HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 18/03409 Datum 24 maart 2020 ARREST op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het gerechtshof te Amsterdam van 4 augustus 2010, nummer 23/006249-08, in de strafzaak tegen [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1985, hierna: de verdachte. 1Procesverloop in cassatie Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft F.T.C. Dölle, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur en aanvullende schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schrifturen zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit. De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend voor zover het hof daarbij de opgelegde gevangenisstraf heeft bevestigd, tot vermindering daarvan aan de hand van de gebruikelijke maatstaf en tot verwerping van het beroep voor het overige. De raadsvrouw van de verdachte heeft daarop schriftelijk gereageerd. 2Beoordeling van het eerste cassatiemiddel De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie). 3Beoordeling van het tweede cassatiemiddel 3.1 Het cassatiemiddel klaagt dat na de uitspraak van het arrest dat het hof bij verstek heeft gewezen, de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 lid 1 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden is overschreden. 3.2 Van overschrijding van de redelijke termijn kan sprake zijn als op grond van artikel 366 van het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) een verstekmededeling moet worden betekend (uitgereikt) en het openbaar ministerie bij die betekening niet de nodige voortvarendheid heeft betracht.Van zo’n vertraging is in elk geval geen sprake:a. als de verstekmededeling binnen een jaar na de uitspraak geldig is betekend
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.