← Nederland

ECLI:NL:HR:2007:BB4203

12 oktober 2007 Eerste Kamer Rek.nr. R06/181HR (OK 130) MK/TT Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: 1. [Verzoekster 1], gevestigd te [vestigingsplaats], 2. [Verzoekster 2], gevestigd te [vestigingsplaats], 3. [Verzoeker 3], wonende te [woonplaats], 4. [Verzoekster 4], gevestigd te [vestigingsplaats], VERZOEKERS tot cassatie, advocaat: mr. M.L. Kleyn, t e g e n [Verweerster], gevestigd te [vestigingsplaats], VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk. Partijen zullen hierna ook afzonderlijk worden aangeduid als [verzoekster 1], [verzoekster 2], [verzoeker 3], [verzoekster 4] en [verweerster], verzoekers tot cassatie ook als [verzoeker] c.s. 1. Het geding in feitelijke instanties [Verweerster] heeft op 16 december 2005 een verzoekschrift ingediend bij de ondernemingskamer van het gerechtshof te Amsterdam en verzocht, kort gezegd: 1. een onderzoek te bevelen naar het beleid en de gang van zaken van [verzoekster 1] en van [verzoekster 2] over de periode vanaf 1 augustus 2005; 2. voor de duur van het geding bij wijze van onmiddellijke voorzieningen;

  1. a)[verzoeker 3] te schorsen als bestuurder van [verzoekster 1];
  2. b)[betrokkene 1] dan wel een derde te benoemen tot bestuurder van [verzoekster 1];
  3. c)[verzoekster 4] te gelasten de door haar gehouden aandelen in [verzoekster 1] ten titel van beheer over te dragen aan een door de ondernemingskamer aan te wijzen derde; 3. [verzoekster 1] en [verzoekster 2] te veroordelen in de kosten van het geding. [Verzoeker] c.s. hebben het verzoek bestreden. De ondernemingskamer heeft bij beschikking van 24 november 2006 een onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van [verzoekster 1] en [verzoekster 2] over de periode vanaf 1 augustus 2005 bevolen. De beschikking van de ondernemingskamer is aan deze beschikking gehecht. 2. Het geding in cassatie Tegen de beschikking van de ondernemingskamer hebben [verzoeker] c.s. beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit. [Verweerster] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het beroep. 3. Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt [verzoeker] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 341,38 aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris. Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 12 oktober 2007.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.