Parketnummer : 20-001292-19 OWV Uitspraak : 1 juni 2022 VERSTEK Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof 's-Hertogenbosch gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Oost-Brabant, zitting houdende te ’s-Hertogenbosch, van 12 april 2019 op de vordering ex artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht, in de zaak met parketnummer 01-067657-18 OWV tegen: [betrokkene], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] wonende te [adres 1]. Hoger beroep Bij vonnis waarvan beroep is het geschatte wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op een bedrag van € 40.200,- en is aan betrokkene een betalingsverplichting opgelegd voor eenzelfde bedrag. Namens de betrokkene is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis van de rechtbank zal bevestigen. Vonnis waarvan beroep Het vonnis zal worden vernietigd omdat het hof zich daarmee niet kan verenigen. Door het hof gebruikte bewijsmiddelen Het hof grondt zijn overtuiging dat de betrokkene voordeel heeft verkregen op de hierna te vermelden (en in de voetnoten genoemde) wettige bewijsmiddelen en ontleent aan de inhoud daarvan tevens de schatting van bedoeld voordeel. Schatting van de hoogte van het wederrechtelijk verkregen voordeel De veroordeling De betrokkene is bij arrest van dit hof van 1 juni 2022 onder parketnummer 20-001293-19 ter zake van – kort weergegeven – het opzettelijk telen van 366 hennepplanten in de periode van 23 november 2017 tot en met 1 februari 2018 veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 113 dagen. De wettelijke grondslag Op 1 februari 2018 werd in de woning aan de [adres 2] een hennepkwekerij aangetroffen. Ten tijde van de doorzoeking werden geen hennepplanten in de woning aangetroffen. Zoals het hof hierna zal overwegen is aannemelijk geworden dat eenmaal eerder een hoeveelheid van 366 hennepplanten is geteeld en vervolgens geoogst. Ten aanzien van die eerdere teelt en oogst van in totaal 366 hennepplanten ontleent het hof aan de inhoud van de hierna te vermelden bewijsmiddelen het oordeel dat de betrokkene door middel van het begaan van een ander strafbaar feit waaromtrent voldoende aanwijzingen bestaan dat zij door betrokkene zijn begaan een voordeel als bedoeld in artikel 36e, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht heeft genoten. Algemeen Normen van het Functioneel Parket Afpakken Het hof baseert zich bij de berekening op het door de politie opgemaakte Rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel ex art 36e, tweede lid Sr van 11 oktober 2017, alsmede de daarbij behorende bijlage, betreffende de update ‘Wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij bij binnenteelt onder kunstlicht’ van het Functioneel Parket Afpakken d.d. 1 juni 2016 (hierna ook te noemen: normen van het Functioneel Parket Afpakken d.d. 1 juni 2016). Schatting van het voordeel Opbrengsten Oogsten Uit de bewijsmiddelen volgt dat op 1 februari 2018 door de politie in de woning aan de [adres 2] een hennepkwekerij werd aangetroffen, verdeeld over drie ruimtes. Uit het dossier volgt dat in ‘kweekruimte 1’ 120 potten zijn aangetroffen. In ‘kweekruimte 2’ zijn er in totaal 120 potten aangetroffen en in ‘kweekruimte 3’ zijn 126 potten aangetroffen. Het dossier bevat diverse aanwijzingen voor de vaststelling dat een eerdere oogst heeft plaatsgevonden. In de potten in elk van de kweekruimtes zaten in de potten potgrond met daarin oude wortelresten, was er sprake van verdroogde hennepresten, kalkafzetting op het zeil en de onderzijde van de potten en was er sprake van stof op koolstoffilters. Omstreeks 22 juni 2017 kregen de wijkagenten via [woningverhuurder] de melding dat er een nieuwe bewoner was gekomen op het [adres 2]. Bij de woningbouw vereniging was anonieme informatie binnengekomen dat deze nieuwe bewoner had gezegd dat hij ‘plantjes’ ging zetten in de woning. Uit de Gemeentelijke Basis Administratie bleek de nieuwe bewoner betrokkene te zijn. Op basis van deze informatie is de woning van betrokkene regelmatig tijdens de wijksurveillance bekeken. Het viel de politie op dat de rolluiken van de woning telkens in dezelfde stand stonden en voor zover vanaf de openbare weg waarneembaar leek het of het pand niet werd bewoond. Het hof leidt uit het vorenstaande af dat er ook voor 1 februari 2018 in de huurwoning van betrokkene een hennepkwekerij is geweest, waarmee ten minste één oogst is gerealiseerd. Weliswaar zijn bij het aantreffen van de hennepkwekerij geen planten aangetroffen, maar wel potten gevuld met potgrond met daarin oude wortelresten, alsmede gedroogde hennepresten. Gelet op de melding die bij de woningbouw vereniging is binnengekomen, alsmede de gedroogde hennepresten kan het hof niet anders dan vaststellen dat dat de verdachte voor 1 februari 2018 zich heeft beziggehouden met een eerdere teelt en daarvan ook heeft geoogst. Gelet op het voorgaande is het hof, met de advocaat-generaal en de rechtbank, van oordeel dat voldoende aannemelijk is geworden dat betrokkene de hennepkwekerij heeft geëxploiteerd en dat hij daarbij voordeel heeft behaald uit één oogst van in totaal 366 planten gelet aangetroffen aantal potten. Totale bruto opbrengst Uit het dossier volgt dat in ‘kweekruimte 1’ 120 planten hebben gestaan in een kweekruimte van 11,84 m². Per m² stonden er 10 planten. Volgens de normen van het Functioneel Parket Afpakken d.d. 1 juni 2016 levert dit een opbrengst per plant op van 30,5 gram hennep. In ‘kweekruimte 2’ hebben 120 planten gestaan op een kweekoppervlakte van 11,52 m². Per m² stonden er 10 planten. Volgens de normen van het Functioneel Parket Afpakken d.d. 1 juni 2016 levert dit een opbrengst op van 30,5 gram hennep. In ‘kweekruimte 3’ hebben 126 planten gestaan op een kweekoppervlakte van 13,42 m². Per m² stonden er 9 planten. Volgens de normen van het Functioneel Parket Afpakken d.d. 1 juni 2016 levert dit een opbrengst op van 30,9 gram hennep. Overeenkomstig de normen van het Functioneel Parket Afpakken d.d. 1 juni 2016 stelt het hof de opbrengst van hennep in geld op € 4.070,- per kilogram oftewel € 4,07 per gram. Gelet op het vorenstaande komt het hof, per kweekruimte, tot de volgende totale bruto opbrengst. Kweekruimte 1: Opbrengst in gewicht: 120 x 30,5 gram = 3.660 gram. Opbrengst in geld: 3.660 gram x € 4,07 = € 14.896,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.