9 augustus 2013 nr. 12/05870 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van B.V. [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Amsterdam van 15 november 2012, nr. 11/00428, betreffende een aanslag in de vennootschapsbelasting. 1Het geding in feitelijke instanties Aan belanghebbende is voor het jaar 2005 een aanslag in de vennootschapsbelasting opgelegd, welke aanslag, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van de Inspecteur is gehandhaafd. De Rechtbank te Haarlem (nr. AWB 09/5834) heeft het tegen die uitspraak ingestelde beroep ongegrond verklaard. Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld bij het Hof. Het Hof heeft de uitspraak van de Rechtbank bevestigd. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht. 2Geding in cassatie Belanghebbende heeft tegen ‘s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend. 3Beoordeling van de middelen 3.1. Belanghebbende behoort tot een groep van vennootschappen die zich bezighoudt met de aan- en verkoop, alsmede de ontwikkeling en exploitatie van onroerende zaken (hierna: het concern). Belanghebbende heeft in 1999 een vervangingsreserve als bedoeld in artikel 14, lid 1, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 gevormd. In de jaren daarna heeft het concern met de gemeente [Q] onderhandeld over de (terug)koop van een aantal onroerende zaken. 3.2. Voor het Hof was in geschil of de gevormde reserve in het onderhavige jaar
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.