← Nederland

ECLI:NL:OGEAA:2015:352

Vonnis van 23 september 2015 Behorend bij A.R. 2202 van 2014 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA VONNIS in de zaak van: de naamloze vennootschap ISLAND FINANCE ARUBA N.V., te Aruba, hierna ook te noemen: Island Finance, gemachtigde: de advocaat mr. M.E.D. Brown, tegen: Gedaagde, te Aruba, hierna ook te noemen: Gedaagde, gemachtigde: de advocaat mr. E. Duijneveld. 1DE PROCEDURE Het verloop van de procedure blijkt uit: - het verzoekschrift; - de conclusie van antwoord; - de conclusie van repliek; - de akte niet-dienen op de rol van 1 juli

  1. De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis. 2DE VASTSTAANDE FEITEN 2.1 Gedaagde heeft met Island Finance een overeenkomst van geldlening gesloten voor een bedrag van in totaal Afl. 24.981,12 (inclusief rente en premie levensverzekering). 3DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN 3.1 Island Finance vordert – uitvoerbaar bij voorraad – veroordeling van Gedaagde tot betaling van Afl. 13.760,81, te vermeerderen met 1,4% per maand vanaf 28 februari 2014 met een maximum van Afl. 10.029,02 en na het bereiken van dit maximum te vermeerderen met de wettelijke rente en vermeerderd met Afl. 2.064,12 buitengerechtelijk incassokosten met veroordeling van Gedaagde tot vergoeding van de proceskosten waaronder de beslagkosten. 3.2 Island Finance grondt de vordering erop dat Gedaagde toerekenbaar tekort geschoten is in de nakoming van de uit de overeenkomst van geldlening voortvloeiende betalingsverplichting. 3.3 Gedaagde voert hiertegen verweer. 4DE BEOORDELING 4.
  2. Gedaagde heeft de gelegenheid om te dupliceren voorbij laten gaan. Hij heeft de nadere uiteenzetting van de buitengerechtelijke kosten door Island Finance dus niet bestreden. Blijkens de overeenkomst is overeengekomen dat de buitengerechtelijke kosten 15% bedragen van het door de schuldenaar verschuldigde bedrag. Island Finance heeft Afl. 2.064,12 gevorderd, hetgeen 15% is van het als hoofdsom gevorderde bedrag. In de conclusie van repliek is onderbouwd dat daadwerkelijk buitengerechtelijke kosten zijn gemaakt, hetgeen ook niet is betwist. Het is redelijk dat er buitengerechtelijke kosten zijn gemaakt en de gevorderde hoogte ervan is redelijk. Het gevorderde bedrag dient te worden toegewezen. 4.
  3. De vordering was voor het overige reeds niet bestreden en komt daarom voor toewijzing in aanmerking. 5DE UITSPRAAK De rechter in dit gerecht: veroordeelt Gedaagde tot betaling aan Island Finance van een bedrag van Afl. 13.760,81, te vermeerderen met 1,4% rente per maand vanaf 28 februari 2014 tot een maximum van Afl. 10.029,02 is bereikt en na het bereiken van dat maximum te vermeerderen met de wettelijke rente, steeds over het saldo van de dan openstaande hoofdsom tot de dag waarop volledig zal zijn betaald en te vermeerderen met de buitengerechtelijke incassokosten van Afl. 2.064,12; veroordeelt Gedaagde in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van Island Finance worden begroot op Afl. 750, aan griffierecht, Afl. 829, aan explootkosten en Afl. 1.500, aan salaris van de gemachtigde; verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; wijst het meer of anders gevorderde af. Dit vonnis is gewezen door mr. W.J. Noordhuizen rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 23 september 2015 in aanwezigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.