GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH Team Handelsrecht zaaknummer 200.274.453/01 arrest van 23 maart 2021 gewezen in het incident ex artikel 351 Rv in de zaak van BVBA Keysers Constructions, gevestigd te [vestigingsplaats] , België, appellante in de hoofdzaak, eiseres in het incident, advocaat: mr. W.J. Liebrand te Oss, tegen Yaskawa Benelux B.V., gevestigd te [vestigingsplaats] en kantoorhoudende te [kantoorplaats], geïntimeerde in de hoofdzaak, verweerster in het incident, advocaat: mr. J.A.J. Werner te Rotterdam, op het bij exploot van dagvaarding van 17 februari 2020 ingeleide hoger beroep van de vonnissen van 12 juni 2019 en 29 januari 2020, door de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, gewezen tussen appellante – Keysers – als eiseres in conventie, verweerster in reconventie en geïntimeerde – Yaskawa – als gedaagde in conventie, eiseres in reconventie. 1Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/02/333967 / HA ZA 17-518) Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormelde vonnissen en het daaraan voorafgaande tussenvonnis van 15 november 2017. 2Het geding in hoger beroep Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding in hoger beroep van 17 februari 2020 met producties, genummerd 1 en 2; de memorie van grieven, tevens houdende een incidentele conclusie voor alle weren en akte houdende wijziging c.q. vermeerdering van eis; de conclusie van antwoord in het incident; de memorie van antwoord; Het hof heeft daarna een datum voor arrest in het incident bepaald. 3De beoordeling In het incident 3.1. Keysers heeft van Yaskawa een lasrobot gekocht. Keysers stelt in de hoofdzaak, samengevat, dat zij de lasrobot vanwege gebreken niet in gebruik heeft kunnen nemen. Zij vordert daarom in hoger beroep, na wijziging van eis, voor recht te verklaren dat de koopovereenkomst is ontbonden, terugbetaling van het bedrag van € 296.161,98 vermeerderd met rente, de buitengerechtelijke kosten en schade. In het bestreden vonnis heeft de rechtbank in conventie de vorderingen van Keysers afgewezen en in reconventie Keysers veroordeeld om aan Yaskawa te betalen een bedrag van € 32.500,00 (de laatste contractueel verschuldigde termijn), vermeerderd met de contractuele rente. Verder is Keysers zowel in conventie als in reconventie in de (na)kosten veroordeeld en is het vonnis uitvoerbaar bij voorraad verklaard. 3.2. Keysers vordert in het incident schorsing van de tenuitvoerlegging van het vonnis van 29 januari 2020 totdat in deze zaak onherroepelijk is beslist, kosten rechtens. Zij stelt dat haar belang bij behoud van de bestaande situatie zwaarder weegt dan het belang van Yaskawa bij de executie van het vonnis. Keysers stelt daartoe dat de veroordeling in reconventie berust op een kennelijke misslag. Want in het tussenvonnis heeft de rechtbank overwogen dat nog geen oordeel kon worden gegeven over het antwoord op de vraag of sprake is van ingebruikname van de lasrobot. Desondanks heeft de rechtbank Keysers in het eindvonnis veroordeeld tot betaling van de slottermijn. Aan betaling van die slottermijn is volgens Keysers echter de contractuele voorwaarde verbonden dat de lasrobot in gebruik genomen moet zijn. Omdat dat zoals overwogen in het tussenvonnis nog niet kon worden vastgesteld, had de rechtbank zonder noemenswaardige motivering Keysers niet mogen veroordelen tot betaling van de slottermijn. De veroordeling van Keysers tot betaling berust daarmee op een kennelijke misslag. Verder stelt Keysers dat zij als klein bedrijf een forse lening heeft moeten afsluiten voor de aankoop van de (nog niet in gebruik genomen) lasrobot. Dat maakt dat Keysers aan de rand van de financiële afgrond staat. Verder stelt Keysers dat deze situatie ervoor heeft gezorgd dat de beoogd opvolger van de onderneming zich voortijdig heeft teruggetrokken uit het bedrijf. 3.3. Yaskawa voert gemotiveerd verweer en verzoekt het hof de vordering in het incident af te wijzen, danwel deze haar te ontzeggen, met veroordeling van Keysers in de kosten van dit incident. Yaskawa stelt, samengevat, dat een veroordeling steeds uitvoerbaar moet zijn zonder daaraan nadere voorwaarden te stellen. Dit is alleen anders als een belangenafweging daartoe aanleiding geeft. Bij die belangenafweging moet worden uitgegaan van de bestreden beslissing en de daaraan ten grondslag liggende vaststellingen en oordelen. Yaskawa stelt dat in het bestreden vonnis geen sprake is van een kennelijke misslag en dat de financiële situatie waarin Keysers stelt te verkeren evenmin aanleiding geeft tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het vonnis. Dat betekent dat Keysers niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij een in rechte te respecteren belang heeft en dat haar belang zwaarder zou moeten wegen dan het belang van Yaskawa bij de tenuitvoerlegging van het vonnis. 3.4. Bij de beoordeling van een incidentele vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging (artikel 351 Rv) heeft op grond van HR 20 december 2019, ECLI:NL:HR:2019:2026 het volgende te gelden. a. Uitgangspunt is dat een uitgesproken veroordeling, hangende een hogere voorziening, uitvoerbaar dient te zijn en zonder de voorwaarde van zekerheidstelling ten uitvoer kan worden gelegd. Afwijking van dit uitgangspunt kan worden gerechtvaardigd door omstandigheden die meebrengen dat het belang van de veroordeelde bij behoud van de bestaande toestand zolang niet op het door hem ingestelde rechtsmiddel is beslist, of diens belang bij zekerheidstelling, ook gegeven dit uitgangspunt, zwaarder weegt dan het belang van degene die de veroordeling in de ten uitvoer te leggen uitspraak heeft verkregen, bij de uitvoerbaarheid bij voorraad daarvan of bij deze uitvoerbaarheid zonder dat daaraan de voorwaarde van zekerheidstelling wordt verbonden. b. Bij de toepassing van de onder a genoemde maatstaf moet worden uitgegaan van de beslissingen in de ten uitvoer te leggen uitspraak en van de daaraan ten grondslag liggende vaststellingen en oordelen, en blijft de kans van slagen van het tegen die beslissing aangewende of nog aan te wenden rechtsmiddel buiten beschouwing, met dien verstande dat de rechter in zijn oordeelsvorming kan betrekken of de ten uitvoer te leggen beslissing(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.