← Nederland

ECLI:NL:OGEAA:2019:817

Vonnis van 27 november 2019 Behorend bij A.R. no. AUA201902465 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA VONNIS in de zaak van: de stichting FUNDACION CAS PA COMUNIDAD ARUBANO, gevestigd te Aruba, EISERES, hierna ook te noemen: FCCA, gemachtigde: de advocaat mr. W.G.T.M. Kloes, tegen: [GEDAAGDE], wonende te Aruba, [adres], GEDAAGDE, hierna ook te noemen: [GEDAAGDE], procederend in persoon. 1DE PROCEDURE 1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit: - het tussenvonnis van 25 september 2019, - de producties zijdens FCCA, ingediend op 18 oktober 2019, - de mondelinge behandeling van 23 oktober 2019, waar FCCA bij haar gemachtigde mr. J.J. Saade occuperende voor mr. W.G.T.M. Kloes en [GEDAAGDE] in persoon zijn verschenen. 1.2 Vonnis is bepaald op heden. 2DE VERDERE BEOORDELING 2.1 Uit het verzoekschrift volgt een huurachterstand van Afl. 9.706,90 per 31 mei 2019. Uit het door FCCA overgelegde overzicht volgt dat de huurachterstand per 1 september 2019 Afl. 12.084,90 bedraagt. De huurachterstand is door gedaagde niet gemotiveerd betwist. Dat [GEDAAGDE] betalingen heeft verricht blijkt niet uit het overgelegde overzicht zijdens FCCA en is evenmin door [GEDAAGDE] onderbouwd. Als gevolg hiervan komt vast te staan dat [GEDAAGDE] tekort is geschoten in de nakoming van haar betalingsverplichting jegens FCCA. Het gerecht zal gelet hierop de gevorderde hoofdsom van Afl. 9.706,90 en de gevorderde wettelijke rente toewijzen. 2.2 De omvang van de huurachterstand brengt mee dat sprake is van een ernstige tekortkoming zijdens [GEDAAGDE] ter zake van haar betalingsverplichting jegens FCCA. Die tekortkoming rechtvaardigt de door FCCA gevorderde ontbinding van de tussen partijen gesloten huurovereenkomst en de ontruiming, zodat die als na te melden worden toegewezen. 2.3 De buitengerechtelijke kosten zijn conform het procesreglement 2018 (naar rato van 1,5 punt van liquidatietarief 3) toewijsbaar. 2.4 [ GEDAAGDE] zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van FCCA, tot aan deze uitspraak begroot op (450,- + 412,- =) Afl. 862,- aan verschotten en Afl. 2.500,- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten van liquidatietarief 5, ad Afl. 1.250,- per punt). 3DE UITSPRAAK De rechter in dit gerecht: ontbindt de tussen partijen gesloten huurovereenkomst met betrekking tot de woning te [adres]; beveelt [GEDAAGDE] om binnen één maand na de betekening van dit vonnis aan [GEDAAGDE] voormelde woning te ontruimen en te verlaten met alle personen en goederen die zich daarin bevinden, tenzij die aan FCCA toebehoren; veroordeelt [GEDAAGDE] om aan FCCA te betalen Afl. 9.706,90 aan achterstallige huur gerekend tot en met 31 mei 2019, te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf 24 juli 2019 tot aan de dag der algehele voldoening en voorts te vermeerderen met Afl. 820,- per maand voor iedere maand dat [GEDAAGDE] het gehuurde niet heeft ontruimd; veroordeelt [GEDAAGDE] te betalen aan FCCA de buitengerechtelijke incassokosten van Afl. 750,-; veroordeelt [GEDAAGDE] in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van FCCA worden begroot op Afl. 450,- aan griffierecht, Afl. 412,- aan explootkosten en Afl. 2.500,- aan salaris van de gemachtigde; verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. J. Sap, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 27 november 2019 in aanwezigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.