Parketnummer : 20-000271-24 Uitspraak : 6 juni 2025 TEGENSPRAAK Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof 's-Hertogenbosch gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats ‘s-Hertogenbosch, van 26 januari 2024, in de strafzaak met parketnummer 01-320933-23 tegen: [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1995, zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande. Hoger beroep Bij voormeld vonnis is de verdachte ter zake van: (feit 1:) ‘Diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van verbreking’; (feit 2 en feit 3 telkens:) ‘Diefstal door twee of meer verenigde personen’; (feit 4:) ‘Medeplegen van opzetheling’, veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 weken met aftrek overeenkomstig artikel 27 Wetboek van Strafrecht. Daarnaast heeft de eerste rechter de teruggave gelast van een aantal in beslag genomen goederen aan de redelijkerwijs als rechthebbende aan te merken persoon. Van de zijde van de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht. De vordering van de advocaat-generaal houdt in dat het hof het beroepen vonnis zal vernietigen en opnieuw rechtdoende: de verdachte ter zake van de onder 1., 2., 3. en 4. ten laste gelegde feiten zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 weken met aftrek overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht; de teruggave zal gelasten van de in beslag genomen goederen aan de redelijkerwijs als rechthebbende aan te merken persoon. De verdediging heeft zich met betrekking tot de bewezenverklaring van de ten laste gelegde feiten gerefereerd aan het oordeel van het hof en met betrekking tot de op te leggen straf bepleit dat zal worden volstaan met oplegging van een geheel voorwaardelijke straf. Vonnis waarvan beroep Het beroepen vonnis zal worden vernietigd omdat de eerste rechter heeft volstaan met aantekening van de uitspraak op een aan het dubbel van de dagvaarding gehecht stuk, maar het hof gebonden is aan het motiveringsvoorschrift van artikel 359 van het Wetboek van Strafvordering. Tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd dat: 1.hij op of omstreeks 1 december 2023 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een of meer shirt(
- s)(merk: Tommy Hilfiger) en/of een of meer jas(sen), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [bedrijf 1] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(
- s)toebehoorde(
- n)heeft weggenomen met het oogmerk om het/die zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(
- s)dat/die weg te nemen goed/goederen onder zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking van de alarmlabel(s); 2.hij op of omstreeks 1 december 2023 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een vest (merk: Nike) en/of een broek (merk: Nike) en/of een jas (merk: Brunotti), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [bedrijf 2] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(
- s)toebehoorde(
- n)heeft weggenomen met het oogmerk om het/die zich wederrechtelijk toe te eigenen; 3.hij op of omstreeks 1 december 2023 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (een) schoen(
- en)(merk: Quechua), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [bedrijf 3] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(
- s)toebehoorde(
- n)heeft weggenomen met het oogmerk om het/die zich wederrechtelijk toe te eigenen; 4.hij op of omstreeks 1 december 2023 te Eindhoven, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, - een bodywarmer (van de winkel ' [bedrijf 4] ') en/of een (jogging)broek (van de winkel ' [bedrijf 5] ') en/of een of meer sloffen (van de winkel ' [bedrijf 6] '), althans een goed heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij en zijn mededader(
- s)ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van deze/dit goed(eren) wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof(fen). De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten of omissies zijn verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging. Bewezenverklaring Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1., 2., 3. en 4. ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande, dat: 1.hij op 1 december 2023 te Eindhoven, tezamen en in vereniging met anderen, shirts (merk: Tommy Hilfiger) en jassen, die aan [bedrijf 1] toebehoorden, heeft weggenomen met het oogmerk om die zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en zijn mededaders die weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van verbreking van de alarmlabels; 2.hij op 1 december 2023 te Eindhoven tezamen en in vereniging met anderen, een vest (merk: Nike), een broek (merk: Nike) en een jas (merk: Brunotti), die aan [bedrijf 2] toebehoorden, heeft weggenomen met het oogmerk om die zich wederrechtelijk toe te eigenen; 3.hij op 1 december 2023 te Eindhoven tezamen en in vereniging met anderen, schoenen (merk: Quechua), die aan [bedrijf 3] toebehoorden, heeft weggenomen met het oogmerk om die zich wederrechtelijk toe te eigenen; 4.hij op 1 december 2023 te Eindhoven, tezamen en in vereniging met anderen een bodywarmer (van de winkel ' [bedrijf 4] ') en een joggingbroek (van de winkel ' [bedrijf 5] ') en sloffen (van de winkel ' [bedrijf 6] '), voorhanden heeft gehad, terwijl hij en zijn mededaders ten tijde van het voorhanden krijgen van deze goederen wisten dat het door misdrijf verkregen goederen betroffen. Het hof acht niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hierboven bewezen is verklaard, zodat hij daarvan zal worden vrijgesproken. Bewijsmiddelen Indien tegen dit verkorte arrest beroep in cassatie wordt ingesteld, worden de door het hof gebruikte bewijsmiddelen die redengevend zijn voor de bewezenverklaring opgenomen in een aanvulling op het arrest. Deze aanvulling wordt dan aan dit arrest gehecht. Bewijsoverwegingen De beslissing dat het bewezenverklaarde door de verdachte is begaan, berust op de feiten en omstandigheden als vervat in de hierboven bedoelde bewijsmiddelen in onderlinge samenhang beschouwd. Elk bewijsmiddel wordt - ook in zijn onderdelen - slechts gebruikt tot bewijs van dat bewezenverklaarde feit, of die bewezenverklaarde feiten, waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft. Strafbaarheid van het bewezen verklaarde Het onder 1. bewezen verklaarde levert op: Diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van verbreking. Het onder 2. bewezen verklaarde levert op: Diefstal door twee of meer verenigde personen. Het onder 3. bewezen verklaarde levert op: Diefstal door twee of meer verenigde personen. Het onder 4. bewezen verklaarde levert op: Medeplegen van opzetheling. Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezenverklaarde uitsluiten. De feiten zijn strafbaar. Strafbaarheid van de verdachte Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. De verdachte is daarom strafbaar voor het hiervoor bewezen verklaarde. Op te leggen straf Het hof heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen. Ten aanzien van de ernst van het bewezen verklaarde heeft het hof in het bijzonder gelet op: de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd; de strafverzwarende omstandigheid dat het in de onder 1., 2. en 3. bewezen verklaarde gevallen gaat om het plegen van brutale winkeldiefstallen in vereniging, waarbij sprake was van een duidelijke rolverdeling tussen de drie daders en mitsdien van kennelijk op voorhand door hen onderling gemaakte afspraken over de uitvoering daarvan; de omstandigheid dat door het onder 4. bewezen verklaarde feit het plegen van winkeldiefstal wordt bevorderd en aldus ook (op indirecte wijze) schade wordt veroorzaakt aan de eigenaren van de desbetreffende goederen; de omstandigheid dat door dergelijke feiten in het algemeen schade teweeg wordt gebracht aan de betrokken winkelbedrijven en overlast en ergernis wordt veroorzaakt voor de gedupeerden; de omstandigheid dat ook de maatschappij als geheel schade ondervindt van winkeldiefstallen als de onderhavige, doordat de schade die door dergelijke feiten wordt veroorzaakt uiteindelijk wordt doorberekend in de consumentenprijzen van producten en doordat de kosten die gemoeid zijn met het nemen van veiligheidsmaatregelen tegen diefstallen, uiteindelijk door de consumenten worden betaald. Ten aanzien van de persoon van de verdachte heeft het hof in het bijzonder gelet op: de inhoud van het hem betreffende uittreksel uit de Justitiële Documentatie d.d. 26 februari 2025, waaruit blijkt dat hij voorafgaand aan de bewezen verklaarde feiten niet eerder is veroordeeld; zijn overige persoonlijke omstandigheden, voor zover daarvan ter terechtzitting in hoger beroep is gebleken, onder meer de omstandigheden dat hij kennelijk in Nederland geen verblijfsvergunning heeft en dat hij mogelijk inmiddels Nederland heeft verlaten. Op grond van het vorenstaande kan naar het oordeel van het hof niet worden volstaan met een andere of lichtere sanctie dan een straf die onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming met zich brengt. Beslag Van de na te melden in beslag genomen voorwerpen, zal de bewaring ten behoeve van de telkens redelijkerwijs als rechthebbende aan te merken persoon worden gelast . Toepasselijke wettelijke voorschriften De beslissing is gegrond op de artikelen 47, 57, 63, 310, 311 en 416 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van het wijzen van dit arrest rechtens gelden. BESLISSING Het hof: Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht: Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1., 2., 3. en 4. ten laste gelegde heeft begaan. Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt hem daarvan vrij. Verklaart het bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar. Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 (drie) maanden. Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht. Gelast de bewaring ten behoeve van de redelijkerwijs als rechthebbende aan te merken persoon van na te melden in beslag genomen goederen, zoals vermeld op de beslaglijst: 1 STK Broek (nummer G2143360); 1 STK Tas (nummer G2143363); 1 STK Pet (nummer G2143365); 1 STK Broek (nummer G2143372); 2 STK Pet (nummer G2143380); 1 STK Tas (nummer G21423379); 1 STK Tape (nummer G2143385); 1 STK Handschoen (nummer G2143377); 1 STK Sjaal (nummer G2143379); 2 STK Sok (nummer G2143383). Aldus gewezen door: mr. dr. M.M. Koevoets, voorzitter, mr. W.F. Koolen en mr. T. van de Woestijne, raadsheren, in tegenwoordigheid van R.H. Boekelman, griffier, en op 6 juni 2025 ter openbare terechtzitting uitgesproken. Mr. Koolen is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.