GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH Team Handelsrecht zaaknummer 200.270.449/01 arrest van 19 oktober 2021 in de zaak van Solid Semecs B.V., gevestigd te [vestigingsplaats] , appellante, hierna aan te duiden als Semecs, advocaat: mr. S.H.L. Moolenaar te Rotterdam, tegen De Daviotten B.V., gevestigd te [vestigingsplaats] , geïntimeerde, hierna aan te duiden als Daviotten, advocaat: mr. R.M.M. Menting te Eindhoven, als vervolg op het door het hof gewezen tussenarrest van 15 juni 2021 in het hoger beroep tegen de vonnissen van 6 december 2017 (incidenteel vonnis), 19 september 2018 (tussenvonnis) en 29 mei 2019 (eindvonnis), door de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats 's-Hertogenbosch, gewezen tussen Semecs als gedaagde en Daviotten als eiseres. 5Het geding in hoger beroep Het verloop van de procedure blijkt uit: het tussenarrest van 15 juni 2021 en de daarin vermelde processtukken; de memorie na tussenarrest van 13 juli 2021 van Semecs; de memorie na tussenarrest van 13 juli 2021 van Daviotten met producties; Het hof heeft daarna een datum voor arrest bepaald. Het hof doet recht op bovenvermelde stukken en de stukken van de eerste aanleg. 6De verdere beoordeling 6.1. In deze procedure gaat het kort gezegd om het volgende. Daviotten verhandelt twee producten die in de horeca gebruikt worden: een cleaner en een poleermachine. Daviotten heeft Semecs benaderd om deze machines verder te ontwikkelen. Daartoe hebben Daviotten en Semecs in eerste instantie twee overeenkomsten gesloten: één met betrekking tot de ontwikkeling van de machines (de R&D-overeenkomst) en één met betrekking tot de productie daarvan in de fase erna (productie-overeenkomst A). Omdat de ontwikkeling niet tijdig gereed was hebben partijen later een derde overeenkomst gesloten voor de productie van 200 printplaten volgens het oude ontwerp van CDS (productie-overeenkomst B). Partijen verschillen in de kern van mening of Semecs haar verplichtingen uit de R&D-overeenkomst en productie-overeenkomst B is nagekomen. Omdat partijen het er niet over eens zijn of hetgeen Semecs in het kader van de productie-overeenkomst B en in het kader van de R&D-overeenkomst heeft laten zien (en meegegeven) aan Daviotten functioneerde of niet, en zo niet wat er niet functioneerde, heeft het hof in het tussenarrest onder meer besloten om deze vraag voor te leggen aan een deskundige. Het hof heeft bepaald dat partijen medewerking dienen te verlenen aan het onderzoek, onder meer door aan de deskundige die zaken/apparatuur ter beschikking te stellen die de deskundige daartoe nodig acht. Het hof heeft daarbij in elk geval benoemd de 200 printplaten uit de productie-overeenkomst B, de twee versies van de software die Semecs daarbij heeft aangeboden, een apparaat waarin (enkele van) de 200 printplaten kunnen worden getest en hetgeen (aan apparaten) op 16 september 2016 is gedemonstreerd en aan Daviotten is meegegeven. Het hof heeft tot slot vragen aan de deskundige geformuleerd en partijen in de gelegenheid gesteld zich hierover uit te laten, net als over de persoon van de deskundige en de wijze waarop diens onderzoek zou kunnen plaatsvinden. Enkel met dat doel is de zaak verwezen naar de rol voor uitlating partijen. 6.2. Semecs heeft zich in haar memorie na tussenarrest uitgelaten over de te benoemen deskundige en daartoe en drietal namen genoemd. Semecs heeft voorgesteld om in aanvulling op de door het hof geformuleerde vragen de volgende vragen aan de deskundige voor te leggen: Ten aanzien van de R&D-overeenkomst 1. Kunt u bevestigen dat ten aanzien van de door u onderzochte printplaten door partijen of derden geen hard- en softwarematige wijzigingen zijn aangebracht na overhandiging van de printplaten door Solid Semecs aan De Daviotten? Ten aanzien van de Productie-overeenkomst B 2. Kunt u bevestigen dat ten aanzien van de door partijen of derden geen hard- en softwarematige wijzigingen zijn aangebracht na overhandiging van de printplaten door Solid Semecs aan De Daviotten? 3. Kunt u bevestigen dat de door u onderzochte printplaten vervaardigd zijn in overeenstemming met de technische produktdocumentatie zoals die door De Daviotten aan Solid Semecs ter beschikking is gesteld? Verder heeft Semecs voorgesteld het onderzoek in bijzijn van partijen te laten plaatsvinden en in het bijzijn van een door het hof aangesteld ambtelijk secretaris om het onderzoeksproces te begeleiden en notulen te maken van de bijeenkomsten en om de bijeenkomsten met een camera op te nemen. Tot slot heeft Semecs verzocht de deskundige een geheimhoudingsverklaring te laten ondertekenen gelet op onder meer de vertrouwelijkheid van de informatie ten aanzien van de mechanische en elektronische werking van de printplaten. 6.3. Daviotten is in haar memorie niet ingegaan op de vragen ten aanzien van de persoon en de deskundigheid van de deskundige en de aan de te benoemen deskundige ter beantwoording voor te leggen vragen. Hetgeen Daviotten overigens heeft aangevoerd, ligt buiten de door het hof gestelde kader en zal om die reden buiten beschouwing blijven. Voor zover het uitvoerige betoog van Daviotten in de memorie ertoe strekt dat het hof terug zou moeten komen op eerder gegeven oordelen, acht het hof daartoe geen termen aanwezig. De aan de deskundige te stellen vragen 6.4.1. Aan de in het tussenarrest geformuleerde vragen aan de deskundige zal het hof de door Semecs voorgestelde vraag toevoegen of kan worden vastgesteld dat aan de te onderzoeken printplaten en/of apparaten geen hard- en/of softwarematige wijzigingen zijn aangebracht na mei 2016 (printplaten productie-overeenkomst B) dan wel na 16 september 2016 (printplaten R&D-overeenkomst). Het hof gaat uit van deze data omdat de deskundige niet kan vaststellen wanneer partijen deze zaken aan elkaar hebben verstrekt. De als laatste door Semecs voorgestelde vraag (of de printplaten uit productie-overeenkomst B zijn vervaardigd in overeenstemming met de technische productdocumentatie zoals die door Daviotten aan Semecs ter beschikking is gesteld) neemt het hof niet mee. Of de printplaten voldoen aan hetgeen is overeengekomen is in beginsel aan het hof om te beoordelen. 6.4.2. Dit betekent dat de volgende vragen zullen worden voorgelegd: Ten aanzien van de R&D-overeenkomst Functioneren de gedemonstreerde apparaten naar behoren en zo nee, waarom niet en wat is daarvan de oorzaak? Bij de beantwoording van deze en alle volgende vragen graag uitsplitsen in het functioneren van de elektronica op de printplaat, de software, de mechanica / elektrische apparaten en de behuizing/het omhulsel, althans de combinatie ervan. Let bij deze en alle volgende vragen onder meer op storingen / oververhitting / de manier van in- en uitschakelen. Functioneren de zes in de kop gemonteerde printplaten op/in de gedemonstreerde apparaten en zo niet wat is daarvan de oorzaak? Kunt u in geval van (een) geconstateerd(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.