HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 22/04833 Datum 22 april 2025 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 9 december 2022, nummer 22-000724-21, in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1983, hierna: de verdachte. 1Procesverloop in cassatie Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft M. Berndsen, advocaat in Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De advocaat-generaal M.E. van Wees heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. 2Beoordeling van het cassatiemiddel 2.1 Het cassatiemiddel klaagt over de bewezenverklaring, in het bijzonder over het onderdeel dat de verdachte “wist” dat hij een skimapparaat voorhanden heeft gehad dat bestemd was tot het plegen van enig misdrijf genoemd in artikel 232 lid 1 van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr). 2.2.1 Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat: “hij op 2 juni 2009 te [plaats] , in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen een skimapparaat voorhanden heeft gehad, waarvan hij, verdachte, wist dat dit skimapparaat bestemd was tot het plegen van enig misdrijf genoemd in artikel 232 lid 1 van het Wetboek van Strafrecht, te weten: opzettelijk (een) betaalpas(sen), bestemd voor het verrichten of verkrijgen van betalingen of andere prestaties, langs geautomatiseerde weg, althans de op die/dat betaalpas(sen) aanwezige data, valselijk op te maken of te vervalsen, met het oogmerk zichzelf of een ander te bevoordelen.” 2.2.2 Deze bewezenverklaring steunt op onder meer de volgende bewijsmiddelen: “4. Een proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 2 juni 2009 van de politie Zuid-Holland-Zuid met nr. PL1810/09-059643. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven -: als de op 2 juni 2009 afgelegde verklaring van de verdachte: Wat voor spullen liggen er in uw auto? - De bagage en de spullen die genoemd werden die in de auto lagen. U bedoelt daar de spullen mee waarmee fraude gepleegd kan worden? - Ja, die waren ook in de auto. (...) - Ze zijn van mensen die wij in [plaats] hebben ontmoet. Wat voor mensen waren dat? - Uit [land] , en ze spraken [taal] . Heeft u namen van deze mensen? - De namen ken ik niet. Hoe bent u met ze in contact gekomen? - Deze mensen heb ik vaker toevallig in de coffeeshop in [plaats] ontmoet. Ze hebben mij gevraagd of ik voor hen een pakje naar [plaats] wilde brengen bij iemand. Gezien het bedrag geld dat ik daarvoor zou krijgen heb ik het geaccepteerd, nadat ik gevraagd had of het drugs was want daar was ik bang voor. Met het bedrag dat ik zou krijgen voor het brengen van dit pakje naar [plaats] zou ik mijn reiskosten en mijn hotel kunnen betalen. Dit heeft mij verleid en daarom heb ik het gedaan. Hoeveel geld zou u krijgen? - 1000 euro. 5. De verklaring van de verdachte. De verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep van 25 november 2022 verklaard -zakelijk weergegeven-: Het voorwerp was door personen uit [plaats] gegeven aan de twee personen die bij mij in de auto zaten. Ik was de chauffeur van de auto. Wij wisten niet wat er in de tas zat. We hebben gevraagd of er drugs in de tas zat, en ze zeiden: "Nee". Wij kregen geld om de rugzak te vervoeren. Het gesprek tussen de personen uit Amsterdam en mijn vrienden vond plaats in een coffeeshop. Ik kende die personen niet, maar wij hadden hen wel een aantal dagen eerder ontmoet in de coffeeshop. U vraagt mij hoe groot het pakketje was. Het was een flinke rugzak. Toen wij met z'n allen aan tafel zaten, zeiden de mannen dat er geen drugs in de tas zat. Ik had zelf gevraagd of er drugs in zat. Wij hadden het geld nog niet gekregen, dat zouden wij pas in [plaats] krijgen. Ik zou er zelf eventueel ook geld voor krijgen. Dat is wat zij mij hebben verteld. Zij zeiden doe het gewoon, want je krijgt 1000 euro. Ik ben toen akkoord gegaan. Wij wisten alle drie van het pakket af.” 2.2.3 Het hof heeft over de bewezenverklaring verder overwogen: “De verdachte heeft in een coffeeshop in [plaats] met onbekende personen uit [land] afgesproken om een tas, waarvan de inhoud aan de verdachte niet bekend was, voor een aanzienlijk geldbedrag te vervoeren. Dit heeft hij vervolgens samen met zijn medeverdachten gedaan. Het hof is van oordeel dat de verdachte door de op zijn minst genomen geheimzinnige gang van zaken - gezien de plaats van de afspraak, de onbekendheid van de personen met wie de afspraak is gemaakt in relatie tot de aanmerkelijke hoogte van de geboden tegenprestatie - zich desbewust heeft blootgesteld aan de aanmerkelijke kans dat de tas een voorwerp met een illegale bestemming, zoals bijvoorbeeld een skimapparaat zou bevatten. Dat de verdachte rekening hield met een mogelijk illegaal karakter van deze afspraak, volgt overigens reeds uit de verklaring van de verdachte zelf dat hij eerst had geïnformeerd of het pakket drugs bevatte. Nu de verdachte het skimapparaat voorhanden heeft gehad is het hof van oordeel dat de verdachte, die geen nadere informatie heeft kunnen verstrekken over de onbekende [nationaliteit] , voor de inhoud van de tas verantwoordelijk was, en dat de verdachte, door die tas te vervoeren, zonder enige nadere informatie te vragen over de (inhoud van
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.