Beschikking van 2 juli 2019 behorend bij EJ. nr. AUA201900188 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING op het verzoek van [VERZOEKER], wonende in Aruba, te [adres], VERZOEK, hierna: de vader, procederend in persoon. Belanghebbenden: [BELANGHEBBENDE 1], hierna [belanghebbende 1], wonende in Aruba, [BELANGHEBBENDE 2], hierna [belanghebbende 2], wonende in Aruba, [BELANGHEBBENDE 3], hierna [belanghebbende 3], wonende in Haïti, [BELANGHEBBENDE 4], hierna [belanghebbende 4], wonende in Haïti, DE AMBTENAAR VAN DE BURGERLIJKE STAND. 1DE PROCEDURE De procedure blijkt uit: het verzoekschrift, ingediend op 18 januari 2019, de mondelinge behandeling van 21 mei 2019, waaruit blijkt dat zijn verschenen verzoeker in persoon en de ambtenaar van de Burgerlijke Stand bij [naam ambtenaar]. Beide moeders zijn, ondanks daartoe behoorlijk te zijn opgeroepen, niet verschenen. De uitspraak is bepaald op heden. 2DE FEITEN 2.1 [ belanghebbende 1] is op [geboortedatum] 2000 in Haïti geboren uit de relatie tussen verzoeker en [naam moeder 1]. [belanghebbende 1] is door de vader erkend. 2.2 [ belanghebbende 2] is op [geboortedatum] 2003 in Haïti geboren uit de relatie tussen verzoeker en [naam moeder 2]. [belanghebbende 2] is door de vader erkend. 2.3 Bij uitspraken van “Le Tribunal de Première Instance de la Croix-des-Bouquets” van 23 november 2011 heeft de Haїtiaanse rechter – kort gezegd – de voogdij over voornoemde kinderen toegekend aan de vader. 2.4 De kinderen wonen bij de vader in Aruba en hebben thans geen verblijfstitel. 3HET VERZOEK Het verzoek strekt - naar het gerecht begrijpt - tot afgifte van een verklaring als bedoeld in artikel 1:26 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) ter zake van voornoemde uitspraken van 23 november 2011. Daartoe is ter zitting gesteld dat het in het belang van de minderjarige [belanghebbende 2] en de thans meerderjarige [belanghebbende 1] is dat voornoemde beslissingen in Aruba worden erkend opdat hun verblijfsstatus hier te lande geregeld kan worden. 4DE BEOORDELING 4.1 Op grond van artikel 1:26 BW kan het gerecht een verklaring voor recht afgeven dat een buiten Aruba opgemaakte akte of gedane uitspraak overeenkomstig plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie is opgemaakt of gedaan, en naar zijn aard vatbaar is voor opneming in een van de registers van de burgerlijke stand. 4.2 Voornoemde uitspraken d.d. 22 september 2011 zijn naar hun aard niet vatbaar voor opneming in een register van de burgerlijke stand, aangezien die registers geen informatie omtrent “voogdij” bevatten. Het verzoek is daarom niet toewijsbaar. 5DE BESLISSING Het gerecht: wijst het verzoek af. Deze beschikking is gegeven door mr. E.M.D. Angela, rechter in dit gerecht en in het openbaar uitgesproken ter terechtzitting van dinsdag 2 juli 2019 in tegenwoordigheid van de griffier.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.