← Nederland

ECLI:NL:OGEAA:2019:264

Vonnis van 8 mei 2019 Behorend bij K.G. AUA201900904 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA VONNIS IN KORT GEDING in de zaak van: [eiser], wonende in Aruba, eiser, hierna ook te noemen: [eiser], procederend in persoon, tegen: [gedaagde] in zijn hoedanigheid van executeur-testamentair in de nalatenschap van [overledene] , wonende in Aruba, gedaagde, hierna ook te noemen: [gedaagde] q.q., procederend in persoon. 1DE PROCEDURE 1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit: -het verzoekschrift met producties; -de beslissing van dit Gerecht dat de mondelinge behandeling van de zaak zal worden gehouden op de terechtzitting van vrijdag 5 april 2019 om 10:30 uur. 1.2 [ eiser] en [gedaagde] q.q. zijn in persoon ter terechtzitting verschenen. Partijen hebben in twee termijnen het woord gevoerd, [gedaagde] q.q. mede aan de hand van toegelaten producties en overgelegde pleitaantekeningen, en hebben gereageerd of kunnen reageren op elkaars stellingen. 1.3 Vonnis is bepaald op heden. 2DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN 2.1 [ [eiser] vordert dat het Gerecht bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis: -het bij partijen genoegzaam bekende verzoek van [gedaagde] q.q. om voorschot (hierna: het verzoek) af wijst en nietig verklaart; -voor recht verklaart dat [gedaagde] q.q. onrechtmatig heeft gehandeld jegens [eiser] en dat [gedaagde] q.q. aansprakelijk is voor de door [eiser] als gevolg daarvan geleden schade. 2.2 [ gedaagde] q.q. voert verweer en concludeert tot afwijzing van het door [eiser] verzochte. 3DE BEOORDELING 3.1 [ eiser] heeft gesteld dat hij spoedeisend belang heeft bij de door hem verzochte voorzieningen. Die stelling heeft [gedaagde] q.q. niet bestreden, en wordt daarom aangenomen. 3.2 De door [eiser] verzochte nietigverklaring moet - wat van de inhoud van dat verzoek ook zij - worden afgewezen, nu in het algemeen geldt dat nietigverklaring in kort geding niet mogelijk is. 3.3 De door [eiser] verzochte afwijzing van het verzoek zal eveneens worden afgewezen, nu dat verzoek reeds rechterlijk is toegewezen. 3.4 De door [eiser] verzochte verklaring voor recht moet ook worden afgewezen, nu in het algemeen geldt dat in kort geding geen verklaring voor recht gegeven kan worden. 3.5 [ eiser] zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de proceskosten gevallen aan de zijde van [gedaagde] q.q., tot aan deze uitspraak begroot op nihil nu [gedaagde] q.q. in deze procedure niet werd bijgestaan door een advocaat. Hierbij heeft te gelden dat [gedaagde] q.q. de door hem aan deze zaak bestede uren ten laste mag brengen van het bij partijen genoegzaam bekende dossier waarin hij is benoemd als executeur-testamentair, in welk licht [gedaagde] q.q. onbetwist heeft gesteld dat hij inclusief de mondelinge behandeling daarvan vijf uren heeft besteed aan deze zaak. Het Gerecht zal in dit verband verstaan als na te melden. 4DE BESLISSING Het Gerecht, rechtdoende in kort geding: -wijst af het door [eiser] verzochte; -veroordeelt [eiser] in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van [gedaagde] q.q., tot aan deze uitspraak begroot op nihil; -verstaat dat [gedaagde] q.q. de door hem aan deze zaak bestede vijf uren ten laste mag brengen van de nalatenschap van [overledene] overeenkomstig het bepaalde door dit Gerecht bij beschikking van 24 april 2018 in de zaak met als zaaknummer AUA201800078. Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M van de Leur rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 8 mei 2019 in tegenwoordigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.