Parketnummer : 20-001518-21 Uitspraak : 24 juni 2022 VERSTEK dnip Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof 's-Hertogenbosch gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, van 14 juni 2021, in de strafzaak met parketnummer 02-072758-21 tegen: [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1992, Zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande. Hoger beroep Van de zijde van de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht. De vordering van de advocaat-generaal houdt in dat het hof: primair verdachte niet-ontvankelijk zal verklaren in het hoger beroep; subsidiair het beroepen vonnis zal bevestigen. Ontvankelijkheid van het hoger beroep In zijn arrest HR 22 december 2009, ECLI:NL:HR:2009:BJ7810, NJ 2010/102 heeft de Hoge Raad eisen geformuleerd waaraan een schriftelijke volmacht van een advocaat aan een griffiemedewerker om hoger beroep in te stellen dient te voldoen. Zo moet die volmacht inhouden: (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.