GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH Team Handelsrecht zaaknummer 200.317.317/01 arrest van 1 oktober 2024 in de zaak van Jupiter Uitzendbureau Westland B.V., gevestigd te [vestigingsplaats 1] , appellante, hierna aan te duiden als Jupiter, advocaat: mr. M.M. Gerrits te Venray, tegen 1 [X Vastgoed B.V.] ,gevestigd te [vestigingsplaats 2] , gemeente Peel en Maas, 2. [geïntimeerde sub 2] ,gevestigd te [woonplaats] , gemeente Peel en Maas, geïntimeerden, hierna gezamenlijk aan te duiden als [geïntimeerden] en afzonderlijk als [X Vastgoed B.V.] en [geïntimeerde sub 2] , advocaat: mr. W.M.J. Saes te Roermond, als vervolg op het door het hof gewezen tussenarrest van 10 januari 2023 in het hoger beroep van de door de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond, onder zaaknummer C/03/289992 / HA ZA 21-152 gewezen vonnis van 6 juli 2022. 5Het verloop van de procedure Het verloop van de procedure blijkt uit: - het tussenarrest van 10 januari 2023 waarbij een mondelinge behandeling na aanbrengen is bepaald; - het proces-verbaal van de mondelinge behandeling na aanbrengen van 30 mei 2023; de memorie van grieven met producties; de memorie van antwoord met producties. Het hof heeft daarna een datum voor arrest bepaald. Het hof doet recht op bovenvermelde stukken en de stukken van de eerste aanleg. 6De beoordeling 6.1. In dit hoger beroep kan worden uitgegaan van de volgende feiten. 6.1.1. Jupiter is een onderneming die bezig bezighoudt met het uitzenden van personeel en de werving en selectie daarvan. 6.2.2. Dijkberries B.V. (hierna aan te duiden als: Dijkberries), opgericht op 5 januari 2016, hield zich bezig met de exploitatie van fruitteeltproducten (frambozen). Bestuurder en enig aandeelhouder van Dijkberries is [X Vastgoed B.V.] . Enig bestuurder en aandeelhouder van [X Vastgoed B.V.] is [geïntimeerde sub 2] . 6.2.3. Jupiter heeft vanaf 2016 personeel uitgezonden aan Dijkberries. In dat kader heeft Jupiter facturen gestuurd aan Dijkberries, welke door Dijkberries vanaf 17 oktober 2017 onbetaald zijn gelaten. 6.2.4. Met betrekking tot de door Dijkberries onbetaald gelaten facturen van Jupiter heeft de voorzieningenrechter van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond, op 13 juni 2018 een vonnis gewezen, waarin voor zover relevant het volgende in het dictum is opgenomen: “5.1. veroordeelt Dijkberries om aan Jupiter binnen twee dagen na betekening van dit vonnis te voldoen € 235.982,65, te vermeerderen met de contractuele rente van 1% per maand over de hoofdsom van € 194.616,63 vanaf 1 april 2018 tot aan de dag der algehele voldoening, 5.2. veroordeelt Dijkberries in de proceskosten, aan de zijde van Jupiter tot op heden begroot op € 5.011,79, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW vanaf de vijftiende dag dat Dijkberries die kosten niet voldaan heeft tot aan de dag der algehele voldoening,” Jupiter heeft op grond van dit vonnis executoriaal beslag ten laste van Dijkberries laten leggen. 6.2.5. Op 10 juli 2018 is (na eigen aangifte van faillissement) het faillissement van Dijkberries uitgesproken. 6.2.6. Op 19 juli 2018 is een nieuwe vennootschap (eveneens) genaamd Dijkberries B.V. opgericht. [X Vastgoed B.V.] is enig aandeelhouder en bestuurder van deze B.V. 6.2.7. Het faillissement van Dijkberries is door het verbindend worden van de uitdelingslijst op 22 januari 2021 geëindigd. Daarbij heeft geen uitkering plaatsgevonden aan Jupiter. De procedure bij de rechtbank 6.3.1. In de onderhavige procedure vorderde Jupiter in eerste aanleg - verkort weergegeven - bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [geïntimeerden] . hoofdelijk te veroordelen tot betaling van: primair: € 235.982,65, te vermeerderen met de contractuele rente, althans, subsidiair, de wettelijke handelsrente over de hoofdsom van € 194.616,63 vanaf 1 april 2018 tot aan de dag der uiteindelijke voldoening, alsmede € 5.011,79 te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 29 juni 2018 tot aan de dag der uiteindelijke voldoening; meer subsidiair: de hoofdsom van € 194.616,63, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 april 2018, en buitengerechtelijke kosten, alsmede € 5.011,79 te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 29 juni 2018 tot aan de dag der uiteindelijke voldoening; uiterst subsidiair: een in goede justitie te bepalen bedrag; een en ander met veroordeling van [geïntimeerden] tot betaling van de beslag- en proceskosten, vermeerderd met wettelijke rente. 6.3.2. Aan deze vordering heeft Jupiter, kort samengevat, ten grondslag gelegd dat [X Vastgoed B.V.] als bestuurder van Dijkberries vorderingen van Jupiter op Dijkberries onbetaald heeft gelaten, terwijl vorderingen van andere crediteuren van Dijkberries wel zijn voldaan. Ook hebben onverschuldigd betalingen plaats gevonden aan [X Vastgoed B.V.] , waardoor Jupiter is benadeeld. Bovendien was sprake van betalingsonwil nu alleen facturen van Jupiter onbetaald werden gelaten. Volgens Jupiter had Dijkberries al haar schuldeisers naar evenredigheid moeten betalen. In plaats daarvan is Dijkberries ‘leeg getrokken’ waarna vervolgens het faillissement is aangevraagd. Dijkberries bood toen geen verhaal meer voor de vordering van Jupiter. Hierdoor heeft [X Vastgoed B.V.] jegens Jupiter in strijd gehandeld met een maatschappelijke zorgvuldigheidsnorm, waarvan [X Vastgoed B.V.] als bestuurder een persoonlijk ernstig verwijt kan worden gemaakt, zodat zij de schade die het gevolg van haar handelen is dient te vergoeden. Op grond van artikel 2:11 BW is [geïntimeerde sub 2] als indirect bestuurder van Dijkberries eveneens aansprakelijk jegens Jupiter, aldus Jupiter. 6.3.3. [geïntimeerden] hebben gemotiveerd verweer gevoerd. Dat verweer zal, voor zover in hoger beroep van belang, in het navolgende aan de orde komen. 6.3.4. In het vonnis waarvan beroep heeft de rechtbank de vorderingen van Jupiter afgewezen en haar veroordeeld in de proceskosten. De procedure in hoger beroep 6.4. Jupiter heeft in hoger beroep vijf grieven aangevoerd. Jupiter heeft geconcludeerd tot vernietiging van het beroepen vonnis en tot het alsnog toewijzen van haar vorderingen, zo nodig onder aanvulling en/of verbetering van de gronden, met veroordeling van [geïntimeerden] in de proceskosten in beide instanties. 6.5. [geïntimeerden] hebben verweer gevoerd, de grieven bestreden en geconcludeerd tot bekrachtiging van het vonnis waarvan beroep, voor zover nodig onder verbetering en / of aanvulling van gronden, met veroordeling van Jupiter in de kosten van het hoger beroep. De beoordeling in hoger beroep 6.6. Het hof ziet aanleiding om de grieven gezamenlijk te behandelen. Deze komen er naar de kern genomen op neer dat [geïntimeerden] als (indirect) bestuurders van Dijkberries jegens Jupiter aansprakelijk zijn voor de door Jupiter geleden schade. Daarbij voert Jupiter – onder verwijzing naar onder meer alinea’s 4.5 en 4.6 van de conclusie van repliek in eerste aanleg – aan dat in de periode oktober 2017 tot 31 december 2017 andere schuldeisers wel zijn betaald en ook aan [X Vastgoed B.V.] , en wel onverschuldigd, betalingen zijn verricht, terwijl Jupiter niet is betaald. Meer specifiek wijst Jupiter op verschillende overboekingen die in deze periode tussen Dijkberries en [X Vastgoed B.V.] zijn verricht, waarbij over de maanden november en december 2017 per saldo een bedrag van € 79.000,00 is voldaan door Dijkberries aan [X Vastgoed B.V.] . Daar komt bij dat volgens de (concept) jaarrekening Dijkberries per ultimo 2017 van [X Vastgoed B.V.] een bedrag te vorderen had van € 109.704,00, aldus Jupiter. Door hun handelwijze hebben [geïntimeerden] bewerkstelligd dat gelden onttrokken werden aan het verhaal zijdens Jupiter, die aanspraak maakte op betaling, onder meer bij de sommatiebrief namens Jupiter van 23 oktober 2017. Zij wisten daardoor, althans moesten begrijpen, dat Dijkberries geen verhaal meer zou bieden en afstevende op een faillissement, aldus nog steeds Jupiter. 6.7. Het hof stelt het volgende voorop. Door de rechtbank is in het bestreden vonnis onder rov. 4.2. tot en met 4.5. de toepasselijke beoordelingsmaatstaf juist weergegeven. Ten behoeve van de leesbaarheid herhaalt het hof deze maatstaf: “4.2. Vooropgesteld wordt dat indien een schuldeiser wordt benadeeld doordat de vennootschap tekortschiet in de nakoming van een uit overeenkomst ontstane verbintenis bestaande uit de betaling van een geldsom, het uitgangspunt is dat alleen de vennootschap (in dit geval Dijkberries) aansprakelijk is voor de schade. Slechts onder bijzondere omstandigheden is, naast aansprakelijkheid van de vennootschap, ook ruimte voor aansprakelijkheid van een bestuurder van de vennootschap (in dit geval [X Vastgoed B.V.] ). Voor het aannemen van bestuurdersaansprakelijkheid is vereist dat die bestuurder van de benadeling persoonlijk een (voldoende) ernstig verwijt kan worden gemaakt, mede gelet op zijn verplichting tot een behoorlijke taakuitoefening als bedoeld in artikel 2:9 BW . Voor het aannemen van aansprakelijkheid van een bestuurder naast de vennootschap bestaat dus een hoge drempel. Die hoge drempel wordt gerechtvaardigd door de omstandigheid dat ten opzichte van de wederpartij primair sprake is van handelingen van de rechtspersoon en door het maatschappelijke belang dat wordt voorkomen dat bestuurders hun handelen in onwenselijke mate door defensieve overwegingen laten bepalen. 4.3. Het antwoord op de vraag of de bestuurder persoonlijk een ernstig verwijt als zojuist bedoeld kan worden gemaakt, is afhankelijk van de aard en ernst van de normschending en de overige omstandigheden van het geval . Daarvan zal onder meer sprake kunnen zijn als vast komt te staan dat de bestuurder (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.