← Nederland

ECLI:NL:OGEAA:2016:28

Beschikking van 12 januari 2016 Behorend bij EJ nr. 2179 van 2015 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING op het verzoek van: DE VOOGDIJRAAD, kantoorhoudend in Aruba, VERZOEKER, vertegenwoordigd. Belanghebbenden: [de moeder], de moeder, [de vader], de vader, [de pleegmoeder], de pleegmoeder tevens voorgestelde voogdes, [de minderjarige], de minderjarige. 1DE PROCEDURE Het verloop van de procedure blijkt uit: het verzoekschrift, ingediend op 24 september 2015; de griffiersaantekeningen van de mondelinge behandeling van 24 november 2015, waaruit blijkt dat zijn verschenen de moeder en de pleegmoeder in persoon. Namens de Voogdijraad is aanwezig mevrouw A. Flanders. De vader heeft geen verweerschrift ingediend, en is ondanks daartoe behoorlijk te zijn opgeroepen, niet verschenen. De uitspraak is bepaald op heden. 2DE FEITEN Binnen het huwelijk tussen de moeder en de vader is op [datum] 2007 in Aruba geboren voornoemde minderjarige [de minderjarige]. 3HET VERZOEK Het verzoek strekt tot ontheffing van de ouders uit het ouderlijk gezag over de minderjarige met benoeming van de pleegmoeder voornoemd tot voogdes. 4DE BEOORDELING 4.1 Ingevolge artikel 1:266 van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (hierna: BWA) kan de rechter - op verzoek van de Voogdijraad - een ouder van het gezag over een of meer van zijn kinderen ontheffen, op grond dat hij ongeschikt of onmachtig is zijn plicht tot verzorging en opvoeding te vervullen, mits het belang van het kind zich daar niet tegen verzet. Een ontheffing kan niet worden uitgesproken indien de ouder zich daartegen verzet, tenzij één van de uitzonderingen genoemd in artikel 1:268 lid 2 BWA, zich voordoet. 4.2 In het rapport van 14 september 2015 van de Voogdijraad staat voor zover hier van belang, het volgende. De ouders hebben feitelijk het gezag over de minderjarige nooit uitgeoefend. De (juridische) vader heeft Aruba in 2006 metterwoon verlaten en is sindsdien niet meer teruggekeerd. Hij is nooit betrokken geweest in het leven van de minderjarige. De moeder is emotioneel instabiel en heeft de zorg en opvoeding van de minderjarige, vanaf toen hij baby was, overgelaten aan de pleegmoeder. De minderjarige woont inmiddels al 8 jaar bij de pleegmoeder en wordt door haar verzorgd en opgevoed. De moeder heeft de minderjarige in september 2014 voor het laatst opgezocht. De minderjarige voelt zich prettig bij de pleegmoeder en wil graag bij haar blijven wonen. 4.3 Het gerecht is gelet op het bovenstaande van oordeel dat de ouders ongeschikt zijn om hun plicht tot verzorging en opvoeding te vervullen en dat, nu de minderjarige al 8 jaar met instemming van de moeder door de pleegmoeder wordt verzorgd en opgevoed, voortzetting daarvan noodzakelijk is en van terugkeer naar de moeder ernstig nadeel voor de minderjarige wordt gevreesd. Het gerecht acht het in het belang van de minderjarige dat de ontheffing wordt uitgesproken. 4.4 In het gezag over de minderjarige dient dan te worden voorzien. De pleegmoeder is bereid de voogdij over de minderjarige te aanvaarden. Nu overigens niet is gebleken van bezwaren hiertegen, zal het gerecht het verzoek van de Voogdijraad om [de pleegmoeder] tot voogdes te benoemen, toewijzen. 5DE BESLISSING Het gerecht: ontheft de moeder [de moeder] en de [de vader] uit het ouderlijk gezag over [de minderjarige], geboren op [datum] 2007 in Aruba, benoemt [de pleegmoeder] tot voogdes over voornoemde [de minderjarige], verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven op dinsdag 12 januari 2016 door de rechter mr. N.K. Engelbrecht in tegenwoordigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.