← Nederland

ECLI:NL:HR:2003:AF7899

11 juli 2003 Eerste Kamer Nr. C02/004HR RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van:

  1. [Eiser 1], wonende te [woonplaats],
  2. [Eiseres 2], gevestigd te [vestigingsplaats] EISERS tot cassatie, advocaat: mr. C.J.J.C. van Nispen, t e g e n
  3. de vereniging SOCIALISTISCHE PARTIJ, gevestigd te Rotterdam,
  4. [Verweerder 2], wonende te [woonplaats], VERWEERDERS in cassatie, advocaat: mr. H.A. Groen.
  5. Het geding in feitelijke instanties Eisers tot cassatie - verder te noemen: [eiser] c.s. - hebben bij exploit van 11 april 1997 verweerders in cassatie - verder te noemen: SP c.s. - gedagvaard voor de Rechtbank te Groningen. Na wijziging van eis hebben [eiser] c.s. gevorderd:
  6. een verklaring voor recht dat het in de inleidende dagvaarding genoemde artikel jegens [eiser] c.s. onrechtmatig en beledigend is;
  7. SP c.s. hoofdelijk te veroordelen aan eiser tot cassatie sub 1 (hierna ook afzonderlijk te noemen: [eiser]) te betalen ter zake van immateriële schade een bedrag ad ƒ 200.000,-- vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de dag van dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening;
  8. SP c.s. hoofdelijk te veroordelen om aan [eiser] c.s. te betalen hun schade, nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet, vermeerderd met de wettelijke rente over het bedrag van die schade, zoals deze zich in de loop der tijd ontwikkelt. SP c.s. hebben de vordering bestreden. De Rechtbank heeft bij vonnis van 3 juli 1998 de vorderingen afgewezen. Tegen dit vonnis hebben [eiser] c.s. hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te Leeuwarden. Bij arrest van 19 september 2001 heeft het Hof het vonnis waarvan beroep bekrachtigd. Het arrest van het Hof is aan dit arrest gehecht.
  9. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het Hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. SP c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep.
  10. Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
  11. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van SP c.s. begroot op € 2.431,34 aan verschotten en € 1.365,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de vice-president G.G. van Erp Taalman Kip-Nieuwenkamp als voorzitter en de raadsheren J.B. Fleers, D.H. Beukenhorst, A.M.J. van Buchem-Spapens en A. Hammerstein, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 11 juli 2003.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.