5 september 2003 Eerste Kamer Nr. C02/001HR MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], gevestigd te [vestigingsplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. E. Grabandt, t e g e n [Verweerster], gevestigd te [vestigingsplaats], VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. R.S. Meijer. 1. Het geding in feitelijke instanties Eiseres tot cassatie - verder te noemen: [eiseres] - heeft bij exploit van 2 mei 1997 verweerster in cassatie - verder te noemen: [verweerster] - gedagvaard voor de Rechtbank te Leeuwarden. Na wijziging van eis heeft [eiseres] gevorderd: 1. voorwaardelijk de koopovereenkomsten tussen partijen in de periode van 30 mei 1989 tot en met 22 december 1992 gesloten betreffende stille tafelwijn, kwaliteitswijn en parelwijn, te vernietigen voor zover het betreft de in deze koopovereenkomsten verdisconteerde accijns; 2. subsidiair, voormelde koopovereenkomsten voorwaardelijk met terugwerkende kracht tot het moment van sluiten daarvan gedeeltelijk te ontbinden, voor zover het betreft de in deze koopovereenkomsten verdisconteerde accijns; 3. voorwaardelijk voor recht te verklaren dat [verweerster] gehouden is deze in voormelde koopovereenkomsten verdisconteerde accijns geheel of gedeeltelijk terug te betalen aan [eiseres]; het hiervoor onder sub 1 en 2 onder de voorwaarde dat [verweerster] recht op teruggave van de voormelde koopovereenkomsten verdisconteerde accijns heeft. [Verweerster] heeft de vorderingen bestreden. De Rechtbank heeft bij vonnis van 2 december 1998 alle vorderingen van [eiseres] afgewezen. Tegen dit vonnis heeft [eiseres] hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te Leeuwarden. In hoger beroep heeft [eiseres] haar vordering gewijzigd en aldus gevorderd: - te verklaren voor recht dat [verweerster] op grond van onverschuldigde betaling gehouden is de accijns verdisconteerd in de koopovereenkomsten gesloten tussen partijen in de periode van 30 mei 1989 tot en met 22 december 1992 met correctie van de einddatum met de omloopsnelheid van de voorraad van [verweerster], betreffende stille tafelwijn, kwaliteitswijn (rode, witte en rosé) en parelwijn, geheel of gedeeltelijk terug te betalen aan [eiseres], onder de opschortende voorwaarde dat aan [verweerster] teruggave van deze accijns toekomt; - [verweerster] op grond van onverschuldigde betaling te veroordelen tot voldoening aan [eiseres] van een bedrag van ƒ 16.939,10 te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag met ingang van de dag dat de appèldagvaarding in deze zaak is uitgebracht d.d. 1 maart 1999 tot aan de dag der algehele voldoening; Indien het Hof bovenstaande vorderingen zou afwijzen, dan wel indien [eiseres] ten aanzien van deze vorderingen niet-ontvankelijk mocht worden geacht, heeft [eiseres] gevorderd: - te vernietigen op grond van dwaling de koopovereenkomsten tussen partijen in de periode van 30 mei 1989 tot en met 22 december 1992 met correctie van de einddatum met de omloopsnelheid van de voorraad van [verweerster], betreffende stille tafelwijn, kwaliteitswijn (rode, witte en rosé) en parelwijn, voor zover het betreft de in deze koopovereenkomsten verdisconteerde accijns onder de opschortende voorwaarde dat aan [verweerster] teruggave van deze accijns toekomt; - althans subsidiair, de gevolgen van voormelde overeenkomsten ter opheffing van dit nadeel te wijzigen in de zin van art. 6:230 lid 2 BW, waarbij zij voorstelt de verkoopprijs ten behoeve van [eiseres] te verminderen met de in de koopovereenkomsten verdisconteerde accijns onder de opschortende voorwaarde dat aan [verweerster] teruggave van deze accijns toekomt; - althans meer subsidiair voormelde koopovereenkomsten met terugwerkende kracht tot het moment van sluiten daarvan gedeeltelijk te ontbinden ex artikel 6:258 lid 1 BW, voor zover het betreft de in deze koopovereenkomsten verdisconteerde accijns onder de opschortende voorwaarde dat aan [verweerster] teruggave van deze accijns toekomt; - althans nog meer subsidiair de gevolgen van voormelde koopovereenkomsten te wijzigen in de zin van art. 6:258 lid 1 BW onder de opschortende voorwaarde dat aan [verweerster] teruggave van deze accijns toekomt; - en te verklaren voor recht dat [verweerster] gehouden is de accijns verdisconteerd in de koopovereenkomsten gesloten tussen partijen in de periode van 30 mei 1989 tot en met 22 december 1992 met correctie van de einddatum met de omloopsnelheid van de voorraad van [verweerster], betreffende stille tafelwijn, kwaliteitswijn (rode, witte en rosé) en parelwijn, geheel of gedeeltelijk terug te betalen aan [eiseres], onder de opschortende voorwaarde dat aan [verweerster] teruggave van deze accijns toekomt; - en voorts [verweerster] te veroordelen tot voldoening aan [eiseres] van een bedrag van ƒ 16.939,10 te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag met ingang van de dag dat de appèldagvaarding in deze zaak is uitgebracht d.d. 1 maart 1999, tot aan de dag der algehele voldoening. [Verweerster] heeft zich tegen deze eiswijziging verzet. Bij tussenarrest van 15 december 1999 heeft het Hof het verzet ongegrond verklaard. Bij arrest van 12 september 2001 heeft het Hof het bestreden vonnis bekrachtigd. Het arrest van het Hof is aan dit arrest gehecht. 2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het Hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. [Verweerster] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep. 3. Beoordeling van het middel 3.1 In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan. (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.