← Nederland

ECLI:NL:OGEAA:2016:607

Vonnis van 14 september 2016 K.G. no. 2118 van 2016 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA Vonnis in kort geding tussen: [eiser] , wonende te Aruba, eiser, gemachtigde: de advocaat mr. J.S. Croes, en [gedaagde], wonende te Aruba, gedaagde, gemachtigde: de advocaat mr. G.L. Griffith. 1De procedureHet verloop van de procedure blijkt uit: - het verzoekschrift; - het proces-verbaal van de openbare terechtzitting op 9 september 2016; - de ten behoeve van de zitting door partijen op voorhand toegezonden stukken. Vonnis is bepaald op heden. 2De vordering en het verweer2.1 Eiser vordert om bij vonnis in kort geding te bepalen dat de minderjarige kinderen van partijen tijdelijk bij hem komen wonen totdat het politieonderzoek tegen gedaagde en haar vriend is afgerond, kosten rechtens. 2.2 Eiser baseert zijn vordering op het bij hem bestaande vermoeden dat gedaagde, bij wie de kinderen verblijven, de kinderen mishandelt en dat de vriend van gedaagde de kinderen onzedelijk betast. 2.3 Gedaagde voert gemotiveerd verweer. Zij ontkent de beschuldigingen en meent dat vader de kinderen tegen haar opstookt. 3De beoordeling3.1 Eiser heeft voldoende spoedeisend belang gesteld om in zijn vordering te kunnen worden ontvangen. 3.2 Ter zitting van 9 september 2016 is ook een vertegenwoordiger van de Voogdijraad gehoord. Er is door een psycholoog op last van de Voogdijraad inmiddels een risicotaxatie gedaan. Er zijn thans geen indicaties dat de kinderen worden blootgesteld aan onzedelijkheden. Beide ouders kunnen onder invloed van hun onmacht de kinderen fysiek ‘corrigeren’, maar er lijkt geen sprake van mishandeling. Beide ouders hebben, aldus nog steeds de Voogdijraad, geen inzicht in de gevolgen van hun gedrag op de kinderen. De ouders hebben slechts hun eigen belangen voor ogen. De ouders zullen aan hun opvoedkundige vaardigheden moeten werken. De Voogdijraad heeft besloten een voorlopige ondertoezichtstelling aan te vragen. 3.3 Het gerecht heeft althans in deze procedure niet ontvangen het onderzoeksrapport dat aan de voorgenomen voorlopige ondertoezichtstelling ten grondslag ligt. Gelet op de mondeling meegedeelde voorlopige bevindingen van de Voogdijraad en de door de Voogdijraad voorgenomen voorlopige ondertoezichtstelling ziet de kort gedingrechter echter geen voldoende aanleiding of belang het verzochte toe te wijzen. 3.4 De vordering zal worden afgewezen. Nu dit geding plaats vindt in de familiesfeer van partijen, zullen de proceskosten worden gecompenseerd en wel zo dat iedere partij de eigen kosten draagt. 4De beslissing De rechter in dit gerecht, recht doende in kort geding: Wijst de vordering af. Compenseert de proceskosten en wel zo dat iedere partij de eigen kosten draagt. Dit vonnis is gewezen door mr. P.A.H. Lemaire, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting op 14 september 2016 in tegenwoordigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.