Vonnis van 1 juli 2020 Behorend bij A.R. AUA201904386 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA VONNIS in het incident tot zekerheidstelling in de zaak van: de vennootschap naar vreemd recht COMERCIALIZADORA Y EXPORTADORA D.R.C., te Colombia, eiseres in de hoofdzaak, gedaagde in het incident, hierna te noemen: DRC, gemachtigde: de advocaat mr. M.D. Tromp, tegen: de naamloze vennootschap KARINEL TRADING N.V., gevestigd te Aruba, gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident, hierna ook te noemen: Karinel, gemachtigde: de advocaat mr. D.G. Kock. 1DE PROCEDURE Het verloop van de procedure blijkt uit: het inleidende verzoekschrift van 17 december 2019; de incidentele conclusie tot zekerheidstelling van 19 februari 2020; de conclusie van antwoord in het incident van 20 mei 2020. De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis in het incident. 2DE VORDERING EN HET VERWEER 2.1 DRC vordert in de hoofdzaak – kort gezegd – dat het Gerecht bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, Karinel veroordeelt tot het betalen aan DRC van een bedrag van $ 35.907,63, althans de tegenwaarde daarvan in Arubaanse courant zijnde Afl. 63.915,58, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 7 november 2019 tot de dag der algehele voldoening, met veroordeling van Karinel tot betaling van de proceskosten. 2.2 Karinel heeft in het incident gesteld dat DRC niet gevestigd is in Aruba en zich geen van de in artikel 122 lid 2 Rv vermelde uitzonderingen voordoet. In verband hiermee verzoekt Karinel het Gerecht DRC te bevelen zekerheid te stellen voor de proceskosten en de schadevergoeding tot betaling waarvan zij veroordeeld zou kunnen worden (artikel 122, eerste lid, Rv) ten bedrage van Afl. 1.500,-. 2.3 DRC refereert zich aan het oordeel van het Gerecht. 3DE BEOORDELING in het incident 3.1 DRC is gevestigd in Colombia en derhalve vreemdeling in de zin van artikel 122 Rv, zodat zij gehouden is zekerheid te stellen voor de betaling van de proceskosten en de schadevergoeding in welke zij verwezen zou kunnen worden. Van een verdrag op grond waarvan DRC van deze verplichting vrijgesteld wordt, is geen sprake. Niet gebleken is dat één van de overige omstandigheden als bedoeld in het tweede lid van voormeld artikel zich voordoet. Dat brengt mee dat de vordering in het incident voor toewijzing in aanmerking komt. 3.2 Gelet op de aard en omvang van de vordering in de hoofdzaak is tarief 6 van het Liquidatietarief van toepassing, met een bedrag van Afl. 1.500, per punt. Het gevorderde bedrag van Afl. 1.500,- zal als onweersproken worden toegewezen. 3.3 De beslissing over de proceskosten van dit incident wordt aangehouden tot in te hoofdzaak wordt beslist. in de hoofdzaak 3.4 De hoofdzaak zal worden voortgezet in de stand waarin deze is gebleven. 4DE UITSPRAAK: De rechter in dit gerecht: in het incident veroordeelt DRC om binnen twee weken na de datum waarop dit vonnis is gewezen zekerheid te stellen voor de betaling van de kosten, schade en interesten in welke DRC ten behoeve van Karinel kan worden veroordeeld; bepaalt het bedrag van die zekerheid op Afl. 1.500,; bepaalt dat deze zekerheid middels storting van dat bedrag ter griffie van dit gerecht, dan wel middels een door een te Aruba gevestigde bank uitgegeven bankgarantie ten genoege van Karinel kan worden gesteld; verstaat dat indien DRC niet of niet tijdig gevolg geeft aan de bevolen zekerheidstelling, Karinel niet gehouden is tot het voeren van verweer en DRC in de hoofdzaak niet-ontvankelijk zal worden verklaard; houdt de beslissing over de proceskosten van dit incident aan tot in de hoofdzaak wordt beslist; wijst af het meer of anders gevorderde; in de hoofdzaak verwijst de zaak naar de rol van woensdag 26 augustus 2020 - zijnde de eerst mogelijke rolzitting na ommekomst van de in het incident bepaalde termijn - voor antwoord dan wel, indien niet of niet tijdig gevolg is gegeven aan de bevolen zekerheidsstelling, voor uitlating zekerheidstelling zijdens partijen; houdt iedere verdere beslissing aan. Dit vonnis is gewezen door mr. J.J. Verhoeven rechter in dit gerecht en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 1 juli 2020 in aanwezigheid van de griffier.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.