← Nederland

ECLI:NL:OGEAA:2016:102

Vonnis van 27 januari 2016 Behorend bij A.R. 775 van 2015 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA VONNIS in de zaak van: de naamloze vennootschap ORNIMA UTILITIES N.V., te Aruba, hierna ook te noemen: Ornima, (thans) procederend in persoon, tegen: de naamloze vennootschap HIM (ARUBA), te Aruba, hierna ook te noemen: HIM, gemachtigde: de advocaat mr. D.L. Carolina. 1DE PROCEDURE Het verloop van de procedure blijkt uit: - het verzoekschrift; - de conclusie van antwoord - de akte niet-dienen zijdens Ornima. De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis. 2DE VASTSTAANDE FEITEN 2.1 Ornima exploiteert een uitzendbureau. 2.2 Vanaf mei 2014 heeft HIM geen personeel van Ornima meer ingeleend. 3DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN 3.1 Ornima vordert verklaring voor recht dat een tussen Ornima en HIM bestaande duurovereenkomst in strijd met de redelijkheid en billijkheid is beëindigd, met verplichting tot schadevergoeding door HIM, met veroordeling van HIM tot vergoeding van de proceskosten. 3.2 Ornima grondt de vordering erop dat door de tijd tussen partijen een samenwerkingsovereenkomst tot stand is gekomen die door HIM ontijdig is beëindigd. 3.3 HIM voert hiertegen verweer, met vordering tot veroordeling van Ornima in de proceskosten. 4DE BEOORDELING 4.1 HIM ontkent dat tussen partijen enige samenwerkings- of andere duurovereenkomst tot stand is gekomen. Zij heeft besloten om vanaf mei 2014 geen uitzendkrachten meer van Ornima in te huren omdat Ornima niet over een in gevolge de nieuwe regelgeving (Landsverordening terbeschikkingstelling arbeidskrachten) van overheidswege voorgeschreven vergunning beschikt. 4.2 Dat wordt door Ornima niet weersproken. 4.3 Behoudens bijzondere, niet gestelde, omstandigheden stond het HIM vrij om de relatie met Ornima op die grond te beëindigen. Hoe die relatie tussen partijen precies moet worden aangeduid, als een samenwerkingsovereenkomst, enige andere duurovereenkomst of een serie losse inleenopdrachten doet niet ter zake. 4.4 Voor zover Ornima zich er nog over beklaagt, dat HIM eerder door Ornima uitgeleend personeel zelf in vaste dienst heeft genomen of via andere uitzendbureaus inhuurt, is het petitum daarop onvoldoende toegesneden en wordt overigens de betwisting daarvan, althans van de onrechtmatigheid daarvan, door HIM zijdens Ornima niet meer weersproken. 4.5 De vordering zal worden afgewezen. Als de in het ongelijk te stellen partij zal Ornima de proceskosten van HIM moeten vergoeden. 5DE UITSPRAAK De rechter in dit gerecht: wijst het gevorderde af; veroordeelt Ornima* in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van HIM worden begroot op Afl. 900, aan salaris van de gemachtigde. Dit vonnis is gewezen door mr. W.J. Noordhuizen rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 27 januari 2016 in aanwezigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.