuige NNV2 = buurvrouw van NNM1 en NNM2 NNV: Ambulancezorg goedenavond NNM1: (…) Er moet ook politie komen. Er is een man neergestoken naast ons. NNV: In welke plaats? NNM1: Maastricht NNV: Welk adres? NNM1: (hard schreeuwend) [straatnaam 8] 32 hier loopt iemand rond met een heel groot mes. (…) Hij loopt buiten. NNM1: Hij heeft de buurman naar buiten gehaald en neergestoken. Mijn zoon heeft het allemaal gezien. (dossierpagina 738) NNV: Waar is hij neergestoken?NNM1: Weet ik niet, die man ligt voor dood in de struik. Hij heeft hem buiten in de struik gegooid. (…) NNM2: (op de achtergrond bij NNM1) laat mij even. (…)NNM2: Ik had de deur opengedaan. Ik kijk naar buiten. In één keer zag ik hem, wou die bijna mij neersteken, een groot mes. Hij heeft mijn buurman neergestoken. En met de benen in de lucht gesleept en zo achter de struiken gegooid. (…) NNM2: Ik heb het gezien. Hij zat te schelden, te schreeuwen die man. Ik heb het zien gebeuren hoe die op hem bleef insteken. Hij bleef steken met het mes. NNV: Heeft hij meerdere keren gestoken?NNM2: Ja. (…) NNM2: Ik liep van het pad af naar mijn buren om te kijken wat er aan de hand was en toen kwam die man in het Arabisch zei die, en toen stak die, wou die met een mes achter mij aan komen. Toen ben ik naar binnen gevlucht. (dossierpagina 739) NNM2: Buitenlandse afkomst. Getinte kleur eh eh eh Arabisch. (dossierpagina 741) NNV: Wat is de naam van de buurjongen die het gezien heeft?NNV2: [getuige 4] . Hij woont op nummer 30. 27. Een proces-verbaal van bevindingen verhoor getuige [getuige 4] d.d. 15 december 2017, dossierpagina’s 671-672, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 44] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 671) Naar aanleiding van de doodslag/moord gepleegd op 14 december 2017 in de woning [straatnaam 8] 32 te Maastricht heb ik het volgende onderzoek ingesteld. Ter plaatse bij de plaats delict werd mij verteld dat de buurjongen van het slachtoffer getuige zou zijn geweest van de moord/doodslag. De buurjongen bleek te zijn: [getuige 4] , wonende aan de [straatnaam 8] 30 te Maastricht. Op 14 december 2017 heb ik [getuige 4] in zijn woning gehoord. Getuige [getuige 4] verklaarde onder andere dat:  hij binnen tv zat te kijken op de bank en [slachtoffer 4] plotseling hoorde schreeuwen;  hij lawaai hoorde en het leek alsof er met meubels werd geschoven;  hij alleen [slachtoffer 4] hoorde schreeuwen;  het een pijn, lijdend schreeuwen was;  hij de voordeur open had gemaakt;  nadat hij de voordeur had geopend hij naar de brievenbus was gelopen bij hem in de tuin;  hij toen zag dat [slachtoffer 4] aan zijn benen door de dader naar buiten werd gesleept; (dossierpagina 672)  de dader [slachtoffer 4] bij de voeten vasthield en vooruit liep en daarbij [slachtoffer 4] achter zich aan sleepte;  de dader toen een bepaalde draai maakte op het pad;  de dader [slachtoffer 4] toen achter de struik in de tuin duwde;  dat [slachtoffer 4] met zijn knieën omhoog lag;  toen hij dat zag vroeg: “Wat is hier aan de hand?”;  de dader zich omdraaide en iets schreeuwde in het Arabisch;  de dader toen naar hem toekwam met het mes in zijn hand (getuige hief zijn rechtervuist helemaal omhoog);  het best een groot mes was, een keukenmes of vleesmes;  de dader toen achter hem aan kwam en stopte halverwege de lengte van de struik;  de dader zich toen omdraaide en wegrende in de richting van de [straatnaam 9] ;  [slachtoffer 4] niks meer kon doen en hij, [getuige 4] , zag dat [slachtoffer 4] al dood was, omdat [slachtoffer 4] niet meer bewoog;  de dader het mes nog in zijn rechterhand vasthield toen hij [slachtoffer 4] naar buiten sleepte;  de dader het mes en het been tegelijkertijd vasthield. 28. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 15 december 2017, dossierpagina’s 658-660, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 14] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 658) Op 14 december 2017 om 21.02 uur kregen wij, [verbalisant 15] en [verbalisant 14] , de melding om te gaan naar de [straatnaam 8] 32 in verband met een steekpartij. Op donderdag 14 december 2017 om 21.07 uur waren wij ter plaatse. Op donderdag 14 december 2017 om 21.09 uur werd het slachtoffer gevonden in de voortuin. Er werd meteen een FO arts ter plaatse gevraagd. Op donderdag 14 december 2017 om 21.10 uur was ambulance ter plaatse. Op donderdag 14 december 2017 om 21.12 uur werd er een ECG gemaakt, hierop was geen hartslag meer te zien. 29. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 15 december 2017, dossierpagina’s 661-662, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 15] en [verbalisant 14] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 661) Op donderdag 14 december 2017 hoorden wij omstreeks 21.02 uur dat wij van de medewerker van de politiemeldkamer de mobilofonische opdracht kregen om met spoed te gaan naar adres [straatnaam 8] 32 te Maastricht. Aldaar zou zojuist een steekpartij hebben plaatsgevonden waarbij het slachtoffer in de struiken zou liggen en de dader zou zijn weggevlucht. Wij hoorden dat ook een signalement van de mogelijke dader werd doorgegeven. Hierop zijn wij onmiddellijk naar de opgegeven locatie gegaan alwaar wij om 21.07 uur aankwamen. Wij zagen dat het perceel [straatnaam 8] 32 te Maastricht een rijtjeswoning betrof. Wij zagen dat voor deze woningen, vanaf de straat gezien, een kleine voortuin lag. Wij zagen dat in de voortuin van het perceel, staande op de erfafscheiding van die voortuin met het trottoir en de tuin van perceel [straatnaam 8] 34, vanaf de weg links van die woning gelegen, een hoge L-vormige struik stond. We zagen dat de voordeur van die woning helemaal open stond. Wij zagen dat een man uit die woning gelopen kwam. We zagen dag hij een kleine zaklamp vasthield. Wij zagen dat op het trottoir voor die woning nog een man en een vrouw stonden. Wij hoorden dat hij gelijk naar ons riep: "Daar ligt ie". We zagen dat hij met zijn lampje op het een lichaam van een persoon scheen, dat daar achter de L-vormige struik op de grond lag. Ik, [verbalisant 14] , ben naar deze persoon toe gelopen en heb deze persoon bekeken. Ik zag dat deze geen tekenen van leven meer gaf. Ik, [verbalisant 14] , zag dat die persoon een grote gapende bloedende wond in zijn hals had. 30. Een proces-verbaal forensisch onderzoek plaats delict 1 d.d. 30 januari 2018, dossierpagina’s 1242-1249, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 16] , [verbalisant 17] en [verbalisant 18] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1243) Op 14 december 2017 om 21.45 uur kwam ik, [verbalisant 16] , aan op de locatie [straatnaam 8] 32 te Maastricht. De woning was afgezet met lint en werd bewaakt door personeel van de basispolitiezorg. (dossierpagina 1244) Ik zag dat de voordeur open stond. In de gang, de woonkamer, de keuken en op de onderste trede van de trap naar de eerste verdieping werden bloedsporen aangetroffen. De aangetroffen situatie en de aangetroffen bloedsporen passen bij een gevecht of ander geweld. (dossierpagina 1245) Wij zagen dat op de grond achter de taxusstruik een overleden persoon lag. Ik zag dat rechts naast deze persoon een schaar met grijze/blauwe ogen lag. (dossierpagina 1246) De schaar die naast het lichaam lag werd veiliggesteld SIN [SIN 1] . Nadat het lichaam werd ontkleed werd het voorzien van SIN [SIN 2] . Het slachtoffer werd in een lijkenzak verpakt. (dossierpagina 1247) Het lichaam werd overgebracht naar het mortuarium van het ziekenhuis te Maastricht. 31. Een proces-verbaal bemonstering verdachte [verdachte] en veiligstellen kleding en schoeisel d.d. 19 december 2017, dossierpagina’s 1330-1333, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 19] en [verbalisant 20] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1331) Aan ons werd een aantal papieren zakken overhandigd, met daarin de inbeslaggenomen kleding en het schoeisel die [verdachte] droeg tijdens zijn aanhouding. (dossierpagina 1332) SIN: [SIN 3] Merk/type: Paar schoenen. 32. Een proces-verbaal van bevindingen identificatie [slachtoffer 4] d.d. 19 december 2017, dossierpagina 667, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 21] en [verbalisant 22] , voor zover inhoudende: Op dinsdag 19 december 2017 uur waren wij in het mortuarium van het ziekenhuis te Maastricht voor de identificatie van het slachtoffer van de steekpartij, gepleegd op donderdag 14 december 2017. Omstreeks 11.40 uur werd door twee vrienden van het slachtoffer de herkenning gedaan. Ik, [verbalisant 22] , hoorde dat [vriend 1] vertelde dat de persoon, die in de rouwkamer lag, [slachtoffer 4] betrof. Vervolgens hoorde ik dat [vriend 2] zei dat de persoon [slachtoffer 4] was. Overledene: [slachtoffer 4] , geboren op [geboortedatum 3] te [geboorteplaats 2] (Egypte). 33. Een proces-verbaal lijkschouw [slachtoffer 4] d.d. 9 februari 2018, met als bijlagen een foto-map en een verslag van de lijkschouw, dossierpagina’s 1409-1423, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 23] en [verbalisant 24] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1409) Op 15 december 2017 te 19:00 uur verrichtte B. Berkhout, forensisch arts, in ons bijzijn in het MUMC (Maastricht Universitair Medisch Centrum) lijkschouw op het lichaam van: [slachtoffer 4] , geboren op [geboortedatum 3] te [geboorteplaats 2] Egypte. Het lichaam was ondergebracht in een verzegelde, afgesloten en bij justitie in gebruik zijnde koelcel, van het MUMC. Het lichaam was verpakt in een verzegelde en gewaarmerkte transportzak. Het lijk was voorzien van het SIN: [SIN 2] . De schouw werd uitgevoerd voorafgaand aan een forensisch radiologisch onderzoek in het MUMC in een van de onderzoeksruimten van de afdeling radiologie. Tijdens de schouw maakte ik, [verbalisant 23] , foto's, waar in dit proces-verbaal steeds naar wordt verwezen. Die foto's, genummerd FO-10-01 tot en met FO-10-18, zijn opgenomen in een foto-map, die als bijlage bij dit proces-verbaal is gevoegd en deel uitmaakt van dit proces-verbaal. Het was het lichaam van een volwassen man. Aan het lichaam waren diverse steek- en snijverwondingen. In de hals, direct onder de kaak, was een gapende wond, boven het strottenhoofd, doorlopend in diepere structuren. In de buikstreek, rechts onder de navel was een wond met uitpuilende, dunne, darm. 34. Een geschrift, inhoudende een definitief sturingsverslag van het Maastricht UMC+, Unit Forensische Radiologie, d.d. 15 december 2017, dossierpagina’s 1982-1984, opgemaakt door [radioloog] (radioloog MUMC), [forensisch radiologisch consulent 1] en [forensisch radiologisch consulent 2] (forensisch radiologisch consulenten), voor zover inhoudende: (dossierpagina 1982) Definitief sturingsverslag Datum: 15 december 2017 SIN: [SIN 2] CT-total body en MRI hals en buik (dossierpagina 1984) Conclusie/bevindingen: Meerdere letsels in het hoofdhalsgebied met: het diepste letsel verlopend over de rechts-links-as in de hals met een breedte van ruim 7 cm welk door de huid, onderhuidse weefsels, en strottenhoofd gaat tot op de vierde halswervel en diep huiddefect ter hoogte van het linker sleutelbeen met uitgebreid lucht en induratie in de onderliggende weke delen en ook links ter plaatse van de onderkaak een diep letsel waarbij de tandenrij is aangedaan. Ook laag op de buik meerdere letsels met: het diepste letsel rechts boven de lies, waarbij de darmen uitpuilen door het defect van ongeveer 3 cm. De darmen zijn waarschijnlijk aangedaan en er is vrij vocht/bloed en lucht in de buikholte zichtbaar. Diep letsel linker hand (tussen duim en wijsvinger) en tweetal meer oppervlakkige letsel buitenzijde rechter bovenbeen. 35. Een rapport van het Nederlands Forensisch Instituut “Pathologie onderzoek naar aanleiding van een mogelijk niet natuurlijke dood”, opgesteld door dr. J. Fronczek d.d. 23 juni 2018, met bijlage 1, dossierpagina’s 2074-2090, voor zover inhoudende: (dossierpagina 2077) A. Postmortaal radiologisch en sectie (uitwendig en inwendig) 4. Letsels Hoofd/hals: Er waren aan de hals en de kin 2 snijletsels (letsels A en V) (opmerking hof: de letters waarnaar in dit rapport wordt verwezen, zijn weergegeven in de bijlage op dossierpagina 2090) en aan de hoofd en de hals 6 steekletsels (letsels B t/m G). Buik: Er waren aan de buik 5 steekletsels (H t/m L), die alle de buikholte bereikten. In relatie met de letsels was er perforatie van de vetweefsels in de buikholte en de dikke darm en waren er circa 100 ml bloed en bloedstolsels in de buiholte. De letsels I en K hadden een rechtlijnig aspect en 1 stomp en 1 puntig uiteinde. Ledematen: Er waren aan de ledematen circa 16 snijletsels (M t/m S, waarbij onder letsel S meerdere (circa 10) letsels zijn beschreven) en 2 steekletsels (M t/m S). (dossierpagina 2078) 7. Interpretatie van de resultaten Bij sectie werden verspreid aan het lichaam 13 steekletsels en circa 18 snijletsels (sub A4) vastgesteld, die bij leven waren ontstaan door ingewerkt uitwendig mechanisch scherprandig snijdend en perforerend geweld, zoals opgeleverd kan worden door 1 of meerdere messen. In relatie met het snijletsel aan de hals (letsel A) en het steekletsel (letsel G) laag aan de hals waren er perforaties van onder andere de linker halsader, de linker halsslagader (letsel A) en perforatie van een aftakking van de linker sleutelbeenader (letsel G). Hierdoor is fors bloedverlies ontstaan, waarmee het overlijden wordt verklaard. Er waren bij sectie tekenen van ernstig bloedverlies (sub A7). De overige steek- en snijletsels hebben tezamen middels bloedverlies bijgedragen aan het overlijden. Een aantal steekletsels had een rechtlijnig aspect met één stomp en één puntig uiteinde (letsels B, F, I en K). Het aantreffen van deze bevindingen is waarschijnlijker onder de hypothese dat deze letsels zijn veroorzaakt met een (dossierpagina 2079) eenzijdig scherprandig voorwerp, dan onder de hypothese dat deze zijn veroorzaakt met een tweezijdig scherprandig voorwerp. Letsels F, I en K waren betrouwbaar op te meten en tussen 2,7 en 3,5 cm lang. Het diepst gemeten steekkanaal was in relatie met letsel G aan de hals links en deze bedroeg circa 6 cm. De snijletsels aan de handen (M t/m S, sub A4) passen bij afweerletsels. De letsels sub A5 (krasvormige letsels) waren bij leven ontstaan door ingewerkt uitwendig mechanisch scherppuntig/scherprandig geweld zoals door stoten tegen scherppuntige voorwerpen of de scherpe zijde van een scherprandig voorwerp kan worden opgeleverd. De letsels A6 waren bij leven ontstaan door ingewerkt uitwendig mechanisch stomp geweld zoals door (zich) stoten, vallen en slaan kan zijn ontstaan. 8. Conclusie Bij sectie op het lichaam van de heer [slachtoffer 4] , 46 jaren oud geworden, wordt het intreden van de dood verklaard door verbloeding als gevolg van één snijletsel en één steekletsel aan de hals. De overige steek- en snijletsels hebben tezamen een bijdrage geleverd aan het overlijden middels bloedverlies. 36. Een proces-verbaal sporenonderzoek binnenzijde woning [straatnaam 8] 32 Maastricht d.d. 9 februari 2018, dossierpagina’s 1353-1357, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 23] en [verbalisant 25] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1353) Op vrijdag 15 december 2017 om 13.30 uur stelden wij sporenonderzoek in op het adres [straatnaam 8] 32 te Maastricht. Tijdens het ingestelde onderzoek maakte ik, [verbalisant 25] foto’s waarin dit proces-verbaal steeds naar wordt verwezen. Die foto’s (foto FO-08-01 t/m FO-08-64) zijn opgenomen in een fotomap, die als bijlage bij dit proces-verbaal is gevoegd. Via de voordeur betraden wij de gang [foto FO-08-06]. Op de vloer lagen bloedspatten. Dit was rechtstandig gevallen bloed. Enkele sporen waren door vegen verstoord. Op de vloer, nabij de deur naar de keuken, was een fragment van een schoenspoor met een streepmotief zichtbaar. De voordeur was aan de binnenzijde voorzien van een extra deurkruk op een hoogte van ongeveer 20 centimeter. Aan deze kruk hing een sjaal die gedeeltelijk op de vloer lag. Deze sjaal was bebloed [foto FO-08-11 en FO-08-12]. Op de muur, gezien vanaf de binnenzijde, links van de voordeur zagen wij een veegspoor van bloed. Waarschijnlijk geplaatst door iemand met bebloede vingers [foto FO-08-13 en FO-08-14]. Op de linker muur, gezien vanaf de binnenzijde, bevonden zich op een hoogte van ongeveer 60 cm bloedspatten. Dit was mogelijk afgeworpen bloed [foto FO-08-15 en FO-08-18]. De voordeur was aan de binnenzijde voorzien van een opdekslot met een dag- en nachtschoot. De slotkast was aan de buitenzijde bebloed. Waarschijnlijk heeft overdracht plaatsgevonden van bebloede handen of kleding [foto FO-08-16]. Op de vloer lagen meerdere bloedspatten. Dit was vrijwel alleen rechtstandig gevallen bloed. Enkele spatten waren verstoord (dossierpagina 1354) door vegen. Bij de eerder omschreven sjaal was op de vloer geveegd bloed zichtbaar. Gelet op de manier waarop de sjaal op de deurkruk hing, is het veegspoor waarschijnlijk ontstaan doordat de voordeur werd geopend op het moment dat de sjaal op de kruk hing [foto FO-08-15, FO-08-17 en FO-08-18]. Op de trap naar de eerste verdieping lag rechtstandig gevallen bloed op de onderste trede. Van het bloed nam ik, [verbalisant 25] , op enkele plaatsen monsters. De plaatsen van bemonstering staan vermeld in de onderstaande lijst van sporen. Bijzonderheden en sporenonderzoek in de keuken Van het aanrecht stonden twee keukenlades open [foto FO-08-24 tot en met FO-08-26]. De linker lade was nagenoeg geheel geopend. In deze la lagen keukenartikelen waaronder snijplanken, folies en plastic zakken. Op het ladefront en een plastic zak in de lade bevond zich geveegd bloed [foto FO-08-27 en met FO-08-28]. De rechterlade stond ongeveer 10 centimeter open. Deze lade bevatte bestek en ander keukengerei. Op het ladefront bevonden zich bloedvegen. Gelet op de verschijningsvorm en de plaats van aantreffen is het waarschijnlijk dat dit bloed op en in de lades is terechtgekomen doordat iemand met bebloede handen contact met deze lades had. (dossierpagina 1356) Veiliggestelde sporen: SIN: [SIN 4] Spooromschrijving: Bloed Tijdstip veiligstellen: 15 december 2017 te 15.28 uur Plaats veiligstellen: Bloed op keukenlade links Bijzonderheden: Pd1-13 SIN: [SIN 5] Spooromschrijving: Bloed Tijdstip veiligstellen: 15 december 2017 te 15.30 uur Plaats veiligstellen: Bloed op keukenlade rechts Bijzonderheden: Pd1-14 37. Een proces-verbaal van bevindingen camerabeelden Turks Cultureel Centrum d.d. 17 december 2017, dossierpagina’s 921-927, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 13] , voor zover inhoudende: (dossierpagina’s 921-922) Op de camerabeelden van de bewakingscamera’s in het Turks Cultureel Centrum is het volgende zichtbaar. (dossierpagina 924) Op 14 december 2017 te 21.10 uur komt een man gekleed in een grijze broek, grijze sportschoenen en een grijs T-shirt het Turks Cultureel Centrum binnengelopen. Op de beelden is zichtbaar dat de handen en het gezicht van deze man besmeurd zijn met een rood zwart kleurige substantie. In zijn rechterhand houdt de man een op een mes gelijkend voorwerp vast met het lemmet langs zijn onderarm. Op deze beelden lijkt het lemmet ongeveer even lang als de onderarm van de man. De man loopt de cafetaria van het TCC binnen en legt het op het mes gelijkend voorwerp rechts, buiten het beeld van de camera, neer. 38. Een proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 15 december 2017, dossierpagina’s 944-948, betreffende de verklaring van [getuige 5] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 945) Gisterenavond was ik in het Turks Cultureel Centrum. Ik zag dat [voornaam verdachte] binnenkwam. [voornaam verdachte] zat helemaal onder het bloed. Ook het hoofd, zijn kleding en zijn handen zaten onder het bloed. In zijn rechterhand had hij een groot mes. (dossierpagina 946) Hij liep voor de televisie langs en legde het mes zelf op het tafeltje, waar de televisie boven hangt, neer. Hij liep naar een tafel en ging zitten op een stoel. Ik heb tegen mijn zoon [naam 2] gezegd dat hij het mes moest wegpakken. Dat heeft hij ook gedaan. De politie heeft het mes later gepakt uit de keuken. 39. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 15 december 2017, dossierpagina’s 929-930, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 26] , [verbalisant 27] , [verbalisant 28] , [verbalisant 29] en [verbalisant 30] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 929) Op 14 december 2017 omstreeks 21.15 uur hoorden wij via de regionale meldkamer te Maastricht dat er op verschillende plaatsen in Maastricht steekpartijen waren geweest. Wij kregen informatie dat binnen de moskee aan de [straatnaam 10] 24 te Maastricht een persoon met een mes aanwezig was, deze persoon zou helemaal bebloed zijn. Omstreeks 21.28 uur kwamen waren wij ter plaatse. Bij binnenkomst in de moskee zagen wij dat in de grote zaal meerdere personen aanwezig waren. Wij zagen dat aan het hoofd van de tafel, recht tegenover de ingang van de moskee, een zichtbaar gewonde man op een stoel zat. Bevindingen [verbalisant 28] , [verbalisant 27] en [verbalisant 26] : Omstanders verklaarden ten overstaan van ons dat de gewonde man een mes bij zich had en dat dit mes elders lag. Wij hebben de omstanders gevolgd naar de keuken van de moskee. In de ijzeren wastafel van de keuken troffen wij een koksmes aan. Ik, [verbalisant 26] , zag dat er aan het handvat wit papier van een torkrol aanwezig was. Ik zag dat er rode sporen (vermoedelijk bloed) aan het lemmet zichtbaar waren. Ik heb het mes, met handschoenen aan, bij het uiteinde van het handvat gepakt en het in een schoon plastic zakje gestopt. Omstreeks 22.30 uur is het mes overgedragen aan de collega van de forensische opsporing. Het mes is inbeslaggenomen. Bevindingen [verbalisant 29] en [verbalisant 30] : Wij zagen bij binnenkomst in de moskee, recht tegenover de ingang, een tafel staan en aan het einde van voornoemde tafel een man op een stoel zitten. Wij zagen dat van deze man zijn gezicht en zijn handen onder het bloed zaten en dat er bloed op zijn shirt en broek zat. (dossierpagina 930) Wij zagen dat deze persoon zwart kort opgeschoren haar had, een licht getinte tot bleke huid en tenger postuur had, en dat deze persoon een grijs T-shirt, een grijze trainingsbroek en grijze sportschoenen van het merk Puma droeg. Wij zagen dat om voornoemde man een hoop andere mannen stonden welke zich over de bebloede man ontfermden. Een persoon genaamd [naam 3] vertelde mij, [verbalisant 29] , dat de bebloede man enkele momenten eerder de moskee binnen kwam gelopen met een mes in zijn rechter hand en helemaal onder het bloed zat. De man zou vervolgens het mes bij de tv in de moskee hebben neergelegd. De tv staat bij binnenkomst in de moskee gelijk rechts. Vervolgens zou de man hebben in de Arabische taal hebben gezegd dat hij moe was en is vervolgens op een stoel aan voornoemde tafel gaan zitten. 40. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 15 december 2017, dossierpagina’s 919-920, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 31] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 919) Ik heb de gewonde man aangehouden als verdachte van doodslag. De man bleek te zijn genaamd [verdachte] , geboren op [geboortedatum 1] . 41. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 17 december 2017, dossierpagina 928, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 31] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 928) Op 17 december 2017 werden aan mij de camerabeelden getoond die waren opgenomen door camera's in het perceel aan de [straatnaam 10] 24 te Maastricht op donderdag 14 december 2017 tussen 21.00 uur en 22.00 uur. Ik zag op deze beelden een persoon eerder genoemd perceel betreden. Ik zag dat dit dezelfde persoon was als de persoon die door mij op donderdag 14 december 2017 te 21.30 uur werd aangehouden ter zake van artikel 287 Wetboek van Strafrecht, de nader te noemen [verdachte] . Ik zag verder op deze beelden dat die persoon plaatsnam op een stoel in eerder genoemde ruimte. Ik zag op het beeld dat dit dezelfde plaats was, als waar ik [verdachte] had aangetroffen en aangehouden. 42. Een proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 17 december 2017, dossierpagina’s 673-680, betreffende de verklaring van [getuige 4] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 675, ) V: Je zei dat je de man op de foto, die op het nieuws was, herkende. Waar herkende je hem aan?A: Aan zijn uiterlijk. Ik heb hem zelf in het echt gezien. Ik herkende hem aan zijn haren en zijn gezicht. V: Wat zag je nog meer op die foto?A: Die foto was verspreid op het nieuws en op Facebook (het hof: deze foto is weergegeven op dossierpagina 55). Ik wist gewoon dat het dezelfde man was. 43. Een proces-verbaal onderzoek aan kleding verdachte [verdachte] d.d. 12 februari 2018, dossierpagina’s 1803-1804, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 23] en [verbalisant 25] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1803) Op 17 december 2017 stelden wij een onderzoek in aan de kleding die de verdachte [verdachte] droeg op het moment van zijn aanhouding. Deze kleding werd veiliggesteld in het Zuyderlandziekenhuis te Heerlen, waar verdachte na zijn aanhouding werd behandeld aan zijn verwondingen. (…) SIN [SIN 3] Een paar sportschoenen, merk Puma, maat 43, kleur grijs/blauw. Bijzonderheden: bebloed aan de bovenzijde en aan de onderzijde. 44. Een rapport van het NFI d.d. 3 januari 2018, betreffende ‘Onderzoek naar biologische sporen en DNA-onderzoek naar aanleiding van twee steekincidenten met dodelijke afloop in Maastricht op 14 december 2017’, opgemaakt door ing. M.J.W. Pouwels, NFI-deskundige forensisch onderzoek van biologische sporen en DNA, dossierpagina’s 1940-1943, voor zover inhoudende: (dossierpagina 1940) In deze zaak is een onderzoek naar biologische sporen en een DNA-onderzoek uitgevoerd. Onderzoek naar biologische sporen Schoenen [SIN 3] De schoenen zijn onderzocht op de aanwezigheid van bloed. Verspreid over beide schoenen zijn bloedsporen aanwezig. Van elke schoen zijn twee bloedsporen bemonsterd. De bemonsteringen zijn als [SIN 3] #01 tot en met #04 veiliggesteld voor een DNA-onderzoek. (dossierpagina 1941) Schaar [SIN 1] De schaar is onderzocht op de aanwezigheid van bloed. Verspreid over de gehele schaar zijn bloedsporen aanwezig. Drie bloedsporen zijn bemonsterd. De bemonsteringen zijn als [SIN 1] #01 tot en met #03 veiliggesteld voor DNA-onderzoek. Van de referentiemonsters bloed [SIN 6] van het slachtoffer [slachtoffer 4] is een DNA-profiel verkregen dat is betrokken bij het vergelijkend DNA-onderzoek. (dossierpagina 1942) Tabel 1: Resultaten, interpretatie en conclusie vergelijkend DNA-onderzoek SIN Beschrijving DNA-profiel Matchkans DNA-profiel [SIN 3] #02 DNA-profiel van een man - Slachtoffer [slachtoffer 4] Kleiner dan 1 op 1 miljard [SIN 1] #01 en #02 DNA-profiel van een man - Slachtoffer [slachtoffer 4] Kleiner dan 1 op 1 miljard 45. Een aanvullend rapport van het NFI d.d. 16 april 2018, betreffende ‘Onderzoek naar biologische sporen en DNA-onderzoek naar aanleiding van twee steekincidenten met dodelijke afloop in Maastricht op 14 december 2017’, opgemaakt door ing. M.J.W. Pouwels, NFI-deskundige forensisch onderzoek van biologische sporen en DNA, dossierpagina’s 1973-1977, voor zover inhoudende: (dossierpagina 1973) De politie, Eenheid Limburg, heeft verzocht (…) onderzoeksmateriaal [SIN 1] (schaar) aanvullend te onderzoeken op de aanwezigheid van humane biologische sporen en DNA. (dossierpagina 1974) De schaar is eerder onderzocht op de aanwezigheid van bloed. Hierbij zijn drie bloedsporen [SIN 1] #01 tot en met #03 veiliggesteld en onderworpen aan een DNA-onderzoek. Bij het aanvullend onderzoek is het handvat van de schaar bemonsterd. Onderstaand onderzoeksmateriaal is onderworpen aan een DNA-onderzoek: (…) [SIN 1] #04 bemonstering met bloed van de buitenzijden van beide handvatten van de schaar [SIN 1] #05 bemonstering met bloed aan de binnenzijde van het oog in het kleine handvat van de schaar [SIN 1] #06 bemonstering met bloed van de binnenzijde van het oog in het grote handvat van de schaar. (dossierpagina 1976) Tabel 1: Resultaten, interpretatie en conclusie vergelijkend DNA-onderzoek (…) SIN Beschrijving DNA-profiel Matchkans DNA-profiel [SIN 1] #04 DNA-profiel van een man - Slachtoffer [slachtoffer 4] Kleiner dan 1 op 1 miljard [SIN 1] #05 DNA-profiel van een man - Slachtoffer [slachtoffer 4] Kleiner dan 1 op 1 miljard [SIN 1] #06 DNA-profiel van een man - Slachtoffer [slachtoffer 4] Kleiner dan 1 op 1 miljard 46. Een rapport van het NFI d.d. 5 maart 2018, betreffende ‘Onderzoek naar biologische sporen en DNA-onderzoek naar aanleiding van twee steekincidenten met dodelijke afloop in Maastricht op 14 december 2017’, opgemaakt door ing. M.J.W. Pouwels, NFI-deskundige forensisch onderzoek van biologische sporen en DNA, dossierpagina’s 1952-1955, voor zover inhoudende: (dossierpagina 1952) Politie Eenheid Limburg heeft verzocht de bemonsteringen [SIN 4] en [SIN 5] te onderzoeken op de aanwezigheid van humane biologische sporen en DNA. Het doel van dit onderzoek is het vaststellen van wie het DNA op dit onderzoeksmateriaal afkomstig kan zijn. (dossierpagina 1953) (…) Bemonsteringen [SIN 4] (bloed op keukenlade links Pd1-13) en [SIN 5] (bloed op keukenlade rechts Pd1-14) Deze bemonsteringen zijn onderzocht op de aanwezigheid van bloed. In deze bemonsteringen is bloed aangetroffen. De bemonsteringen zijn als [SIN 4] #01 en [SIN 5] #01 veiliggesteld voor een DNA-onderzoek. Resultaten, interpretatie en conclusie De DNA-profielen die zijn vergeleken met de DNA-profielen van de bemonsteringen zijn: [SIN 7] verdachte [verdachte] [SIN 6] overleden slachtoffer [slachtoffer 4] (dossierpagina 1954) Tabel 1: Resultaten, interpretatie en conclusie vergelijkend DNA-onderzoek SIN Beschrijving DNA-profiel Matchkans DNA-profiel [SIN 4] #01 en [SIN 5] #01 DNA-profiel van een man - Slachtoffer [slachtoffer 4] Kleiner dan 1 op 1 miljard 47. Een kennisgeving van inbeslagneming, dossierpagina’s 126-127, voor zover inhoudende als relaas van rapporteur [verbalisant 32] : (dossierpagina 128) Inbeslagname: Adres: [straatnaam 8] 32 te Maastricht. Datum en tijd: 15 december 2017 te 18.00 uur. Omstandigheden: aangetroffen op tafel in woonkamer. Volgnummer: SIN: [SIN 8] Merk/type: Apple iPhone GSM, wit. 48. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 19 maart 2018, dossierpagina’s 136-138, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 33] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 136) In verband met een dodelijke steekpartij in Maastricht op 14 december 2017, waarbij het slachtoffer [slachtoffer 4] kwam te overlijden, werd zijn mobiele telefoon, een Apple iPhone 6 plus, in beslag genomen. (dossierpagina 137) Op 13 maart 2018 werden in samenwerking met de tolk alle chatberichten beluisterd van [slachtoffer 4] , ook wel [bijnaam slachtoffer 4] genoemd. [bijnaam slachtoffer 4] zegt dat [voornaam verdachte] bij hem is en dit wilde hij aan hem laten weten en verder geen probleem. Hij zegt tegen [naam 4] niet te bellen omdat [voornaam verdachte] daar is. [slachtoffer 4] laat dit weten zodat [naam 4] niet met zijn vriend naar hem komt (14-12-2017 tussen 19.53 en 20.07 uur). 49. Een proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 29 januari 2018, dossierpagina’s 608-626, betreffende de verklaring van de verdachte, voor zover inhoudende: V: vraag verhoorder A: antwoord verdachte (dossierpagina 609) V: (…)A: Ik ben bij [slachtoffer 4] thuis gekomen. Ik was bij [slachtoffer 4] thuis. (dossierpagina 610) Wij hebben gevochten. Ik heb het mes gepakt. V: Je zei net dat je buiten was met [slachtoffer 4] . Wat gebeurde daar?A: Ik heb hem weer gestoken met het mes. (dossierpagina 611) Het was meer dan één keer steken. (…) Het was steken met het mes, ging naar alle kanten. Zo en zo naar alle kanten (verbalisanten: verdachte maakt zwaaiende bewegingen). (dossierpagina 614) We waren aan het vechten. En ik ben toen hysterisch geworden. Parketnummer 03-700471-17, feiten 2 (moord op [slachtoffer 5] ), 3 (poging tot moord op [slachtoffer 6] ) en 4 (gekwalificeerde poging tot doodslag op [slachtoffer 7] ): 50. Een proces-verbaal van bevindingen inzake de meldingen 112-ambulancedienst d.d. 2 maart 2018, dossierpagina’s 737-744, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 8] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 741) Melding 20171214-211112 (het hof begrijpt: 14 december 2017 te 21:11:12 uur) NNV = medewerkster ambulancedienst NNM = melder NNV: Met de ambulancedienst goedenavond NNM: Goedenavond kunt u naar de [straatnaam 11] 10 komen? (…) Ik heb hier drie gewonden. (…) Er zijn er neergestoken. NNV: Kunt u iets zeggen over de toestand van die mensen?NNM: Die moeder die is denk ik overleden, het meisje heeft haar hele gezicht open gescheurd, de overbuurman heeft de kop gescheurd. (dossierpagina 742) NNV: U denkt dat de vrouw al overleden is?NNM: Ik denk het wel, ik voel geen hartslag. 51. Een proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 17 december 2017, dossierpagina’s 815-819, betreffende de verklaring van [benadeelde partij 18] , wonende aan de [straatnaam 11] 20, voor zover inhoudende: (dossierpagina 816) V: Wat is er die avond 14 december 2017 gebeurd?A: Mijn vrouw en ik waren die avond televisie aan het kijken. Het exacte tijdstip is mij onbekend. Ik schat ongeveer 21.00 uur. Op dat moment werd er op de voordeur van onze woning gebonkt door [naam benadeelde partij 16] . Ik hoorde dat zij riep: “ [slachtoffer 7] is neergestoken, [slachtoffer 7] is neergestoken.” Ik ben direct naar buiten gerend. [naam benadeelde partij 16] had op dat moment 112 aan de lijn. Ik hoorde dat zij aan de telefoon riep: “Er zijn mensen neergestoken en die zijn aan het doodgaan.” Ik ben naar de overkant naar [slachtoffer 7] gerend. Op dat moment zag ik dat er meerdere mensen uit de woning kwamen gelopen. Ik zag dat [slachtoffer 7] voor zijn eigen woning stond in de voortuin. Ik zag dat [slachtoffer 7] een theedoek tegen zijn voorhoofd hield om een bloedende wond te stelpen. Ik ben hierop naar de overkant van de straat gerend, naar de Syrische familie. (…) Ik ben de woning van de Syrische familie binnen gelopen. Ik zag dat er een vrouw op haar buik in de woning lag. Ik zag dat de benen in de gang lagen en het bovenlichaam in de woonkamer. Ik herkende haar als de bewoonster van deze woning. Ik zag veel bloed bij deze vrouw. Op het moment dat ik bij de vrouw op de grond wilde kijken, hoorde ik een persoon op de grond vallen. Ik zag dat de dochter van het slachtoffer, [fon. naam slachtoffer 6] (het hof begrijpt telkens: [slachtoffer 6] ) op de grond was gevallen. Ik zag dat zij een snijwond in haar gezicht had, van boven haar linkeroog tot aan haar mond. Ik zag dat deze snijwond hevig bloedde. 52. Een proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 6 januari 2018, dossierpagina’s 833-835, betreffende de verklaring van [benadeelde partij 19] , wonende aan de [straatnaam 11] 20, voor zover inhoudende: (dossierpagina 834) Mijn vader is eerst naar [slachtoffer 7] gerend. Ik zag het meisje en de vrouw liggen. Ik zag buiten op de grond een meisje liggen, bij de voordeur waar zij woont. Het meisje was bij bewustzijn. Dit meisje schreeuwde dat ik naar haar, moeder moest gaan. Ik zag een vrouw in de gang van de woning liggen. De vrouw lag met haar benen naar de voordeur en in de gang en met haar romp en hoofd in de woonkamer. De vrouw lag er levenloos bij. Ik heb aan de pols gevoeld of er nog ademhaling was. Dit bleek niet zo te zijn. Er was geen ademhaling meer bij deze vrouw. (…) Ik ben naar buiten gerend. Toen was mijn vader al bij het meisje. Ik zag het meisje op de grond liggen en zag dat zij veel bloed in haar gezicht had. Ik zag dat ze een flinke kras in haar gezicht had van ongeveer 15-20 centimeter. Ze schreeuwde het uit van de pijn en dat we haar moeder moesten checken of we haar nog konden redden. 53. Een proces-verbaal omschrijving plaats delict PD2 en bergen slachtoffer SO2 d.d. 11 januari 2018, dossierpagina’s 1300-1303, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 34] en [verbalisant 35] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1300) Op 14 december 2017 omstreeks 22.00 uur kwam ik, [verbalisant 34] ter plaatse op het adres [straatnaam 11] 10 te Maastricht. Ter plaatse waren veel burgers en politiemensen aanwezig en er heerste een onrustige sfeer. De voordeur stond geheel open. Het licht in de gang, woonkamer, keuken en bovenverdieping was aan. In de gang lagen dekens op de vloer waarmee het slachtoffer was afgedekt (FO-02-03 t/m FO-02-05) (dossierpagina’s 1307-1309). In de gang was veel bloed zichtbaar aan deuren en muren (FO-02-05). (dossierpagina 1301) Voorafgaande aan het onderzoek aan het slachtoffer werd aan mij een moersleutel overgedragen. Met deze moersleutel was de verdachte op het hoofd geslagen door de overbuurman van [straatnaam 11] 9. Omstreeks 23.50 uur werd door ons een onderzoek ingesteld aan het slachtoffer. Het slachtoffer lag op de rug in de gang van de woning met het hoofd ter hoogte van de trap en de voeten in de richting van de voordeur. De neus was bebloed. Aan de achterzijde van het lichaam zagen wij meerdere verwondingen ter hoogte van de linkerschouder, hals en halverwege de rug aan de rechterzijde (FO-02-20 en FO-02-21) (dossierpagina’s 1316-1317). (dossierpagina 1302) Besloten werd een uitgebreide lijkschouw te verrichten in het Maastricht Universitair Medisch Centrum (MUMC). Het lichaam werd verpakt in een lijkenzak en overgebracht naar het mortuarium van het ziekenhuis te Maastricht. De volgende sporen/stukken van overtuiging werden in het belang van de bewijsvoering en/of nader onderzoek veiliggesteld: (dossierpagina 1303) (…) Goednummer: PL2300-2017198657-1020350 SIN: [SIN 9] Object: Humaan Bijzonderheden: So-02 ( [slachtoffer 5] , 01-01-1961) 54. Een proces-verbaal van bevindingen identificatie [slachtoffer 5] d.d. 19 december 2017, dossierpagina 711, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 21] en [verbalisant 22] , voor zover inhoudende: Op 19 december 2017, omstreeks 09.00 uur waren wij verbalisanten in het Mortuarium van het ziekenhuis te Maastricht. Omstreeks 09.45 uur werd door een dochter van het slachtoffer, [naam van benadeelde partij 12] , en door een vriendin van de familie, [naam 5] , de herkenning gedaan. Wij hoorden dat [naam 5] vertelde dat de persoon, die in de rouwkamer lag, [slachtoffer 5] betrof. Even hierna hoorden wij dat [naam van benadeelde partij 12] zei dat het haar moeder [slachtoffer 5] was. Overledene: [slachtoffer 5] , geboren op [geboortedatum 4] te [geboorteplaats 3] (Syrië). 55. Een proces-verbaal van verhoor slachtoffer d.d. 15 december 2017, dossierpagina’s 745-746, betreffende de verklaring van [slachtoffer 6] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 745) Op 14 december 2017 om 23.30 uur hoorde ik als slachtoffer [slachtoffer 6] . Zij verklaarde: Ik was vanavond bij mijn ouders aan de [straatnaam 11] 10 te Maastricht. Ik zat met mijn moeder in de woonkamer. De deurbel ging twee keer en mijn moeder opende de deur. Mijn moeder dacht dat mijn vader of broer thuis zou komen. Ik hoorde mijn moeder schreeuwen. Ze riep twee keer mijn naam. Ik zag dat er een man voor mijn moeder stond met een groot mes. Ik zag dat hij drie of vier keer een slaande beweging maakte in de richting van mijn moeder. Ik ging ertussen staan. De voordeur was op dat moment dicht. Ik schreeuwde heel hard om hulp. Ik probeerde de deur open te maken en dat lukte maar hij maakte de deur weer dicht. De man heeft me wel drie keer gestoken in mijn arm, schouder en gezicht. Ik zag dat [slachtoffer 7] kwam en ons hielp. Als [slachtoffer 7] niet was gekomen was ik dood geweest. De man rende weg en ik viel buiten op de grond. 56. Een proces-verbaal van verhoor slachtoffer d.d. 19 december 2017, dossierpagina’s 747-748, betreffende de verklaring van [slachtoffer 6] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 747) Op 15 december 2017 om 04.05 uur hoorden wij, verbalisanten [verbalisant 36] en [verbalisant 37] , in het AZM ziekenhuis te Maastricht [slachtoffer 6] . Zij verklaarde: (dossierpagina 748) Ik hoorde mijn moeder gillen. Ik ben haar te hulp geschoten en zag dat de man mijn moeder met een mes stak. Vervolgens stak de man mij ook. En verder sloeg de man mij. Tijdens het steken riep de man: “Ik vermoord jullie.” Opeens kwam onze buurman [fon. naam slachtoffer 7] (fon) (het hof begrijpt: [slachtoffer 7] ) ons helpen. Hij kwam in gevecht met de man. Hierop vluchtte de man onze woning uit. Opmerking verbalisanten: De broer van aangeefster liet ons twee foto’s op zijn gsm zien van de aanvaller met het mes. Aangeefster verklaarde dat de man op de foto’s de aanvaller was die haar en haar moeder met het mes had gestoken. De broer verklaarde dat hij de foto’s van Facebook-site had gedownload. Aangeefster verklaarde dat de man die haar had gestoken dezelfde kleding droeg als de man op de foto. Een grijze broek en een licht T-shirt. 57. Een proces-verbaal van verhoor aangever d.d. 15 december 2017, dossierpagina’s 749-754, betreffende de verklaring van [slachtoffer 6] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 748) Op 15 december 2017 om 13.40 uur hoorden wij, verbalisanten [verbalisant 39] en [verbalisant 38] , in het AZM ziekenhuis te Maastricht [slachtoffer 6] . Zij verklaarde: (dossierpagina 750) De man is naar binnen gekomen en heeft de deur dichtgedaan. (dossierpagina 751) V: (…) A: (…) Hij is een Syriër. V: Hoe weet jij dat hij een Syriër is? A: Door zijn manier van praten. V: Wat zei hij?A: “Ik wil jullie doodmaken.” (…) En mijn vader ook. V: Waarom zegt die man dat? Waarom zou hij dat willen doen? A: Ik heb gezegd: “Waarom?” Hij zei: “Jij gaat als eerste dood.” (…) Ik was mijn moeder aan het beschermen. Toen heeft hij mij ook geslagen met het mes. Hij heeft mijn moeder eerst geslagen met het mes. Mijn moeder had mij geroepen en toen kwam ik. Ze riep “ [slachtoffer 6] ”. Ik wilde naar de buren en hij liet mij niet. Hij heeft mij geslagen op mijn schouder. V: Je wilt de deur openmaken voor de buren te halen voor hulp. Hij wilde dit niet en toen heeft hij jou geslagen op de schouder?A: Ja. V: Was dit nog in de gang?A: Ja. (…) Toen ben ik de deur gaan openen en gaan schreeuwen. Ik heb hem geduwd zodat ik de deur kon openen. (…) Toen is [fon. naam slachtoffer 7] (fon) (het hof begrijpt telkens: [slachtoffer 7] ) gekomen. Als hij niet was gekomen, was ik nu dood. [fon. naam slachtoffer 7] heeft hem geslagen. En die dader heeft [fon. naam slachtoffer 7] ook geslagen op zijn hoofd. Toen is hij weggerend. (dossierpagina 752) V: Toen de man naar je vader vroeg, noemde hij toen zijn naam?A: Nee, hij zei “Waar is hij, waar is hij”. En hij zei: “Jullie gaan ook dood. Iedereen gaat dood.” 58. Een proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 15 december 2017, dossierpagina’s 773-774, betreffende de verklaring van [slachtoffer 7] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 773) Op vrijdag 14 december 2017 omstreeks 21.00 uur/21.15 uur zat ik in mijn woonkamer. Ik kan vanaf mijn woonkamer door het woonkamerraam naar buiten kijken. Ik kijk dan tegen de woning van mijn overburen aan, zijnde de [straatnaam 11] 10 te Maastricht. Ik weet dat hier een Syrisch gezin woont. Ik zag dat vader [fon. naam benadeelde partij 8] (het hof begrijpt: [benadeelde partij 8] ) samen met zijn zoon [voornaam benadeelde partij 10] (het hof begrijpt: [benadeelde partij 10] ) uit zijn woning kwam gelopen, zij zijn samen weggegaan. Niet veel later kwam de andere zoon genaamd [voornaam benadeelde partij 9] (het hof begrijpt: [benadeelde partij 9] ) uit de woning. Ongeveer drie minuten later stond een voor mij onbekende man aan de deur van mijn overburen op huisnummer 10. Ik zag dat de man bij hen aanbelde. Ik zag dat de moeder van het gezin de voordeur van de woning opende. Ik zag dat de man naar binnen stapte en ik zag dat hij met zijn rechterhand slaande en hakkende bewegingen maakte richting de moeder. Ik zag op dat moment dat de man een mes in zijn rechterhand hand had. Ik zag dat zowel de man en moeder in de hal stonden. (dossierpagina 774) Ik ben toen naar buiten gegaan. Op het moment dat ik naar de overkant keek, keek ik bovengenoemde woning van mijn overburen binnen. De man die ik eerder met de moeder zag vechten, zag ik nu met dochter [fon. naam slachtoffer 6] (het hof begrijpt: [slachtoffer 6] ) vechten. Ik zag dat de man slaande bewegingen maakte met het mes richting de dochter en ik zag de dochter zich met haar armen afweren. Ik zag dat de dochter helemaal onder het bloed zat. Ik zag de moeder op de grond in de gang liggen en ik zag deze vrouw niet meer bewegen. Gedurende het incident tussen de man en de dochter, heeft de moeder achter hun op de grond gelegen, waarbij zij geen enkele keer bewogen heeft. Ik ben toen naar huis gelopen en heb een wielsleutel gepakt. Ik ben naar de overkant toegelopen, naar de woning van mijn overburen, om de dochter te helpen. 59. Een proces-verbaal van aangifte d.d. 18 december 2017, dossierpagina’s 776-779, betreffende de verklaring van [slachtoffer 7] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 776) Op 17 december 2017 te 13.30 kwamen wij, verbalisanten [verbalisant 38] en [verbalisant 39] , bij de [straatnaam 11] 9 te Maastricht bij [slachtoffer 7] . Hij deed aangifte en verklaarde het volgende. (dossierpagina 777) (…) Ik zag een persoon aan de overzijde bij perceel 10 aan de voordeur bellen. Het duurde even voordat de deur werd geopend. Toen dit eenmaal gebeurde, zag ik dat de persoon die had aangebeld, de voordeur verder openduwde. Ik herkende de overbuurvrouw [slachtoffer 5] . [slachtoffer 5] probeerde de deur dicht te duwen. (…) Op het moment dat de deur van perceel 10 dicht was, heb ik vanuit de gang van mijn woning een wiel moersleutel gepakt. (…) Toen ik bij de deur kwam van perceel 10, ging deze open. Ik zag door de geopende deur dat [slachtoffer 5] in de gang bij de voordeur op de grond lag. Ik zag dat de man vocht met de dochter, [slachtoffer 6] . Ik zag dat de man stekende bewegingen maakte in de richting van het lichaam van [slachtoffer 6] . Ik zag dat [slachtoffer 6] met haar armen in de lucht, trachtte een en ander af te weren. Ik sloeg de man met de moersleutel voor op zijn hoofd. Ik zag dat de man achterover viel. Ik dacht dat de man door mijn slag wel even weg was, hij stond echter op en kwam met zwaaiende en stekende bewegingen mijn kant uit. Ik voelde het mes van de man aan mijn voorhoofd. Ik voelde en ik zag dat ik werd geraakt, ik voelde meteen bloeddruppels over mijn gezicht lopen. Ik had nog steeds de moersleutel vast en riep dat hij zijn mes moest laten vallen. Dat deed de man niet. Hij kon niet weg want ik blokkeerde zijn vluchtweg. De man kwam weer op me af en ik raakte hem weer met de wielsleutel. Mijn eigen hoofdwond begon harder te bloeden en daarom liep ik terug naar mijn eigen woning aan de overkant. Hierdoor kon de man dus vluchten. 60. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 20 december 2017, met bijlage, dossierpagina’s 780-782, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 38] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 780) Op 19 december 2017 vertelde [slachtoffer 7] dat hij kort na het feit op Facebook een foto heeft gezien. Dit betrof een foto van een man met een bebloed gezicht en bebloede kleding. De man zit op een stoel en de politie staat naast hem. (dossierpagina 781) Door mij werd aan [slachtoffer 7] gevraagd: Wie is deze man? Door [slachtoffer 7] werd geantwoord: De man op de foto is de man die [slachtoffer 5] , [slachtoffer 6] en mij gestoken heeft. Op 20 december 2017 werd bijgevoegde foto door aangever [slachtoffer 7] aan de politie verstrekt (hof: dit betreft dezelfde foto als de foto weergegeven op pagina 55 van het dossier). 61. Een proces-verbaal schouw slachtoffer [slachtoffer 5] , met als bijlage een foto-map inhoudende 34 foto’s, dossierpagina’s 1428-1455, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 23] en [verbalisant 24] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1428) Op 15 december 2017 te 19.30 uur verrichtte B. Berkhout, forensisch arts, in ons bijzijn in het MUMC (Maastricht Universitair Medisch Centrum) lijkschouw op het lichaam van [slachtoffer 5] , geboren op [geboortedatum 4] te [geboorteplaats 3] , Syrië. Het lijk was voorzien van het SIN [SIN 9] . De schouw werd uitgevoerd voorafgaand aan een forensisch radiologisch onderzoek in het MUMC in een van de onderzoeksruimten van de afdeling radiologie. Tijdens de schouw maakte ik, [verbalisant 23] , foto's, waar in dit proces-verbaal steeds naar wordt verwezen. Die foto's [genummerd FO-12-01 tot en met FO-12-34] zijn opgenomen in een foto-map, die als bijlage bij dit proces-verbaal is gevoegd en deel uitmaakt van dit proces-verbaal. Het was het lichaam van een volwassen vrouw. Aan het lichaam waren diverse steek- en snijverwondingen. 62. Een proces-verbaal forensisch radiologisch onderzoek [slachtoffer 5] d.d. 17 februari 2018, dossierpagina 1456, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 23] en [verbalisant 24] , voor zover inhoudende: Op 15 december 2017 te 21.00 uur werd aan het lichaam van [slachtoffer 5] een forensisch radiologisch onderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek vond direct na de lijkschouw in ons bijzijn plaats. Na afloop van het onderzoek werd een voorlopig sturingsverslag verstrekt. 63. Een geschrift, inhoudende een voorlopig sturingsverslag van het Maastricht UMC+, Unit Forensische Radiologie, d.d. 15 december 2017, dossierpagina’s 1457-1459, opgemaakt door [radioloog] (radioloog MUMC), [forensisch radiologisch consulent 1] en [forensisch radiologisch consulent 2] (forensisch radiologisch consulenten), voor zover inhoudende: (dossierpagina 1459) Conclusie/bevindingen: Meerdere letsels met name laag in de nek en aan de rugzijde, de belangrijkste: ter hoogte van de schouder links, waarbij het diepste letsel meer dan 8 cm diep is door de huid, onderhuidse weefsels en spieren met klieving van de achterzijde van de 2e rib links, tot in de borstholte en rechts op de rug, tot op/met klieving van de achterzijde van de 9e rib. Klaplong beiderzijds en vocht in de borstholte rechts. 64. Een proces-verbaal sectie slachtoffer [slachtoffer 5] , dossierpagina 1623, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 24] , met bijbehorende foto-map, dossierpagina’s 1632-1775, voor zover inhoudende: Op 18 december 2017 werd op het lichaam van [slachtoffer 5] , geboren op [geboortedatum 4] te [geboorteplaats 3] (Syrië), sectie verricht. Deze sectie werd verricht bij het NFI (Nederlands Forensisch Instituut te Den Haag), door H. de Boer, arts en forensisch patholoog in opleiding, onder supervisie van arts en forensisch patholoog M. Buiskool. Tijdens de sectie werd door een fotograaf van het NFI foto's gemaakt. Deze foto's, genummerd van sectie 2017-297 001 tot en met 2017-297 287, zijn in een foto-map als bijlage bij dit proces-verbaal gevoegd (hof: dossierpagina’s 1632-1775). 65. Een rapport van het Nederlands Forensisch Instituut “Pathologie onderzoek naar aanleiding van een mogelijk niet natuurlijke dood”, opgesteld door dr. H.H. de Boer d.d. 14 juni 2018, met bijlagen, dossierpagina’s 2050-2070, voor zover inhoudende: (dossierpagina 2053) Bij de sectie op het lichaam van [slachtoffer 5] is het volgende gebleken. 3. Er waren in totaal 5 snijletsels (A, B, D, H en L) (opmerking hof: de letters waarnaar in dit rapport wordt verwezen, zijn weergegeven in de bijlage op dossierpagina 2070) en 19 steekletsels (C, E-G, I-K, M-X). Letsels Q, X, T, P en/of S reikten tot in de linker- of rechterborstholte. Letsel Q reikte tot in de linker borstholte, met onder andere klieving van de 2e rib links achterwaarts en perforatie van de bovenkwab van de linkerlong. Letsels P en/of S reikte(
  16. n)tot in de linker borstholte, met onder andere beschadiging van de 8ste rib links achterwaarts en perforatie van de onderkwab van de linkerlong. Letsel X reikte tot in de rechter borstholte, met onder andere klieving van de 9e rib rechts achterwaarts, perforatie van de onderkwab van de rechterlong en perforatie van een grote aftakking van de rechter longslagader. Letsels E en F vormden een doorsteek van de rechter bovenarm. Letsel G lag in het verlengde van deze doorsteek. In relatie met letsels H en D was er beschadiging van het schedelbot. In relatie met letsel N was er een breuk van de linker schouderkop. 4. Steekletsels I, J, M, O, P, Q, S, T, V, W en X toonden één scherp en één stomp wonduiteinde. De wonduiteinden van de overige letsels waren suboptimaal te beoordelen. De maximaal gemeten steekkanaaldiepte bedroeg circa 10,5 cm (doorsteek tussen letsels E en F). De lengte van de (dossierpagina 2054) steekwonden die betrouwbaar te beoordelen waren, bedroeg circa 3,1 – 3,4 cm (letsels X en Q). Enkele letsels (letsels O, P en S) toonden aan de rand parallel gelegen stipvormige tot streepvormige oppervlakkige huid beschadigingen. 5. In de rechter borstholte waren circa 325 ml bloed en bloedstolsels. 6. Interpretatie van resultaten De sectie betrof een vrouw met aan de romp, de rechterarm en het hoofd in totaal 5 snijletsels en 19 steekletsels (sub 3). Deze letsels zijn alle bij leven ontstaan door de inwerking van uitwendig mechanisch scherprandig snijdend en/of perforerend geweld, zoals opgeleverd kan worden door steken/snijden met één of meerdere messen. Drie of vier van de letsels sub 3 (letsels P en/of S, X en Q) reikten tot in de linker-of rechterborstholte, met onder andere perforatie van de linker- en rechterlong en een grote aftakking van de rechter longslagader. Perforatie van beide borstholten en beide longen leidt tot ernstige longfunctiestoornissen met zuurstof gebrek van belangrijke organen tot gevolg. De perforatie van een grote aftakking van de rechter longslagader gaat doorgaans gepaard met ernstig bloedverlies, met algehele weefselschade en functieverlies van belangrijke organen tot gevolg. De bevindingen van sub 5 passen bij ernstig bloedverlies. De longfunctiestoornissen en het bloedverlies verklaren het overlijden zonder meer. In relatie met de overige steek- en snijletsels waren er geen grote bloedvaten of belangrijke organen geraakt. Deze letsels kunnen op zich de dood van het slachtoffer niet (dossierpagina 2055) verklaren. Wel kunnen zij een bijdrage hebben geleverd aan het overlijden middels bloedverlies. Ten aanzien van het identificeren van een oorzakelijk steek-/snijwapen wordt opgemerkt dat meerdere steekletsels één stomp en één puntig uiteinde hadden (sub 4). Het aantreffen van deze bevindingen is waarschijnlijker onder de hypothese dat zij zijn ontstaan door steken met een eenzijdig scherprandig voorwerp dan onder de hypothese dat zij zijn ontstaan door steken met een tweezijdig scherprandig voorwerp. De stip- tot streepvormige oppervlakkige huidbeschadigingen aan de wondranden van letsels O, P en S kunnen zijn veroorzaakt door een getand of gekarteld (deel) van een scherprandig voorwerp (bijv. een kartelmes) of door impressie van een structuur aan het heft van het gebruikte steekwapen. (dossierpagina 2056) 7. Conclusie Het overlijden van [slachtoffer 5] , 56 jaren oud, wordt verklaard door algehele weefselschade door longfunctiestoornissen en bloedverlies, veroorzaakt door drie of vier steekverwondingen aan de borstkas. De overige snij- en steekletsels kunnen op zich het overlijden van de dood niet verklaren, maar hebben mogelijk een bijdrage geleverd aan het overlijden middels bloedverlies. 66. Een geschrift, inhoudende een rapport van een forensisch medisch onderzoek d.d. 26 april 2018 opgesteld door M.W.G. Govaerts, forensisch geneeskundige, dossierpagina’s 2014-2024, voor zover inhoudende: (dossierpagina 2015) Zaakgegevens: Slachtoffer: [slachtoffer 6] , geboren op [geboortedatum 5] te [geboorteplaats 4] (Syrië). Vraagstelling: Het verzoek luidt een rapport op te stellen betreffende de letsels van slachtoffer. (dossierpagina 2016) Lichamelijk onderzoek: Bij inspectie van het slachtoffer valt meteen de asymmetrie in het gelaat wat betreft de ooglidspleetopening en een litteken in de linkerhelft van het gelaat op (foto 1 en 2) (hof: de foto’s zijn weergegeven op dossierpagina’s 2018-2024). -Vanaf het voorhoofd is via het bovenste ooglid, het onderste ooglid, het jukbeen en de wang tot en met de bovenlip een litteken zichtbaar (foto 3, 4 en 5). -Links in de nek en op de achterzijde van de linkerschouder bevinden zich in totaal drie, rode, ovaalvormige huidafwijkingen van ongeveer 0,5 bij 0,5-1 cm. lengte (foto's 7, 8 en 9). -Aan de voorzijde van de linker bovenarm is een streepvormige, wit-roze huidafwijking zichtbaar van ca. 1 cm lengte (foto 10 en 11). -Aan de binnenzijde van de linker onderarm, aan de pinkzijde is een ca. 1,5 cm lange rood-roze huidafwijking zichtbaar (foto 12 en 13). Alle beschreven huidafwijkingen hebben het aspect van een litteken: het restant na genezing van een de huid penetrerende wond. Medisch dossier: Uit verkregen kopieën van het medisch dossier van slachtoffer blijkt dat slachtoffer op 14 december 2017 om 21.59 uur werd binnengebracht door de ambulance op de spoedeisende hulp afdeling van het MUMC+. Er was sprake van bloedverlies uit een wond in het aangezicht, die van net boven het linkeroog tot en met de bovenlip en tot in de spierlaag verliep. Ook werden enkele kleine, oppervlakkige steekverwondingen geconstateerd links in de hals, aan de bovenarm en bij de pols. Slachtoffer werd opgenomen in het ziekenhuis om een operatief herstel van het aangezichtsletsel te ondergaan. (dossierpagina 2017) Uit de brieven van de oogarts blijkt dat er ten gevolge van het aangezichtsletsel een situatie is ontstaan waarbij het linkeroog niet volledig gesloten kan worden ten gevolge van littekenweefsel rond het oog. Het onderooglid is iets naar buiten gedraaid. Ten gevolge van het niet volledig kunnen sluiten van het oog ontstaat, door uitdroging, een ontsteking van het hoornvlies en het bindweefsel van het oog. De behandeling bestaat uit het druppelen en afplakken van het oog. Beschouwing van de bevindingen: Bij slachtoffer zijn littekens geconstateerd in het gelaat, in de nek en aan de linkerarm. Het betreffen littekens ten gevolge van steek-snijverwondingen. Snij-en steekverwondingen zijn wonden die ontstaan doordat een scherp voorwerp de huid penetreert. Elk voorwerp met hetzij een scherpe rand, hetzij een of meer scherpe punten kan een snij- of steekwond veroorzaken. De door het slachtoffer beschreven toedracht, namelijk het meermaals steken met een mes ter hoogte van het gelaat, de hals en bovenarm kan potentieel fataal letsel veroorzaken: in de hals zijn diverse grote bloedvaten aanwezig. Bij doorsnijden van deze bloedvaten is het risico op bloedverlies met de dood tot gevolg aanzienlijk. Bij slachtoffer is sprake van blijvend letsel: vanuit cosmetisch oogpunt is een litteken in het gelaat ernstig letsel. Daarnaast is er ook functioneel letsel: ten gevolge van littekenweefsel kan het linkeroog niet volledig gesloten worden. Het is nu nog niet duidelijk hoe het herstel zal zijn: in elk geval zal een tweede operatie noodzakelijk zijn om herstel te bewerkstelligen. 67. Een geschrift, inhoudende een rapport van een forensisch medisch onderzoek d.d. 9 april 2018 opgesteld door M.W.G. Govaerts, forensisch geneeskundige, dossierpagina’s 2025-2030, voor zover inhoudende: (dossierpagina 2026) Slachtoffer: [slachtoffer 7] . Slachtoffer was op 14 december 2017 betrokken bij een steekincident. Slachtoffer werd behandeld in het Maastricht Universitair Medisch Centrum (MUMC+). Vraagstelling: De aanvraag betreft een verzoek het geconstateerde letsel te beschrijven en forensisch te duiden. (dossierpagina 2027) Lichamelijk onderzoek: Bij inspectie van het hoofd is er een verticaal verlopende, 2,5 cm lange, streepvormige huidafwijking zichtbaar, midden op het voorhoofd, (foto's 1 t/m 3) (hof: deze foto’s zijn weergegeven op dossierpagina’s 2029-2030). Onder de huidafwijking is een lichte verharding voelbaar, en profiel is zichtbaar dat er een lichte zwelling onder de huidafwijking aanwezig is. (foto 4). De huidafwijking heeft het aspect van een litteken. Medisch dossier: Uit verkregen kopieën van het medisch dossier van slachtoffer blijkt dat slachtoffer op 14 december 2017 om 22.06 uur werd binnengebracht door de ambulance op de spoedeisende hulp afdeling van het MUMC+. Er werd een ca. 3 cm lange en 0,5 cm diepe wond in het gelaat, midden op het voorhoofd geconstateerd, met iets wijkende niet-rafelige wondranden. De wond werd gehecht, slachtoffer kreeg een tetanusinjectie en werd naar huis ontslagen. Beschouwingen, bevindingen en conclusie: Op 14 december 2017 werd een huidletsel op het voorhoofd met het aspect van een snijwond gehecht door de spoedeisende hulp arts van het MUMC+. Snij-en steekverwondingen zijn wonden die ontstaan doordat een scherp voorwerp de huid penetreert. Elk voorwerp met hetzij een scherpe rand, hetzij een of meer scherpe punten kan een snij- of steekwond veroorzaken. Bij slachtoffer werd tijdens een FMO een litteken op het voorhoofd geconstateerd, passend bij een genezen snijverwonding. 68. Een proces-verbaal sporenonderzoek d.d. 8 januari 2018, met als bijlage een foto-map, dossierpagina’s 1326-1329, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 34] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1324) Op donderdag 14 december 2017 om 22.44 uur, voorafgaande aan het sporenonderzoek, werd aan mij uit handen van [verbalisant 26] een mes overgedragen. Dit mes was aangetroffen in het multicultureel centrum, gelegen aan de [straatnaam 10] 24 te Maastricht. In dit multicultureel centrum werd de verdachte aangehouden. Het mes was door medewerkers van het multicultureel centrum van de verdachte afgenomen (hof: zie bewijsmiddelen 37, 38, 39, 40 en 41). Ik zag dat het een vleesmes betrof met een totale lengte van ongeveer 32 cm. Om het heft was een papieren doek gewikkeld. De papieren doek, het heft en het lemmet waren deels bebloed [foto: FO-05-01 t/m FO-05-04] (hof: dossierpagina’s 1328-1329). Door mij werden de papieren doek en het mes afzonderlijk verpakt en veiliggesteld. SIN: [SIN 10] Object: Mes SIN: [SIN 11] Object: Doekje. 69. Een proces-verbaal afname DNA-celmateriaal door opsporingsambtenaar d.d. 5 januari 2018, dossierpagina 1857, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 40] , voor zover inhoudende: Op vrijdag 5 januari 2018 is door mij op de door de Minister van Veiligheid en Justitie voorgeschreven wijze en met de voorgeschreven hulpmiddelen wangslijmvlies afgenomen van [slachtoffer 6] . Tot het verrichten van dit onderzoek heeft zij schriftelijk toestemming verleend. Het afgenomen celmateriaal werd op de voorgeschreven wijze verpakt, gewaarmerkt en verzegeld. 70. Een proces-verbaal aanvraag DNA-onderzoek sporen en benoeming DNA-deskundige (referentiemonster [slachtoffer 6] ) d.d. 10 januari 2018, dossierpagina’s 1850-1851, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 41] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1850) Persoonsgebonden spoor Persoonsgebonden spoornr : PL236E-2017198657-468039 SIN : [SIN 12] DNA afkomstig van : [slachtoffer 6] Soort DNA : Wangslijmvlies Referentie : [SIN 12] Datum afname DNA : 5 januari 2018 71. Een rapport van het NFI d.d. 3 januari 2018, betreffende ‘Onderzoek naar biologische sporen en DNA-onderzoek naar aanleiding van twee steekincidenten met dodelijke afloop in Maastricht op 14 december 2017’, opgemaakt door ing. M.J.W. Pouwels, NFI-deskundige forensisch onderzoek van biologische sporen en DNA, dossierpagina’s 1940-1943, voor zover inhoudende: (dossierpagina 1942) DNA-databank Het DNA-profiel van het slachtoffer [slachtoffer 5] [SIN 13] is op 2 januari 2018 opgenomen in de Nederlandse DNA-databank voor strafzaken en wordt sindsdien vergeleken met daarin aanwezige DNA-profielen. 72. Een rapport van het NFI d.d. 11 april 2018, betreffende ‘Onderzoek naar biologische sporen en DNA-onderzoek naar aanleiding van twee steekincidenten met dodelijke afloop in Maastricht op 14 december 2017’, opgemaakt door ing. M.J.W. Pouwels, NFI-deskundige forensisch onderzoek van biologische sporen en DNA, dossierpagina’s 1958-1962, voor zover inhoudende: (dossierpagina 1958) Het mes [SIN 10] is onderzocht op de aanwezigheid van bloed. Hierbij is verspreid over het gehele mes bloed aangetroffen. (dossierpagina 1959) Onderstaand onderzoeksmateriaal is veiliggesteld voor een DNA-onderzoek. [SIN 10] #01 bemonstering met bloed van het heft van het mes [SIN 10] #02 en #03 bloed vanaf het heft van het mes [SIN 10] #04 t/m #08 bloed vanaf het lemmet van het mes Resultaten, interpretatie en conclusie De DNA-profielen die zijn vergeleken met de DNA-profielen van de bemonsteringen zijn: [SIN 7] verdachte [verdachte] [SIN 14] slachtoffer [slachtoffer 7] [SIN 12] slachtoffer [slachtoffer 6] [SIN 6] overleden slachtoffer [slachtoffer 4] [SIN 13] overleden slachtoffer [slachtoffer 5] Tabel 1: Resultaten, interpretatie en conclusie vergelijkend DNA-onderzoek SIN Beschrijving DNA-profiel DNA kan afkomstig zijn van Matchkans DNA-profiel [SIN 10] #01 DNA-profiel van een man [verdachte] Kleiner dan 1 op 1 miljard [SIN 10] #02 DNA-profiel van een man [verdachte] Kleiner dan 1 op 1 miljard [SIN 10] #03 DNA-profiel van een man [verdachte] Kleiner dan 1 op 1 miljard (dossierpagina 1960) Tabel 1: Resultaten, interpretatie en conclusie vergelijkend DNA-onderzoek SIN Beschrijving DNA-profiel DNA kan afkomstig zijn van Matchkans DNA-profiel [SIN 10] #04 DNA-mengprofiel van minimaal twee personen [verdachte] [slachtoffer 6] Niet berekend vanwege overige resultaten [SIN 10] #05 DNA-mengprofiel van minimaal twee personen [verdachte] [slachtoffer 5] Niet berekend vanwege overige resultaten [SIN 10] #06 DNA-mengprofiel van minimaal twee personen DNA-hoofdprofiel van een man Zwak aanwezige DNA-kenmerken [verdachte] [slachtoffer 6] Kleiner dan 1 op 1 miljard Niet berekend vanwege resultaat [SIN 10] #04 [SIN 10] #07 DNA-mengprofiel van minimaal twee personen DNA-hoofdprofiel van een vrouw Zwak aanwezige DNA-kenmerken [slachtoffer 5] [slachtoffer 6] Kleiner dan 1 op 1 miljard Niet berekend vanwege resultaat [SIN 10] #04 (dossierpagina 1961) Bewijskracht van het vergelijkend DNA-onderzoek Ten behoeve van het berekenen van de bewijskracht (zie ook het kader 'Bewijskracht van het resultaat van vergelijkend DNA-onderzoek') van de match tussen het DNA-profiel van slachtoffer [slachtoffer 6] en DNA-mengprofiel [SIN 10] #04 zijn de volgende aannames gedaan: • bemonstering [SIN 10] #04 bevat DNA van twee personen; • verdachte [verdachte] is donor van een deel van het DNA in de bemonstering [SIN 10] #04 • de donoren van DNA in de bemonstering [SIN 10] #04 zijn onderling niet verwant. Onder deze aannames zijn de resultaten van het DNA-onderzoek beschouwd onder het volgende hypothesepaar: Hypothese 1: De bemonstering bevat DNA van verdachte [verdachte] en slachtoffer [slachtoffer 6] . Hypothese 2: De bemonstering bevat DNA van verdachte [verdachte] en één willekeurige onbekende persoon. Het verkregen DNA-mengprofiel [SIN 10] #04 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer hypothese 1 waar is, dan wanneer hypothese 2 waar is. 73. Een aanvullend rapport van het NFI d.d. 16 april 2018, betreffende ‘Onderzoek naar biologische sporen en DNA-onderzoek naar aanleiding van twee steekincidenten met dodelijke afloop in Maastricht op 14 december 2017’, opgemaakt door ing. M.J.W. Pouwels, NFI-deskundige forensisch onderzoek van biologische sporen en DNA, dossierpagina’s 1973-1977, voor zover inhoudende: (dossierpagina 1973) Politie Eenheid Limburg heeft verzocht (…) onderzoeksmateriaal [SIN 3] (schoenen) aanvullend te onderzoeken op de aanwezigheid van humane biologische sporen en DNA. De schoenen zijn eerder onderzocht op de aanwezigheid van bloed. Hierbij zijn vier bloedsporen [SIN 3] #01 tot en met #04 veiliggesteld en onderworpen aan een DNA-onderzoek. (dossierpagina 1974) Bij het aanvullend onderzoek zijn van elke schoen nog vier bloedsporen bemonsterd. De bemonsteringen zijn als [SIN 3] #05 tot en met #08 (linkerschoen) en [SIN 3] #09 tot en met #12 (rechterschoen) veiliggesteld voor een DNA-onderzoek. Op beide schoenen is nog bloed aanwezig. (dossierpagina 1975) Tabel 1: Resultaten, interpretatie en conclusie (…) SIN Beschrijving DNA-profiel Matchkans DNA-profiel [SIN 3] #06 (linkerschoen) DNA-profiel van een vrouw - Slachtoffer [slachtoffer 6] Kleiner dan 1 op 1 miljard [SIN 1] #08 (linkerschoen) DNA-profiel van een vrouw - Slachtoffer [slachtoffer 6] Kleiner dan 1 op 1 miljard (…) 74. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 15 december 2017, dossierpagina’s 712-713, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 42] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 712) Op 14 december 2017 omstreeks 21.00 uur (…) kreeg ik de opdracht te gaan naar de [straatnaam 11] te Maastricht. Ter plaatse kreeg ik de opdracht van een gewonde man, getuige [slachtoffer 7] , zijn verwondingen te bekijken. [slachtoffer 7] was woonachtig op het adres [straatnaam 11] 9 te Maastricht. Toen ik naar de voordeur van de woning liep, werd ik aangesproken door getuige [naam benadeelde partij 16] . Ik hoorde dat ze me vertelde dat haar man [slachtoffer 7] de dader met een stuk gereedschap had geslagen. Getuige wees mij op de grond in de hal van de woning op een stuk gereedschap dat op de grond lag. Ik herkende het gereedschap als een steel van een momentsleutel. Ik zag dat er bloed op de momentsleutel zat. Ik besloot het stuk gereedschap in beslag te nemen en veilig te stellen voor onderzoek. 75. Een proces-verbaal overdracht moersleutel d.d. 2 januari 2018, met als bijlage een foto-map, dossierpagina’s 1320-1323, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 34] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1320) Op donderdag 14 december 2017 om 22:30 uur, voorafgaande aan het sporenonderzoek, werd aan mij uit handen van [verbalisant 42] een moersleutel overgedragen. De moersleutel was afkomstig van de bewoner van perceel [straatnaam 11] 9 te Maastricht. Deze bewoner is gedurende het steekincident op de verdachte afgelopen. Hierbij heeft de bewoner van perceel nummer 9 de verdachte met de moersleutel op het hoofd geslagen. De moersleutel was verpakt in een papieren zak en in deze toestand door mij overgenomen en veiliggesteld. Het betrof een moersleutel met een totale lengte van ongeveer 50 centimeter. De moersleutel is voorzien van een zwart rubberen handvat. Het metalen gedeelte van de moersleutel was over de gehele lengte bebloed [FO-04-01 t/m FO-04-04] (hof: deze foto’s zijn weergegeven op dossierpagina’s 1322-1323). SIN : [SIN 15] Merk/type : Moersleutel 76. Een proces-verbaal afname DNA-celmateriaal door opsporingsambtenaar d.d. 5 januari 2018, dossierpagina 1848, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 40] , voor zover inhoudende: Op vrijdag 5 januari 2018 is door mij op de door de Minister van Veiligheid en Justitie voorgeschreven wijze en met de voorgeschreven hulpmiddelen wangslijmvlies afgenomen van [slachtoffer 7] . Tot het verrichten van dit onderzoek heeft hij schriftelijk toestemming verleend. Het afgenomen celmateriaal werd op de voorgeschreven wijze verpakt, gewaarmerkt en verzegeld. 77. Een proces-verbaal aanvraag DNA-onderzoek sporen en benoeming DNA-deskundige (referentiemonster [slachtoffer 7] ) d.d. 10 januari 2018, dossierpagina’s 1841-1842, betreffende het relaas van verbalisant [verbalisant 41] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 1850) Persoonsgebonden spoornr : PL236E-2017198657-752718 SIN : [SIN 14] DNA afkomstig van: [slachtoffer 7] Soort DNA: Wangslijmvlies Datum afname DNA: 5 januari 2018. 78. Een rapport van het NFI d.d. 5 maart 2018, betreffende ‘Onderzoek naar biologische sporen en DNA-onderzoek naar aanleiding van twee steekincidenten met dodelijke afloop in Maastricht op 14 december 2017’, opgemaakt door ing. M.J.W. Pouwels, NFI-deskundige forensisch onderzoek van biologische sporen en DNA, dossierpagina’s 1952-1955, voor zover inhoudende: (dossierpagina 1952) Politie Eenheid Limburg heeft verzocht de moersleutel [SIN 15] (…) te onderzoeken op de aanwezigheid van humane biologische sporen en DNA. Het doel van dit onderzoek is het vaststellen van wie het DNA op dit onderzoeksmateriaal afkomstig kan zijn. (dossierpagina 1953) (…) Moersleutel [SIN 15] De moersleutel is onderzocht op de aanwezigheid van bloed. Verspreid over de moersleutel zijn meerdere bloedsporen aangetroffen. Zes bloedsporen zijn bemonsterd. Deze bemonsteringen zijn als [SIN 15] #01 tot en met #07 veiliggesteld voor een DNA-onderzoek. Resultaten, interpretatie en conclusie De DNA-profielen die zijn vergeleken met de DNA-profielen van de bemonsteringen zijn: [SIN 7] verdachte [verdachte] [SIN 14] [slachtoffer 7] (dossierpagina 1954) Tabel 1: Resultaten, interpretatie en conclusie vergelijkend DNA-onderzoek SIN Beschrijving DNA-profiel DNA kan afkomstig zijn van Matchkans DNA-profiel [SIN 15] #01 DNA-mengprofiel Afgeleid DNA-hoofdprofiel van een man (…) Slachtoffer [slachtoffer 7] Kleiner dan 1 op 1 miljard [SIN 15] #02 DNA-mengprofiel Afgeleid DNA-hoofdprofiel van een man (…) [verdachte] Kleiner dan één op één miljard [SIN 15] #03 tot en met #07 DNA-profiel van een man [slachtoffer 7] Kleiner dan één op één miljard 79. Een proces-verbaal van bevindingen eerste verhoor [verdachte] d.d. 18 december 2017, dossierpagina’s 579-580, betreffende het relaas van verbalisanten [verbalisant 43] en [verbalisant 22] , voor zover inhoudende: (dossierpagina 579) Op zondag 17 december 2017 omstreeks 14.45 uur hoorden wij in de PI te Vught [verdachte] als verdachte ter zake dubbele moord en poging doodslag. In aanwezigheid van de tolk [tolk] . (dossierpagina 580) [voornaam verdachte] gaf toe dat hij op de [straatnaam 11] te zijn geweest. Op woensdagavond en meerdere malen op de donderdag. Op de donderdag was hij meerdere keren bij [bijnaam benadeelde partij 8] (het hof begrijpt: [benadeelde partij 8] , die ook wel [bijnaam benadeelde partij 8] werd genoemd) geweest. Hij verklaarde dat dit verraders waren en dat zij in een complot zaten van hetgeen in Syrië gebeurd was. Dat die erachter zat dat ze hem achtervolgden. Hij verklaarde dat hij donderdag daar geweest was. Hij verklaarde dat een van de zonen aanwezig was bij een van die bezoeken. Dat was ook een rat, net als zijn vader. Dit waren zij die de kinderen vermoordden. Hij zei dat ze naar de hel kon gaan. Op de vraag waarom hij de dochter [slachtoffer 6] die verwondingen had toegebracht, antwoordde hij dat hij hier geen antwoord op wilde geven. Hij viel diverse keren terug op het verhaal van Syrië. 80. Een geschrift, inhoudende een verbatim uitwerking van het in bewijsmiddel 79 opgenomen proces-verbaal van bevindingen eerste verhoor [verdachte] en welke als bijlage bij dit proces-verbaal is gevoegd, dossierpagina’s, 583-592, voor zover inhoudende: (dossierpagina 587) Verhoorder: Op de [straatnaam 11] is mevrouw [slachtoffer 5] doodgestoken. Wat heeft hij daarop te zeggen? Verdachte: Dat zijn ze. Degenen die de kinderen van mijn broer hebben vermoord. Dat zijn de moordenaren. (…) Ze zijn gestuurd om mij te vermoorden en om mijn familie te vermoorden. (…) Verhoorder: Dat is waar mevrouw [slachtoffer 5] is doodgestoken? Verdachte: Ze kan naar de hel gaan. Naar de hel gaan. Naar de hel als god het wil. Verhoorder: Heeft hij (het hof begrijpt dat de vraag via de tolk aan verdachte werd gesteld) gesproken met [naam benadeelde partij 8] ? Verdachte: Ja. (…) Ik dacht dat hij mij kon helpen. Later heb ik ontdekt dat hij achter de operatie zit. Dat hij mensen achter mij stuurt. Dat ze mij in de gaten houden. (dossierpagina 588) Er zijn ook nog andere vijf personen. Die lijken op ratten. Als

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.