← Nederland

ECLI:NL:OGEAA:2020:202

Beschikking van 12 mei 2020 behorend bij EJ. nr. AUA202000872 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING op de het verzoek van

  1. [Naam verzoeker I], handelende als bewindvoerder van [Belanghebbende I] en [Belanghebbende II], en als gemachtigde van [Naam moeder van minderjarige I], moeder van de minderjarige [Naam minderjarige I],
  2. [Naam verzoeker II], handelende als gemachtigde van [Naam moeder van minderjarigen II; III en IV], moeder van de minderjarigen [Naam minderjarige II], [Naam minderjarige III], en [Naam minderjarige IV], VERZOEKERS, domicilie kiezend ten kantore van notaris mr. Rodriguez-Taekema, te SUCU/De la Salle straat 60, procederende in persoon. Belanghebbenden: [Belanghebbende I], zonder bekende woon en/of verblijfplaats, [Belanghebbende II], zonder bekende woon en/of verblijfplaats, hierna: [Belanghebbende I en II], [Naam minderjarige I], geboren op [geboortedatum] 2007 in Aruba, wonende in Aruba, hierna: [minderjarige I], [Naam minderjarige II], geboren op [geboortedatum] 2003 in Aruba, [Naam minderjarige III], geboren op [geboortedatum 2005 in Aruba, [Naam minderjarige IV], geboren op [geboortedatum] 2005 in Aruba, hierna: [de minderjarigen II; III; IV], wonende in Sint Maarten, 1DE PROCEDURE Bij verzoekschrift van 14 februari 2020, ingediend ter griffie van dit gerecht op 12 maart 2020, hebben verzoekers verzocht om hen te machtigen zodat zij namens [Belanghebbende I en II] alsmede voornoemde minderjarigen het hierna omschreven registergoed kunnen verdelen en leveren. De uitspraak is bepaald op heden. 2DE FEITEN 2.1 Verzoekers zijn met de belanghebbenden en anderen, rechtsopvolgers van [naam erflater I], [naam erflater II], [naam erflater III], [naam erflater IV] en [naam erflater V], allen overleden in Aruba. 2.2 Tot de nalatenschap van voornoemde erflaters behoort het recht van erfpacht tot 15 februari 2042 op een perceel domeingrond, groot 692 m2, gelegen te [naam district] in Aruba, kadastraal bekend als derde afdeling sectie E nummer 488, met het daarop gebouwde, plaatselijk bekend als [Perceelnummer] (hierna te noemen: het registergoed). 2.3 Door de rechtsopvolgers is opdracht gegeven aan de notaris om de verdeling/levering van het registergoed te verzorgen. 2.4 Bij beschikking van dit gerecht van 26 november 2019 (EJ nr. AUA201901874) zijn de aandelen van [Belanghebbende I en II] in voornoemd registergoed onder bewind gesteld, en is verzoeker sub 1 tot bewindvoerder benoemd. 3DE BEOORDELING 3.1 Ingevolge artikel 1:410 lid 1 BW juncto artikel 1:345 lid 1 sub a van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BWA) behoeft de bewindvoerder machtiging van de rechter in eerste aanleg om voor rekening van degenen wiens goederen onder bewind zijn gesteld, overeenkomsten aan te gaan strekkende tot beschikking over goederen van die personen. 3.2 Voor de verzochte verdeling/levering voor rekening van [Belanghebbende I en II] behoeft de bewindvoerder dan ook machtiging. Gelet op de overgelegde stukken is het gerecht van oordeel dat de verdeling/levering van het registergoed niet in het nadeel van [Belanghebbende I en II] is te achten. De verzochte machtiging zal dan ook worden verleend. 3.3 Het verzoek om verzoekers machtiging te verlenen om voor rekening van de minderjarigen voornoemd bepaalde rechtshandelingen te verrichten, zal worden afgewezen. Het gerecht overweegt daartoe als volgt. 3.4 Ingevolge artikel 1:253k BW in samenhang met artikel 1:345 lid 1 sub a BWA behoeft de ouder die het gezag over zijn kind uitoefent, dan wel de voogd van een minderjarige machtiging van de rechter in eerste aanleg om voor rekening van de minderjarige overeenkomsten aan te gaan, strekkende tot beschikking over goederen van de minderjarige. Hiertoe behoort ook de verdeling/levering van een onverdeelde erfboedel. 3.5 Gesteld noch gebleken is dat verzoekers ouders of voogden van voornoemde minderjarigen zijn, zodat voor de verzochte machtiging geen wettelijke grondslag bestaat. Evenmin is gesteld of gebleken dat de wettelijke vertegenwoordigers van voornoemde minderjarigen bedoelde machtiging hebben gekregen. Zelfs indien verzoekers door de wettelijke vertegenwoordigers van de minderjarigen zouden zijn gemachtigd om bedoelde machtiging te verzoeken, hetgeen ook niet is gebleken, kan dit niet tot toewijzing van het verzoek leiden. 4DE BESLISSING Het gerecht: verleent de bewindvoerder, [Naam verzoeker I], machtiging om voor rekening van [Belanghebbende I] en [Belanghebbende II] over te gaan tot verdeling en levering van het recht van erfpacht tot 15 februari 2042 op een perceel domeingrond, groot 692 m2, gelegen te [naam district] in Aruba, kadastraal bekend als derde afdeling sectie E nummer 488, met het daarop gebouwde, plaatselijk bekend als [perceelnummer], wijst het verzoek voor het overige af. Deze beschikking is gegeven door mr. N.K. Engelbrecht, rechter in dit gerecht, en wordt geacht in het openbaar te zijn uitgesproken ter zitting van dinsdag 12 mei 2020 in tegenwoordigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.