Beschikking van 8 september 2015 Behorend bij E.J. no. 399 van 2014 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING in de zaak van: A, wonende in Aruba, verzoekster, hierna ook te noemen: A, gemachtigde: de advocaat mr. G. de Hoogd, tegen: de naamloze vennootschap NOTARISKANTOOR MR R.E. YARZAGARAY N.V., gevestigd in Aruba, verweerster, hierna ook te noemen: het Notariskantoor, gemachtigde: de advocaat mr. D.G. Kock. 1DE PROCEDURE 1.1 Het verloop van de procedure tot 19 augustus 2014 blijkt uit de tussenbeschikking van dit Gerecht van die datum. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit: -het proces-verbaal van getuigenverhoor van 18 september 2014; -het proces-verbaal van getuigenverhoor van 21 november 2014; -het proces-verbaal van getuigenverhoor van 6 februari 2015; -de conclusie na bewijslevering van A van 24 maart 2015, tevens houdende een akte vermeerdering van eis; -de door het Notariskantoor op 5 mei 2015 genomen antwoordconclusie na bewijslevering. 1.2 Beschikking is nader bepaald op heden. 2DE VERDERE BEOORDELING 2.1 Het Gerecht volhardt bij zijn in de tussenbeschikking neergelegde overwegingen en beslissingen, met dien verstande dat - en dat is besproken met partijen ter zitting van 18 september 2014 - dat in de tweede zin van rechtsoverweging 3.5 na het woord “Notariskantoor” verbeterd en aanvullend moet worden gelezen: “die akten produceren”. 2.2 De door A beoogde wijziging van eis wordt niet toegelaten; het daartegen door het Notariskantoor ingestelde bezwaar is gegrond. Door die eiswijziging eerst bij conclusie na bewijslevering te verzoeken, bestaat er geen ruimte om ook dienaangaande het processuele debat ten volle te voeren. Toelating van de door A beoogde wijziging van eis zou daarom strijdig zijn met de goede procesorde. 2.3 Met het Notariskantoor is het Gerecht van oordeel dat A er niet in is geslaagd om te bewijzen dat partijen hebben afgesproken en bedoeld hebben af te spreken dat voor de vaststelling van de in de bepaling bedoelde totale (jaar)omzet niet alleen de door A gegenereerde omzet in aanmerking moet worden genomen, maar ook die van haar collegae, oftewel de omzet van de gehele Afdeling Registergoed II en/of dat voor de vaststelling van de bonussen van alle andere afdelingshoofden binnen het Notariskantoor die akten opmaken (ook) de hele omzet van hun afdeling (dus niet alleen die van die hoofden zelf) in aanmerking wordt genomen. Uit de verklaringen van getuigen [naam], [naam getuige], [naam getuige], [naam getuige] en [naam getuige] (die het Gerecht allen betrouwbaar oordeelt) in onderlinge samenhang en verbinding gelezen volgt immers dat
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.