← Nederland

ECLI:NL:OGEAA:2021:176

Beschikking van 4 mei 2021 behorend bij EJ AUA202100259 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING op het verzoek van: 1[Naam verzoeker I],

  1. [Naam verzoeker II],
  2. [Naam verzoeker III] ,
  3. [Naam verzoeker IV] ,
  4. [Naam verzoeker V], wonende in Aruba, VERZOEKERS, gemachtigde: [Verzoeker I], om ondercuratelestelling van: [Naam verweerster], wonende in Aruba, te [Adres], VERWEERSTER, in persoon. 1DE PROCEDURE De procedure blijkt uit: het verzoekschrift, ingediend op 2 februari 2021, de mondelinge behandeling ter zitting van 16 maart 2021, waarbij verzoekers in persoon aanwezig waren; de mondelinge behandeling ter zitting van 6 april 2021, waarbij verzoekers en verweerster in persoon zijn verschenen. De uitspraak is 2HET VERZOEK Het verzoek strekt ertoe dat verweerster onder curatele wordt gesteld met benoeming van verzoekster sub 1 tot haar curat en dat verzoeker sub 3 als toeziend curator wordt benoemend. Daartoe wordt aangevoerd dat verweerster wegens een geestelijke stoornis niet in staat is of bemoeilijkt wordt haar belangen behoorlijk waar te nemen.
  5. DE BEOORDELING 3.1 Het verzoek is gegrond op artikel 1:378, lid 1 en onder sub a van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BWA). Ingevolge deze bepaling kan de rechter een meerderjarige onder curatele stellen wegens een geestelijke stoornis waardoor de gestoorde, al dan niet met tussenpozen, niet in staat is of bemoeilijkt wordt zijn belangen behoorlijk waar te nemen. Uit de verklaringen de behandelend geneesheer, neuroloog Drs. R. Weiser, en de ondervraging van verweerster is gebleken dat zij lijdt aan de ziekte van Alzheimer en wegens een geestelijke stoornis niet in staat is of bemoeilijkt wordt haar belangen behoorlijk waar te nemen. Het verzoek tot ondercuratelestelling is dan ook voor toewijzing vatbaar. 3.2 De benoeming van verzoekster sub 1, die nu al de belangen van verweerster behartigt, strookt naar het oordeel van het gerecht het meest met de belangen van de verweerster. Nu voor het overige niet van bezwaren daartegen is gebleken, zal het gerecht dienovereenkomstig beslissen. De wet biedt nu, als gevolg van wetswijziging, geen mogelijkheid om een toeziend curator te benoemen, zodat het verzoek om verzoeker sub 3 als toeziend curator te benoemen zal worden afgewezen. 3.3 De curatrice dient ingevolge artikel 1:386 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) juncto artikel 1:338 BW binnen acht weken (uiterlijk op 30 juni 2021) na aanvang van haar taak als curatrice een schriftelijke opgave ter griffie van dit gerecht te doen van de bij het begin van de curatele aanwezige gerede gelden, effecten aan toonder en spaarbankboekjes. De curatrice dient voorts binnen acht maanden (uiterlijk op 5 januari 2022) na aanvang van haar taak als curatrice ter bevestiging van haar deugdelijkheid een door haar ondertekende boedelbeschrijving bij de griffie van dit gerecht in te dienen. In de boedelbeschrijving is begrepen opgave van de wijzigingen in de samenstelling van het vermogen tot het ogenblik dat zij wordt opgemaakt. 3.4 De curatrice dient ingevolge artikel 1:386 lid 1 BW in samenhang met artikel 1:359 lid 1 BW jaarlijks een rekening van haar bewind over de goederen van de onder curatele gestelde ter griffie van dit gerecht in te dienen, voor het eerst uiterlijk op 1 juni
  6. 4DE BESLISSING Het gerecht: stelt [verweerster], geboren op [geboortedatum] in Aruba, onder curatele, benoemt over de onder curatele gestelde tot curatrice haar dochter, [verzoeker I], geboren op [geboortedatum] in Aruba en wonende in Aruba, bepaalt dat deze uitspraak vanwege de curatrice binnen tien

(10)dagen nadat deze ten uitvoer kan worden gelegd, wordt geplaatst in de Landscourant van Aruba, alsmede in de dagbladen “DIARIO” en “AMIGOE DI ARUBA”, bepaalt dat de curatrice uiterlijk op 30 juni 2021 een schriftelijke opgave ter griffie van dit gerecht doet van de bij het begin van de ondercuratelestelling aanwezige gerede gelden, effecten aan toonder en spaarbankboekjes, bepaalt dat de curatrice uiterlijk op 5 januari 2022 ter bevestiging van haar deugdelijkheid een door haar ondertekende boedelbeschrijving bij de griffie van dit gerecht indient, bepaalt dat de curatrice uiterlijk op 1 juni 2022 een rekening en verantwoording bij de griffie van dit gerecht indient, wijst het meer of anders verzochte af. Deze beschikking is gegeven door mr. J.M.J. Keltjens, rechter in dit gerecht, ter terechtzitting van dinsdag 4 mei 2021 in tegenwoordigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.