31 mei 2002 Eerste Kamer Nr. C00/175HR SB Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. de vennootschap naar Zweeds recht METRO INTERNATIONAL A.B., gevestigd te Stockholm, Zweden, 2. de vennootschap naar het recht van het Groothertogdom Luxemburg METRO INTERNATIONAL S.A., gevestigd te Bertrange, Luxemburg, EISERESSEN tot cassatie, advocaat: mr. H.A. Groen, t e g e n 1. [Verweerder 1], wonende te [woonplaats], 2. [Verweerder 2], wonende te [woonplaats], 3. [Verweerder 3], wonende te [woonplaats], VERWEERDERS in cassatie, advocaat: mr. M.E. Honée. 1. Het geding in feitelijke instanties Verweerders tot cassatie - gezamenlijk verder te noemen: [verweerders] - hebben bij exploit van 3 augustus 1999 eiseressen tot cassatie - gezamenlijk verder te noemen: Metro dan wel Metro AB en Metro SA - in kort geding gedagvaard voor de President van de Rechtbank te Amsterdam en - kort gezegd - gevorderd: Primair: Metro SA te bevelen: - de onderneming die het blad "Metro" exploiteert onder te brengen in een besloten vennootschap met een geplaatst en volgestort kapitaal van ƒ 40.000,--, waarvan Metro SA zelf 36.004 aandelen voor ƒ 36.004,-- houdt, en met statuten volgens de conceptakte van oprichting van 9 maart 1999; - aan [verweerders] over te dragen 3.996 aandelen in die vennootschap tegen betaling door [verweerders] van ƒ 3.996,--; - zich tegenover [verweerders] te gedragen naar de bepalingen van de op 27 april 1999 totstandgekomen aandeelhoudersovereenkomst; - Metro AB te bevelen alles te doen dat nodig is voor de uitvoering van dat bevel door Metro SA; Subsidiair: Metro AB te bevelen: - over te dragen aan [verweerders] 199.800 volgestorte aandelen in Metro Holland B.V., elk met een nominale waarde van 1 Euro, tegen betaling door [verweerders] van ƒ 3.996,-- met de bepaling dat [verweerders] het restant van de koopsom ad ƒ 436.305,-- schuldig blijven met een renteloos uitstel van betaling tot aan het moment dat zij de aandelen overdragen aan Metro AB of een derde; - zich te gedragen alsof zij met [verweerders] een aandeelhoudersovereenkomst heeft gesloten op dezelfde voorwaarden als op 27 april 1999 totstandgekomen tussen [verweerders] en Metro SA; Meer subsidiair: een voorziening in goede justitie, een en ander als nader omschreven in het petitum van de dagvaarding. Metro heeft de vorderingen gemotiveerd bestreden. De President heeft bij vonnis van 19 augustus 1999 de gevraagde voorzieningen geweigerd. Tegen dit vonnis hebben [verweerders] hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te Amsterdam. [Verweerders] hebben bij akte ter zitting van 8 december 1999 hun eis in die zin gewijzigd dat zij (subsidiair) bereid zijn 9,99% van het daadwerkelijk geplaatste aandelenkapitaal te verwerven, mits Metro AB - als medeaandeelhouder - zich jegens hen gedraagt naar de bepalingen van de aandeelhoudersovereenkomst. Bij arrest van 20 april 2000 heeft het Hof het vonnis waarvan beroep vernietigd en opnieuw rechtdoende: -Metro AB bevolen binnen veertien dagen na betekening van dit arrest: (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.