← Nederland

ECLI:NL:OGEAA:2016:707

Vonnis van 28 september 2016 Behorend bij A.R. no. 2928 van 2013 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA VONNIS in de zaak van: [eiseres], wonende in Aruba, eiseres, nader te noemen: “de vrouw”, gemachtigde: de advocaat mr. M.M. Malmberg, tegen: [gedaagde], wonende in Aruba, gedaagde, nader te noemen “de man”, thans zonder gemachtigde. 1DE VERDERE PROCEDURE 1.1 Het verloop van de procedure tot en met 6 april 2016 blijkt uit het tussenvonnis van die datum. De vrouw heeft daarna een akte ingediend. De man heeft, ondanks dat hij daartoe in de gelegenheid is gesteld, geen akte en contra-akte ingediend. 1.2 Vonnis is bepaald op heden. 2DE VERDERE BEOORDELING 2.1 Het gerecht heeft ten aanzien van de voormalige echtelijke woning en het terrein te [buurt] aan partijen de gelegenheid gegeven zich uit te laten over een minimale verkoopprijs. De man heeft zich niet uitgelaten en de stellingen van de vrouw in haar akte niet heeft weersproken. De vrouw heeft gesteld dat de restant hypotheekschuld per maart 2016 Afl. 336.923,26 bedroeg en heeft verzocht om als minimale verkoopprijs Afl. 400.000,00 respectievelijk US$70.000,00 te hanteren. Nu de man zich niet heeft uitgelaten en de door de vrouw genomende bedragen het gerecht niet onredelijk voorkomen, zal het gerecht bepalen dat de woning en het terrein voor de door de vrouw genoemde bedragen te koop gezet zullen worden bij de door de vrouw voorgestelde makelaar, te weten [naam] van [naam realtor], zodat het benoemen van een taxateur achterwege gelaten kan worden. Het gerecht zal voorts bepalen dat de makelaar de woning en het terrein zal mogen verkopen voor niet minder dan 90% van de vraagprijs, indien en zodra een der partijen zulks wenst. Het gerecht zal ook een onzijdig persoon benoemen voor het geval een der partijen weigert zijn of haar medewerking te verlenen aan de notariële levering(en). 2.2 Zoals reeds bij tussenvonnis van 6 april 2016 werd bepaald, zal bij verkoop van de woning de hyptheeklening worden afgelost, waarna een eventuele overwaarde na aftrek van de notariskosten aan partijen ieder bij helfte kan worden uitgekeerd, rekening houdende met het volgende. De man dient uiterlijk bij de notariële levering van de woning, evenwel pas na deugdelijk onderbouwde opgave van de hypotheekaflossingen door de vrouw, aan de vrouw te vergoeden de helft van de door de vrouw sinds de peildatum betaalde hypotheekaflossingen verminderd met de ontvangen huurpennningen (12 maanden x Afl. 750,00 = Afl. 9.000,00). 2.3 Bij verkoop van het terrein kan de verkoopsom na aftrek van de notariskosten aan partijen ieder bij helfte worden uitgekeerd, rekening houdende met het volgende. Uiterlijk bij de notariële levering van het terrein te [buurt] dient de vrouw, evenwel pas na deugdelijk onderbouwde opgave van de betaalde erfpachtscanon door de man, de helft van de door de man betaalde erfpachtscanon vanaf de peildatum tot aan de levering aan de man te vergoeden. 2.4 In het tussenvonnis van 6 april 2016 werd voorts al bepaald dat de man aan de vrouw dient te vergoeden wegens overbedeling: Afl. 425,00 (rekening Elmar), Afl. 11,50 (kosten hypotheekkantoor), Afl. 708,96 (credit card schuld), Afl. 5.863,00 (lening Arubabank). 2.5 De vrouw heeft bij akte een overzicht verstrekt van alle betalingen op de credit card schuld sinds de peildatum. De man heeft hiertegen geen verweer gevoerd. Tot en met maart 2016 heeft de vrouw Afl. 2.425,62 betaald. Tot aan de datum van dit vonnis dient daar nog 6 maanden x Afl. 100,00 = Afl. 600,00 bij opgeteld te worden. De man dient de helft van deze kosten, zijnde Afl. 1.512,81 aan de vrouw te vergoeden. 2.6 De vrouw heeft bij akte onderbouwd met stukken gesteld dat het saldo van de gezamenlijke rekening per de peildatum Afl. 1.518,58 bedraagt. De man heeft hiertegen geen verweer gevoerd. De man dient de helft daarvan, zijnde Afl. 759,29 aan de vrouw te vergoeden. 2.7 In totaal dient de man ter zake de in r.o. 2.4, 2.5 en 2.6 bedoelde boedelbestanddelen Afl. 9.280,56 aan de vrouw te vergoeden. Het gerecht zal bepalen dat de man dit bedrag binnen drie maanden na het uitspreken van dit vonnis aan de vrouw dient te betalen. 2.8 De overige boedelbestanddelen zullen worden verdeeld op de in het tussenvonnis van 6 april 2016 bepaalde wijze. 2.9 De proceskosten zullen worden gecompenseerd in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt. 3DE BESLISSING Het gerecht: 3.1 verdeelt de tussen partijen bestaand hebbende en inmiddels ontbonden huwelijksgoederengemeenschap op de bij tussenvonnis van 6 april 2016 en op de hiervoor bepaalde wijze; 3.2 bepaalt dat de woning gelegen te [buurt] en het terrein gelegen te [buurt] voor een vraagprijs van Afl. 400.000,00 respectievelijk US$ 70.000,00 via makelaar [naam] van [naam realtor] op verzoek van (een der) partijen verkocht zal kunnen worden en dat de makelaar de woning en het terrein zal mogen verkopen voor niet minder dan 90% van de vraagprijs, indien en zodra (een der) partijen zulks wens(t)(en); 3.3 benoemt tot onzijdig persoon deurwaarder [naam deurwaarder] om de partij die na ingebrekestelling door de andere partij weigert mee te werken aan de notariële levering(en) van de woning en/of het perceel in geval deze voor de onder 3.2 genoemde vraagprijzen, althans niet minder dan 90% daarvan, verkocht kan/kunnen worden te vertegenwoordigen; 3.4 bepaalt dat bij verkoop van de woning de lopende hypotheeklening zal worden afgelost, waarna een eventuele overwaarde na aftrek van de notariskosten aan partijen ieder bij helfte kan worden uitgekeerd, rekening houdende met het in 3.5 genoemde door de man te betalen bedrag; 3.5 bepaalt dat de man uiterlijk bij de notariële levering van de woning, evenwel pas na deugdelijk onderbouwde opgave van de hypotheekaflossingen door de vrouw, aan de vrouw dient te vergoeden de helft van de door de vrouw sinds de peildatum betaalde hypotheekaflossingen verminderd met de ontvangen huurpennningen (12 maanden x Afl. 750,00 = Afl. 9.000,00). 3.6 bepaalt dat bij verkoop van het terrein de verkoopsom na aftrek van notariskosten aan partijen ieder bij helfte kan worden uitgekeerd, rekening houdende met het in 3.7 genoemde door de vrouw te betalen bedrag; 3.7 bepaalt dat de vrouw uiterlijk bij de notariële levering van het terrein te Noord, evenwel pas na deugdelijk onderbouwde opgave van de betaalde erfpachtscanon door de man, aan de man dient te vergoeden de helft van de door de man betaalde erfpachtscanon vanaf de peildatum tot aan de levering. 3.8 veroordeelt de man om wegens overbedeling binnen drie maanden na het uitspreken van dit vonnis tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de vrouw te voldoen een bedrag van Afl. 9.280,56; 3.9 verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad; 3.10 compenseert de proceskosten in die zin dat elke partij de eigen kosten draagt; 3.11 wijst af het meer of anders gevorderde. Dit vonnis is gewezen door mr. M. Schoemaker, rechter, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 28 september 2016 in aanwezigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.