← Nederland

ECLI:NL:OGEAA:2019:691

Beschikking van 24 september 2019 behorend bij EJ nr. AUA201901030 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING op het verzoek van: [verzoeker], wonende in Aruba, [adres], VERZOEKER, procederend in persoon, om ondercuratelestelling van zijn levensgezel: [verweerster], wonende in Aruba, [adres], VERWEERSTER, hierna te noemen [verweerster], in persoon. 1DE PROCEDURE De procedure blijkt uit: het verzoekschrift, ingediend op 1 april 2019, de mondelinge behandeling ter zitting van 2 juli 2019, waarbij aanwezig waren verzoeker en [verweerster] in persoon. De uitspraak is 2HET VERZOEK Het verzoek strekt - naar het gerecht begrijpt - ertoe dat [verweerster] onder curatele wordt gesteld met benoeming van verzoeker tot haar curat. Daartoe wordt aangevoerd dat [verweerster] aan een geestelijke stoornis lijdt waardoor zij, al dan niet met tussenpozen, niet in staat is of bemoeilijkt wordt om haar belangen behoorlijk waar te nemen. 3DE BEOORDELING 3.1 Het verzoek is gegrond op artikel 1:378, lid 1 en onder sub a van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BWA). Ingevolge deze bepaling kan de rechter een meerderjarige onder curatele stellen wegens een geestelijke stoornis waardoor de gestoorde, al dan niet met tussenpozen, niet in staat is of bemoeilijkt wordt zijn belangen behoorlijk waar te nemen. Uit de verklaringen van de verzoeker, de internist-geriater (naam internist-geriater) en de ondervraging van [verweerster] is gebleken dat zij wegens een geestelijke stoornis, al dan niet met tussenpozen, niet in staat is of bemoeilijkt wordt haar belangen behoorlijk waar te nemen. Het verzoek tot ondercuratelestelling is dan ook voor toewijzing vatbaar. 3.2 [ verweerster] heeft met zoveel woorden te kennen gegeven geen bezwaar te hebben tegen benoeming van haar levensgezel tot haar curator. Deze benoeming strookt naar het oordeel van het gerecht ook het meest met de belangen van [verweerster]. Nu voor het overige niet van bezwaren daartegen is gebleken, zal het gerecht dienovereenkomstig beslissen. 3.3 De curator dient ingevolge artikel 1:386 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) juncto artikel 1:338 BW binnen acht weken na aanvang van zijn taak als curator een schriftelijke opgave ter griffie van dit gerecht te doen van de bij het begin van de curatele aanwezige gerede gelden, effecten aan toonder en spaarbankboekjes. De curator dient voorts binnen acht maanden na aanvang van zijn taak als curator ter bevestiging van zijn deugdelijkheid een door hem ondertekende boedelbeschrijving bij de griffie van dit gerecht in te dienen. In de boedelbeschrijving is begrepen opgave van de wijzigingen in de samenstelling van het vermogen tot het ogenblik dat zij wordt opgemaakt. 3.4 De curator dient ingevolge artikel 1:386 lid 1 BW in samenhang met artikel 1:359 lid 1 BW jaarlijks een rekening van zijn bewind over de goederen van de onder curatele gestelde ter griffie van dit gerecht in te dienen, voor het eerst uiterlijk op 1 juni 2020. 4DE BESLISSING Het gerecht: stelt [verweerster], geboren op [geboortedatum] 1937 in de Dominicaanse Republiek, onder curatele, benoemt over de onder curatele gestelde tot curator haar levensgezel, [verzoeker], geboren op 15 april 1947 in de Dominicaanse Republiek en wonende in Aruba, bepaalt dat deze uitspraak vanwege de curator binnen tien

(10)dagen nadat deze ten uitvoer kan worden gelegd, wordt geplaatst in de Landscourant van Aruba, alsmede in de dagbladen “DIARIO” en “AMIGOE DI ARUBA”. Deze beschikking is gegeven door mr. E.M.D. Angela, rechter in dit gerecht, ter terechtzitting van dinsdag 24 september 2019 in tegenwoordigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.