1 september 2006 Eerste Kamer Nr. C05/109HR JMH/RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], gevestigd te [vestigingsplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. R.S. Meijer, t e g e n 1. de commanditaire vennootschap WILD WATER WORLD, gevestigd te Graft-De Rijp, 2. [Verweerder 2], wonende te [woonplaats], VERWEERDERS in cassatie, advocaat: mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk. 1. Het geding in feitelijke instanties Verweerders in cassatie - verder afzonderlijk te noemen: WWW en [verweerder 2], dan wel gezamenlijk WWW c.s. - hebben bij exploot van 30 november 2001 eiseres tot cassatie - verder te noemen: [eiseres] - gedagvaard voor de kantonrechter te Alkmaar en gevorderd bij vonnis, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, [eiseres] te veroordelen om aan WWW c.s. hoofdelijk, zodanig dat betaling aan de een als kwijting ook aan de ander heeft te gelden, te betalen een bedrag van ƒ 2.026,88, te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 9 oktober 2001 tot aan de dag der algehele voldoening, met veroordeling van [eiseres] in de kosten van de procedure. [Eiseres] heeft een conclusie van antwoord tevens houdende een beroep op onbevoegdheid van de kantonrechter genomen. WWW c.s. hebben in het bevoegdheidsincident verweer gevoerd en daarbij bij hun eis vermeerderd tot een bedrag van ƒ 4.690,--, exclusief B.T.W., te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf de veertiende dag na betekening van het te wijzen vonnis tot aan de dag van de voldoening. De kantonrechter heeft bij vonnis van 21 augustus 2002 in het incident de vordering van [eiseres] afgewezen, [eiseres] in de kosten van dit incident veroordeeld, en de hoofdzaak naar de rol verwezen voor voortprocederen. [Eiseres] heeft de vermeerderde vordering bestreden. De kantonrechter heeft bij vonnis van 14 mei 2003 [eiseres] veroordeeld aan WWW c.s. hoofdelijk, zodanig dat betaling aan de een als kwijting ook aan de ander heeft te gelden, te betalen een bedrag van € 935,79, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 799,79 vanaf 30 november 2001 tot de dag van betaling, de kosten van het geding gecompenseerd, dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad verklaard, en het meer of anders gevorderde afgewezen. Tegen het vonnis van 14 mei 2003 heeft [eiseres] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. Bij arrest van 23 december 2004 heeft het hof het vonnis waarvan beroep, voor zover het de hoofdelijke veroordeling betreft, vernietigd, het bestreden vonnis voor het overige bekrachtigd, met dien verstande dat [verweerder 2] daarin slechts in zijn hoedanigheid van beherend vennoot figureert, [eiseres] in de kosten van het geding in hoger beroep aan de zijde van WWW c.s. veroordeeld en de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht. 2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding en is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. WWW c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal D.W.F. Verkade strekt tot vernietiging en verwijzing. 3. Beoordeling van het middel 3.1 In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan. (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.