HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 19/01409 Datum 7 april 2020 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 8 maart 2019, nummer 21/007026-17, in de strafzaak tegen [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1991, hierna: de verdachte. 1Procesverloop in cassatie Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft N. van Schaik, advocaat te Utrecht, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De advocaat-generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar alleen wat de strafoplegging betreft, en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan. De raadsman van de verdachte heeft daarop schriftelijk gereageerd. 2Beoordeling van het eerste cassatiemiddel De Hoge Raad heeft de klacht over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klacht niet kan leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klacht is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie). 3Beoordeling van het tweede cassatiemiddel 3.1 Het cassatiemiddel klaagt dat het hof in strijd met artikel 359 lid 6 van het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) in zijn uitspraak niet in het bijzonder de redenen heeft opgegeven die hebben geleid tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf. 3.2 Het hof heeft de verdachte wegens “overtreding van artikel 107, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994” veroordeeld tot hechtenis voor de duur van vier weken. Het hof heeft de strafoplegging als volgt gemotiveerd: “opgelegde straf(fen) of maatregel(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.