Beschikking van 26 maart 2019 behorend bij EJ nr. AUA201803515 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING in de alimentatiezaak tussen DE VOOGDIJRAAD, kantoorhoudend in Aruba, VERZOEKER, vertegenwoordigd, en [verweerder], wonende in Aruba, VERWEERDER, hierna te noemen: de man, gemachtigde: de advocaat mr. C.J. Hart. Belanghebbende: [naam belanghebbende], de moeder. 1DE PROCEDURE De procedure blijkt uit: het verzoekschrift, ingediend op 1 november 2018; het verweerschrift, ingediend op 11 februari 2019; de mondelinge behandeling van 12 februari 2019, waar namens de Voogdijraad aanwezig was [vertegenwoordiger] en de moeder in persoon. De vader is in persoon verschenen en bijgestaan door zijn gemachtigde. De uitspraak is 2DE FEITEN Uit de moeder is op [geboortedatum] 2002 in Aruba geboren de thans nog minderjarige [naam minderjarige] (hierna: de minderjarige). De minderjarige is niet erkend. 3HET VERZOEK Het (ter zitting gewijzigd) verzoek strekt tot het veroordelen van de man tot betaling van een maandelijkse bijdrage van Afl. 400,- ingaande 1 november 2018 als voorziening in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige. Daartoe wordt gesteld dat hij de verwekker is van de minderjarige en dat hij voldoende inkomen uit arbeid geniet. 4DE BEOORDELING 4.1 Het gerecht stelt voorop dat ouders verplicht zijn te voorzien in de kosten van verzorging en opvoeding van hun minderjarige kinderen. Dit geschiedt naar draagkracht. Ingevolge artikel 1:394 van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (hierna: BWA) is de verwekker van een kind dat alleen een moeder heeft, als ware hij ouder verplicht tot het voorzien in de kosten van verzorging en opvoeding van het kind. Artikel 1:406 lid 1 BWA bepaalt, dat in het geval een ouder zijn verplichting tot voorziening in de kosten van verzorging en opvoeding niet of niet behoorlijk nakomt, zowel de voogdijraad als de andere ouder de rechter kan verzoeken het bedrag te bepalen dat deze ouder ten behoeve van het kind zal moeten uitkeren. 4.2 Bepalend voor de hoogte van de kinderalimentatie zijn de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige en de draagkracht van zowel de moeder als de vader. Teneinde ieders draagkracht te bepalen, dienen over en weer de netto-inkomens te worden vastgesteld, alsmede de vaste lasten die in redelijkheid voorrang krijgen boven het betalen van kinderalimentatie. 4.3 De kosten van verzorging en opvoeding 4.3.1 Bij het vaststellen van de kosten van verzorging en opvoeding hanteert het gerecht als richtsnoer dat deze voor kinderen in de leeftijd als die van de minderjarige in kwestie gemiddeld Afl. 650,- per maand bedragen. Het gerecht is van oordeel dat aangenomen kan worden dat de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige rond dat bedrag liggen. In dit bedrag zitten begrepen de schoolkosten, de kosten van kleding en die van recreatie, zodat met de door de opgevoerde daadwerkelijke kosten van deze lasten bij de vaststelling van de kosten niet afzonderlijk rekening zal worden gehouden. Dit bedrag kan worden verhoogd indien blijkt van bijzondere uitgaven ten behoeve van de kinderen die niet zijn begrepen in genoemd bedrag van Afl. 650,- (zoals noodzakelijke kosten voor naschoolse opvang). 4.3.2 Het gerecht zal rekening houden met de posten “vervoer” ad Afl. 300,- en “oppas” ad Afl. 150,- nu de noodzaak van deze kosten voldoende aannemelijk is gemaakt door de moeder. 4.3.3 Gelet op het vorenstaande kunnen de kosten van de minderjarige worden vastgesteld op Afl. 1.100,-, waaraan de ouders naar draagkracht en naar evenredigheid dienen bij te dragen. 4.4 De draagkracht van de moeder 4.4.1 Blijkens de door de moeder overgelegde loonstrookjes bedraagt haar loon netto gemiddeld afgerond Afl. 3.762,56 per maand (inclusief kindertoelage en kleding toelage). De moeder is ambtenaar en ontvangt als zodanig jaarlijks vakantie-uitkering (Afl. 4.620,-), bashi-premie (Afl. 1.500), reparatiepremie (Afl. 1.485,-) en gelijkbedrag (Afl. 1.500). Haar netto-inkomen bedraagt maandelijks dan ook gemiddeld Afl. 4.521,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.