9 februari 2016 Strafkamer nr. S 14/05026 IF/CB Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 1 september 2014, nummer 20/002406-13, in de strafzaak tegen: [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1964. 1Geding in cassatie Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. G.W.L.A.M. Koppen, advocaat te Breda, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan. 2. Beoordeling van het eerste middel 2.1. Het middel keert zich tegen 's Hofs niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het ingestelde hoger beroep. 2.2.1. Het Hof heeft de verdachte mede op de grond dat door hem geen schriftuur houdende grieven is ingediend, niet-ontvankelijk verklaard in het ingestelde hoger beroep. 2.2.2. Het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep houdt onder meer het volgende in: "Als raadsvrouw van verdachte is ter terechtzitting aanwezig mr. N. van Vliet, advocate te Breda. (...) De raadsvrouw deelt mede: (...) Ik ben niet gemachtigd om namens hem de verdediging te voeren. (...) In eerste aanleg is hij verschenen en hij heeft er doelbewust voor gekozen hoger beroep in te stellen. (...) Vervolgens deelt de advocaat-generaal mede: Ik vorder dat de verdachte niet-ontvankelijk wordt verklaard in zijn hoger beroep nu verdachte geen schriftuur houdende grieven heeft ingediend noch mondeling bezwaren tegen het vonnis heeft opgegeven." 2.3. In het middel wordt gesteld dat door de raadsvrouwe van de verdachte een schriftuur in de zin van art. 410 Sv is ingediend bij de Rechtbank Zeeland-West-Brabant betreffende het in de onderhavige zaak gewezen vonnis van de Politierechter in de Rechtbank Zeeland-West-Brabant van 19 juli 2013. Ter staving van deze stelling zijn aan de cassatieschriftuur kopieën gehecht van: (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.