Beschikking van 16 oktober 2018 Zaaknummer E.J. nr. AUA201801114. GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING op het verzoek van [verzoeker] , wonende in Aruba, VERZOEKER, hierna: de vader, gemachtigde: de advocaat mr. Z.T.M. Arendsz-Marchena, tegen [verweerster] , wonende in Aruba, VERWEERSTER, hierna: de moeder, gemachtigde: de advocaat mr. D.M. Canwood. Belanghebbenden: [naam minderjarige 1], geboren op [geboortedatum] 2001 in [geboorteplaats], en [naam minderjarige 2], geboren op [geboortedatum] 2004 in [geboorteplaats], hierna samen aan te duiden als de minderjarigen. 1DE PROCEDURE De procedure blijkt uit: het verzoekschrift ingediend op 23 april 2018, het verhoor van de minderjarigen op 3 september 2018, de griffiersaantekeningen van de mondelinge behandeling van de zaak achter gesloten deuren op 4 september 2018, waaruit blijkt dat partijen in persoon en bijgestaan door hun gemachtigden zijn verschenen. Namens de Voogdijraad was aanwezig de heer [raadonderzoeker]. De uitspraak is bepaald op heden. 2DE FEITEN 2.1 Uit het huwelijk tussen de vader en de moeder zijn geboren [naam minderjarige 1] (op [geboortedatum] 2001 in [geboorteplaats]) en [naam minderjarige 2] (op [geboortedatum] 2004 in [geboorteplaats]). 2.2 Bij beschikking van dit gerecht van 29 juni 2005 is de echtscheiding tussen partijen uitgesproken en is bepaald dat de moeder alleen belast zal worden met het gezag over de minderjarigen. 3HET VERZOEK Het verzoek strekt tot wijziging van het gezag, in die zin dat de vader alleen, dan wel gezamenlijk met de moeder met het gezag over de minderjarigen wordt belast, met bepaling van de hoofdverblijfplaats van de minderjarigen bij de vader. 4DE BEOORDELING Gezag 4.1 Partijen hebben ter zitting verzocht om gezamenlijk belast te worden met de uitoefening van het gezag over de minderjarigen. Het gerecht is, gehoord de Voogdijraad, van oordeel dat het gezamenlijk gezag in het belang is van de minderjarigen en zal dienovereenkomstig beslissen. Hoofdverblijfplaats 4.2 Tussen partijen is ook niet in geschil dat de minderjarige [naam minderjarige 1] bij de moeder zal blijven wonen en de minderjarige [naam minderjarige 2] bij de vader zal blijven wonen. Het gerecht zal dienovereenkomstig beslissen, nu niet is gebleken dat het belang van de minderjarigen zich hiertegen verzet. Kinderalimentatie 4.3 Partijen zijn ter zitting overeengekomen dat de vader met een bedrag van Afl. 500,- zal bijdragen in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige Ian. Het gerecht zal dienovereenkomstig beslissen. 4.4 Het gerecht ziet aanleiding om de proceskosten te compenseren, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt. 5DE BESLISSING Het gerecht: bepaalt dat de vader, [verzoeker], voortaan gezamenlijk met de moeder, [verweerster], het gezag over [naam minderjarige 1] (geboren op [geboortedatum] 2001 in [geboorteplaats]) en over [naam minderjarige 2] (geboren op [geboortedatum] 2004 in [geboorteplaats]) zal uitoefenen, bepaalt de woonplaats (hoofdverblijf) van de minderjarige [naam minderjarige 1] bij de moeder en die van de minderjarige [naam minderjarige 2] bij de vader, bepaalt de bijdrage van de vader in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige Ian op Afl. 500,- per maand per maand, te betalen, met ingang van 1 oktober 2018, verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad, compenseert de kosten aldus dat ieder der partijen de eigen kosten draagt, wijst het meer of anders verzochte af. Deze beschikking is gegeven door mr. A.H.M. van de Leur, rechter in dit gerecht, ter zitting van dinsdag 16 oktober 2018 in aanwezigheid van de griffier.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.