ECLI:NL:HR:2007:BA4117
14 september 2007 Eerste Kamer Rek.nr. R05/172HR MK/RM Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van:
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Centaurus c.s., Versatel, Talpa, Tele2 Finance, de Stichting Tele Nee en VEB.
Versatel en Talpa hebben verzocht het verzoek af te wijzen. Tele 2 Finance heeft verzocht het verzoek ten aanzien van het treffen van onmiddellijke voorzieningen af te wijzen. De Stichting Tele Nee heeft verzocht het verzoek toe te wijzen.
Het verzoek is voorzover het betrekking heeft op de onmiddellijke voorzieningen behandeld ter openbare terechtzitting van de ondernemingskamer van 22 september 2005. VEB heeft bij die gelegenheid zelfstandig een verzoek ingediend.
De ondernemingskamer heeft bij beschikking van 27 september 2005 het verzoek van Centaurus c.s. en van VEB tot het treffen van onmiddellijke voorzieningen afgewezen en Versatel en belanghebbenden in de gelegenheid gesteld uiterlijk op 1 november 2005 een verweerschrift in te dienen tegen het verzoek van Centaurus c.s. en van VEB tot het bevelen van een onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Versatel.
De beschikking van de ondernemingskamer is aan deze beschikking gehecht.
Versatel en Tele2 Finance hebben verzocht het beroep te verwerpen.
De zaak is voor Centaurus c.s. en Tele2 Finance toegelicht door hun advocaten, voor Tele 2 Finance mede door mrs. B. Winters en K.A.J. de Vries, beiden advocaat te Amsterdam, voor Versatel is de zaak toegelicht door mrs. M.W. Josephus Jitta en W.H. van Hemel, beiden advocaat te Amsterdam.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het beroep.
(vii) Blijkens het Biedingsbericht zullen, voordat de Minderheid wordt uitgestoten, de aandelen in Versatel Deutschland Holding GmbH voor een koopsom van circa € 539 miljoen worden verkocht aan Ganymed. Ganymed zal de koopsom schuldig blijven en terzake een Loan Note aan Versatel uitgeven. Versatel zal vervolgens, door middel van overdracht van de Loan Note, aan Tele2 Finance een dividenduitkering doen ter grootte van de nominale waarde - vermeerderd met de gekweekte rente - van die Loan Note, onder gelijktijdige uitkering van een daarmee corresponderend dividend in contanten aan de Minderheid. Tele2 Finance en Ganymed kunnen aldus hun vorderingen over en weer verrekenen. Het Biedingsbericht vermeldt dat de dividenduitkering aan de Minderheid "may be subject to dividend withholding tax". (viii) Ter zake van het uitstoten van de Minderheid als hiervoor bedoeld bevat het Biedingsbericht de volgende informatie: "In the event that (...) [Tele2 Finance] holds 95 per cent. or more of the Shares [in Versatel] (...), [Tele2 Finance]'s current intention is to acquire the remaining Shares not tendered (...) by means of a squeeze-out procedure in accordance with article 2:92a or 2:201a of the Dutch Civil Code. (...)(...) [Tele2 Finance] may also, and instead of proceeding with a squeeze-out, by a simple majority vote of the general meeting of shareholders of Versatel resolve that a legal merger (juridische fusie) between [Tele2 Finance] and Versatel will be entered into in accordance with articles 2:309 and 2:334 of the Dutch Civil Code or take any of the other steps set out under 'Additional Means of Acquiring Minority's Shares' (...). (...) In the event that [Tele2 Finance] (...) does not acquire 95 per cent. or more of the Shares (...), [Tele2 Finance] intends by simple majority vote of the general meeting of shareholders of Versatel to effect a legal merger (juridische fusie) between [Tele2 Finance] and Versatel in accordance with articles 2:309 and 2:334 of the Dutch Civil Code (which articles refer to a so called 'triangular merger' (...)). Pursuant to any such legal merger, [Tele2 Finance] would continue to exist and Versatel would cease to exist. The Minority would become, by operation of law, shareholders in [Tele2 Holdings] (...). The shares distributed to the Minority by [Tele2 Holdings] (...) will have, notwithstanding any dilution in the proportion of the aggregate voting rights exercisable by the Minority, a value equivalent to the value of the Shares held by the Minority (...). (...)
The authorised share capital of [Tele2 Holdings] consists of two separate classes of so called tracking shares, being ordinary shares A and ordinary shares B. The issued ordinary shares A are all held by Tele2 Europe S.A. and only give right to the value and profits of [Tele2 Holdings]' subsidiaries [Tele2 NL] and [Tango]. (...) The ordinary shares A give no right to the value and profits of Versatel and the leverage used to acquire Versatel. The ordinary shares B are only entitled to the value and profits of [Tele2 Holdings]' leveraged interest (through [Tele2 Finance]) in Versatel. The ordinary shares B give no right to the value and profits of [Tele2 NL] and [Tango]. Upon such a legal merger, the percentage of ordinary shares B to be distributed to Minority shall be equal to the percentage of Shares held by the Minority immediately before the legal merger.
It is anticipated that [Tele2 Finance] or [Tele2 Holdings] will utilise debt financing to satisfy its obligations under the Offers. As a result, the Minority may, upon a legal merger, acquire ordinary shares B of a separate sub-class which include preference rights. Such preference rights entitle the Minority to a dividend yield sufficient to prevent a shortfall between the value of their Shares [in Versatel] prior to the legal merger and their shares in [Tele2 Holdings]. Because of the existing interests of [Tele2 Holdings] in [Tele2 NL] and [Tango] and the use by [Tele2 Finance] of debt financing to fund its obligations under the Offers, the Minority's percentage of the aggregate nominal value of all shares in the capital of [Tele2 Holdings] (...) will reduce (...) when compared to the percentage of the aggregate nominal value of the Shares held by the Minority before the legal merger. (...) Accordingly, the voting rights exercisable by the Minority in [Tele2 Holdings] would be less (...). Furthermore, it is anticipated that any debt financing provided to [Tele2 Holdings] will in due course be converted, at fair value, into newly issued ordinary shares, in the same class as those held by the Minority, in the capital of [Tele2 Holdings]. Such conversion would dilute the Minority's shareholding in the capital of [Tele2 Holdings].
Should the Minority at any time (...) hold less than 5 per cent. of the aggregate nominal value of the shares in [Tele2 Holdings] (...) it would be possible for the other shareholders in [Tele2 Holdings] to initiate a squeeze-out procedure in accordance with article 2:201a of the Dutch Civil Code in order to acquire the remaining shares in [Tele2 Holdings]. (...) [A]ll shares distributed to the Minority by [Tele2 Holdings] will be unlisted registered shares and will not be freely transferable. (...) [Tele2 Holdings]' articles of association will provide that the general meeting of shareholders of [Tele2 Holdings], with the approval of the holders of the class of shares concerned, by majority vote (...) may cancel each separate class of shares (...). Should the class(es) of shares held by the Minority be cancelled, the Minority would cease to be shareholders in [Tele2 Holdings].
For a period of six months after the legal merger becomes effective, the Minority shall have the right to sell and transfer their ordinary shares B in [Tele2 Holdings], while Tele2 Europe SA will commit itself (...) to purchase and acquire the shares (...). The purchase price for such shares shall (...) be set at the Offer Price per Share as adjusted for the German Transaction, the distribution of the Completion Distribution and (...). (...) In the event of a legal merger and any subsequent squeeze-out or cancellation of a class of shares, the fair value of the Shares [in Versatel] or shares in [Tele2 Holdings] held by the Minority will need to be determined. [Tele2 Finance] anticipates that the fair value of such shares will be determined by reference to the Offer Price per Share (...).
Additional Means of Acquiring Minority's Shares [Tele2 Finance] also reserves the right to use any other legally permitted method to obtain 100 per cent. of the Shares or otherwise obtain full ownership of (...) Versatel's business, including by way of a liquidation, a de-merger (...), a sale of all or substantially all of the assets of Versatel or by way of a legal merger between Versatel and another member of Tele2 AB's group. Finally, [Tele2 Finance] and Versatel reserve the right to have [Tele2 Finance] contribute assets to Versatel against the issuance of ordinary shares in the capital of Versatel, in which circumstances the pre-emptive rights (voorkeursrechten), if any, of other Shareholders would be excluded, all in accordance with Dutch law and Versatel's articles of association at that time." (ix) Blijkens het Biedingsbericht menen de
3.2 De ondernemingskamer heeft bij beschikking van 27 september 2005 het onder 1 weergegeven verzoek van Centaurus c.s. en van VEB tot het treffen van onmiddellijke voorzieningen afgewezen. Daartoe heeft de ondernemingskamer - voorzover in cassatie van belang - onder meer het volgende overwogen. (i) Centaurus c.s. hebben primair gesteld dat sprake is van strijd met de uitkoopregeling, omdat de wettelijke grens voor uitkoop is gelegd bij een bezit van ten minste 95% van het geplaatste aandelenkapitaal. Met dit betoog miskennen zij echter het doel van de uitkoopregeling zoals dat blijkt uit de wetsgeschiedenis, namelijk het bieden van een uitweg aan de meerderheidsaandeelhouder die zich in een ongewenste situatie bevindt omdat hij last heeft van een kleine aandeelhoudersminderheid, bijvoorbeeld omdat afzonderlijke algemene vergaderingen van aandeelhouders moeten worden gehouden en daarbij de oproepingsformaliteiten volledig in acht moeten worden genomen, omdat geen vrijstelling geldt voor het opmaken van een enkelvoudige jaarrekening en omdat bij het dividendbeleid en bij het contracteren met de niet-100% dochtervennootschap rekening moet worden gehouden met de belangen van de minderheidsaandeelhouder(s). Nu het hier derhalve in de eerste plaats gaat om een rechtsfiguur die is bedoeld om het belang van een meerderheidsaandeelhouder te dienen, kan er geen sprake zijn van "ontduiking" van de uitkoopregeling indien die meerderheidsaandeelhouder van die rechtsfiguur geen gebruik kan of wenst te maken. Omgekeerd kan immers
Mitsdien dient tot uitgangspunt te worden genomen dat de ruilverhouding redelijk dient te zijn, hetgeen voor de aandeelhouders van de verdwijnende vennootschap specifiek is gewaarborgd met het in artikel 2:328 BW bepaalde. Ofschoon in het onderhavige geval de daadwerkelijke toetsing van de ruilverhouding op een later moment zal plaatsvinden, valt reeds thans uit het Biedingsbericht af te leiden dat de minderheidsaandeelhouders, via de aan hen toe te kennen gewone aandelen B in Tele2 Holdings, als enigen gerechtigd blijven tot de activa en passiva (en daarmee derhalve tot de toekomstige winsten) van Versatel. Per saldo verliezen zij aldus geen rechten. Voorts blijkt uit het Biedingsbericht dat door de eventuele uitgifte van preferente aandelen B van een afzonderlijke subklasse zal worden verzekerd dat de financieringslasten van het openbare bod niet de facto voor rekening van de minderheidsaandeelhouders zullen komen.
Per saldo vindt derhalve, anders dan Centaurus c.s. veronderstellen, evenmin een verwatering van aandeelhouderswaarde plaats. De minderheidsaandeelhouders blijven als enigen economisch gerechtigd tot de "oude" onderneming van Versatel (minus de Duitse activiteiten, in welker opbrengst zij op normale wijze delen) en worden niet gedwongen om deel te nemen in de onderneming van Tele2, terwijl zij (wel) nog gedurende zes maanden na de fusie de optie hebben hun aandelen B aan Tele2 Europe SA te verkopen. Ten slotte kunnen, anders dan Centaurus c.s. kennelijk veronderstellen, de aandelen B niet tegen de wil van de Minderheid worden ingetrokken (waarvoor immers de goedkeuring van de algemene vergadering van aandeelhouders van die (sub)klasse is vereist) en geldt daartegenover dat de minderheidsaandeelhouders zich zullen moeten neerleggen bij een eventuele verdere verwatering van hun zeggenschap doordat de leningen van Tele2 Holdings (en Tele2 Finance) worden omgezet in aandelenkapitaal.
Op grond van het voorgaande valt niet in te zien welk onderdeel van het stappenplan in strijd zou (kunnen) komen met de in art. 2:8 BW bedoelde maatstaven van redelijkheid en billijkheid, zulks te minder, nu klaarblijkelijk door Tele2 en Versatel volledige transparantie is nagestreefd door het stappenplan uitvoerig in het Biedingsbericht bekend te maken en toe te lichten. (rov. 3.20-3.21) 4. Beoordeling van het middel 4.1 Het middel klaagt dat de ondernemingskamer in de rechtsoverwegingen 3.16, 3.17, 3.20, 3.21 en 3.24 van haar beschikking de art. 2:8, 2:92, 2:92a, 2:201 en 2:201a BW, alsmede art. 1 Eerste Protocol bij het EVRM en art. 14 EVRM heeft geschonden door toe te staan dat minderheidsaandeelhouders, nadat een openbaar bod is uitgebracht en het belang van de minderheidsaandeelhouders vervolgens met behulp van een juridische fusie tot onder de uitkoopgrens van 5% is gebracht, met toepassing van de uitkoopregeling worden uitgestoten.
4.2 Bij de beoordeling van het middel dient uitgangspunt te zijn dat de wetgever in art. 2:92a en 2:201a BW een regeling heeft getroffen waardoor het aan de in het eerste lid van deze bepalingen bedoelde grootaandeelhouder mogelijk wordt gemaakt in een eenvoudige procedure de andere aandeelhouder(s) uit te kopen en daardoor de overige aandelen te verwerven.
De ondernemingskamer kan de vordering tot overdracht van de aandelen slechts afwijzen op een van de in het vierde lid van art. 2:92a en van art. 2:201a (limitatief) opgesomde gronden. Gelet op de aard en de strekking van deze regeling moeten deze afwijzingsgronden beperkt worden uitgelegd. In het bijzonder bieden zij de rechter in beginsel ook geen ruimte voor een belangenafweging (vgl. HR 16 januari 2004, C02/210, NJ 2004, 184). De aan het middel ten grondslag liggende opvatting dat de meerderheidsaandeelhouder die minder dan 95% van het geplaatste kapitaal houdt, nimmer door een constructie als de onderhavige de toepasselijkheid van de uitkoopregeling mag bewerkstelligen, vindt geen steun in het recht. Of het zich bedienen van een zodanige constructie jegens de minderheidsaandeelhouder(s) onrechtmatig is, hangt af van de omstandigheden van het geval waarbij dient te worden meegewogen of de minderheidsaandeelhouders daardoor onevenredig worden benadeeld.
4.3 Met de mogelijkheid dat de vennootschap door fusie, splitsing of omzetting een gedaantewisseling kan ondergaan die tot gevolg heeft dat het belang van de minderheidsaandeelhouders tot onder de uitkoopgrens van 5% daalt, dient een minderheidsaandeelhouder rekening te houden wanneer hij tot de aankoop van een minderheidspakket overgaat of een minderheidsbelang aanhoudt. (vgl. Nota naar aanleiding van het Verslag, Kamerstukken II 2005-2006, 30419, nr. 8, blz. 17). Dit neemt niet weg dat een besluit tot fusie dat enkel en alleen de strekking heeft minderheidsaandeelhouders uit te stoten, in strijd kan zijn met hetgeen van het bestuur van een beursvennootschap jegens haar aandeelhouders op de voet van art. 2:8 BW wordt gevorderd door de redelijkheid en billijkheid. De ondernemingskamer heeft in rov. 3.18 van de bestreden beschikking evenwel geoordeeld dat van een dergelijk besluit geen sprake is, omdat met de driehoeksfusie mede kan worden voorkomen dat - hetgeen onwenselijk wordt geacht - binnen het Tele2-concern op het niveau van een werkmaatschappij minderheidsaandeelhouders blijven bestaan en dat deze fusie ook om diverse fiscale redenen noodzakelijk is. Dit oordeel is niet onbegrijpelijk en behoefde geen nadere motivering dan de ondernemingskamer heeft gegeven.
4.4 De regeling van art. 2:92a en 2:201a BW, die voorziet in een eenvoudige procedure om minderheidsaandeelhouders uit te kopen is, naar ook in het middel wordt erkend, niet in strijd met het bepaalde in art. 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM en in art. 14 EVRM. Het feit dat van een constructie als de driehoeksfusie gebruik wordt gemaakt die leidt tot toepassing van de uitkoopregeling, rechtvaardigt deze conclusie evenmin, nu deze fusie ook andere belangen dan de toepassing van de uitkoopregeling dient en die regeling met wettelijke waarborgen ter bescherming van de belangen van minderheidsaandeelhouders is omgeven.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, E.J. Numann, A. Hammerstein en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 14 september 2007.