Uitspraak van 29 oktober 2018 LAR nr. AUA201802889 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA UITSPRAAK op het verzoek in de zin van artikel 54 van de Landsverordening administratieve rechtspraak (Lar) van: [Naam Verzoekster], van Venezolaanse nationaliteit, VERZOEKSTER, gemachtigde: J.J.C. Odor, LLB, gericht tegen: DE MINISTER VAN JUSTITIE, VEILIGHEID EN INTEGRATIE, zetelende in Aruba, VERWEERDER, gemachtigden: mr. V.M. Emerencia (DWJZ) en J.M. Harewood (DIMAS). 1PROCESVERLOOP Bij bevelschrift, gedateerd 25 juli 2018, heeft verweerder de verwijdering van verzoekster bevolen. Tegen deze beschikking heeft verzoekster op 4 september 2018 bezwaar gemaakt. Tevens heeft zij zich tot het gerecht gewend met het verzoek de bestreden beschikking te schorsen. Het verzoek is behandeld ter zitting van 24 september 2018, waar verzoekster bij haar gemachtigde is verschenen en verweerder zich heeft laten vertegenwoordigen door de gemachtigden voornoemd. De uitspraak is nader bepaald op heden. 2OVERWEGINGEN 2.1 Ingevolge artikel 54, eerste lid, van de Lar, kan, indien krachtens deze landsverordening een bezwaar- of beroepschrift aanhangig is, de indiener daarvan aan het gerecht verzoeken om de bestreden beschikking onderscheidenlijk beslissing op het bezwaarschrift te schorsen op grond, dat de uitvoering daarvan voor betrokkene een onevenredig nadeel met zich zou brengen in verhouding tot het door een onmiddellijke uitvoering daarvan te dienen belang. 2.2 Voor zover de toetsing aan het in artikel 54, eerste lid, van de Lar neergelegde criterium meebrengt dat een beoordeling van het geschil in de hoofdzaak wordt gegeven, heeft het oordeel van het gerecht een voorlopig karakter en is dat niet bindend in de bodemprocedure. 2.3 Ingevolge artikel 19, eerste lid, van de Ltuv kan de minister van Justitie uit Aruba verwijderen: a. … b. personen die tot tijdelijk verblijf werden toegelaten, wanneer zij in het land worden aangetroffen, nadat de geldigheidsduur van hun tijdelijke verblijfsvergunning is verstreken of nadat de geldigheid van de vergunning door enige andere oorzaak is vervallen. 2.4 Verweerder heeft aan het bevel tot verwijdering ten grondslag gelegd dat verzoekster op 25 juli 2018 door medewerkers van de afdeling Vreemdelingentoezicht, al werkende werd aangetroffen als “manicure medewerkster” zonder in het bezit te zijn van een daarvoor geldige verblijfstitel. Na onderzoek en nadat verzoekster uit Aruba is verwijderd, is gebleken dat verzoekster een verblijfsvergunning heeft met een geldigheidsduur van 15 maart 2018 tot en met 15 maart
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.