Vonnis van 23 juni 2021 Behorend bij AUA202003013 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA VONNIS in de zaak van: [EISERES], wonende in Aruba, eiseres, hierna ook te noemen: [Eiseres], procederende in persoon, tegen: 1[GEDAAGDE 1], wonende te Aruba, procederende in persoon,
- [GEDAAGDE 2], wonende in de Verenigde Staten van Amerika, niet verschenen,
- [GEDAAGDE 3], wonende in de Verenigde Staten van Amerika, niet verschenen,
- [GEDAAGDE 4], wonende in de Verenigde Staten van Amerika, niet verschenen,
- [GEDAAGDE 5], wonende in de Verenigde Staten van Amerika, niet verschenen, gedaagden.
- DE PROCEDURE 1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit: - het verzoekschrift d.d. 26 november 2020 met producties; - de akte uitlating d.d. 12 mei 2021 van [eiseres]. 1.2 Vervolgens is de zaak verwezen naar de rolzitting van heden voor het nemen van een robeschikking. Het gerecht heeft ambtshalve besloten vonnis te wijzen. 2DE BEOORDELING 2.1 Uit het inleidend verzoekschrift blijkt dat [eiseres] het verzoek ten behoeve van [naam volmachtgever] (hierna te noemen: [naam volmachtgever]), op grond van een door [naam volmachtgever] verstrekte volmacht, op eigen naam heeft ingediend. Het indienen van een verzoek op eigen naam ten behoeve van een volmachtgever is toegestaan en heeft als gevolg dat de gevolmachtigde die aldus in eigen naam procedeert, procespartij wordt. 2.2 In haar akte uitlating heeft [eiseres] aan het gerecht medegedeeld dat [naam volmachtgever] op 29 april 2021 is overleden. Op grond van artikel 3:72 onder a. BW is de volmacht door het overlijden van [naam volmachtgever] geëindigd. Dat betekent dat [eiseres] niet langer bevoegd is om onderhavige procedure in eigen naam ten behoeve van [naam volmachtgever] voort te zetten. Om die reden zal het gerecht [eiseres] niet-ontvankelijk verklaren. 2.3 Ten overvloede overweegt het gerecht dat, nu [naam volmachtgever] niet zelf optrad als procespartij (met [eiseres] als haar gemachtigde), er geen sprake is van een overlijden van een procespartij, zodat artikel 185 e.v. van het Wetboek van burgerlijke rechtsvordering niet van toepassing zijn. Om die reden hoeft de procedure niet te worden geschorst en hoeven belanghebbenden niet op grond van artikel 187 van het Wetboek van burgerlijke rechtsvordering in de gelegenheid te worden gesteld om zich uit te laten ten name van wie het geding dient te worden hervat. 2.4 De proceskosten zullen worden gecompenseerd, in dier voege dat ieder der partijen de eigen kosten draagt. 3DE UITSPRAAK De rechter in dit gerecht: 3.1 verklaart [eiseres] niet-ontvankelijk in het verzoek; 3.2 compenseert de kosten van de procedure, in dier voege dat ieder der partijen de eigen kosten draagt. Dit vonnis is gewezen door mr. J.J. Verhoeven, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 23 juni 2021 in aanwezigheid van de griffier. Datum uitspraak: 23 juni 2021 Instantie: Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba Zaaknummer: A.R. AUA202003013 Inhoudsindicatie: Civiel. Volmacht beëindigd ex artikel 3:72 onder a. BW. Geen sprake van overlijden van een procespartij ex artikel 185 e.v. Rv. Formele relaties (optioneel): Rechtsgebieden: Civiel Rechter: mr. J.J. Verhoeven Bijzondere kenmerken: