HOGE RAAD DER NEDERLANDEN BELASTINGKAMER Nummer 20/01263 Datum 29 januari 2021 ARREST in de zaak van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 13 februari 2020, nr. 18/00581, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland (nr. HAA 17/1103) betreffende een door belanghebbende gedaan verzoek om een veroordeling in de proceskosten. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht. 1Geding in cassatie Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van het Hof beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Staatssecretaris heeft een verweerschrift ingediend. Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend. 2Beoordeling van de middelen 2.1 In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan. 2.1.1 In hoger beroep was onder meer in geschil tot welk bedrag belanghebbende aanspraak kan maken op vergoeding van de in beroep gemaakte proceskosten. 2.2 Bij het berekenen van de proceskostenvergoeding heeft het Hof het puntenstelsel opgenomen in de bijlage bij het Besluit proceskosten bestuursrecht (hierna: Bpb) toegepast. Daarbij is het Hof voor de procedure in beroep en hoger beroep uitgegaan van een waarde van € 512 per punt. 2.3 Het middel dat betoogt dat het Hof de proceskostenvergoeding te laag heeft vastgesteld, slaagt. Op grond van onderdeel B1, van de bijlage bij het Bpb diende te worden uitgegaan van een waarde van € 525 per punt. Deze waarde gold met ingang van 1 januari 2020, terwijl het Hof op 13 februari 2020 uitspraak heeft gedaan. Het Hof heeft daarom ten onrechte een waarde van € 512 per punt in aanmerking genomen. 2.4 De Hoge Raad zal de proceskostenvergoedingen opnieuw berekenen. De vergoeding per punt moet worden berekend naar het tarief zoals dat geldt ten tijde van dit arrest. 2.4.1 De kostenvergoeding voor door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand in hoger beroep komt te bedragen 2 x 0,5 x € 534 = €
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.