Beschikking van 24 augustus 2021 Behorend bij E.J. no. AUA202101744 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING in de zaak van: de naamloze vennootschap BROUWERIJ NACIONAL BALASHI N.V., gevestigd in Aruba, verzoekster, hierna ook te noemen: BNB, gemachtigden: de advocaten mrs. D.W. Ormel en W.J. Noordhuizen, tegen: [Naam verweerder], wonende in Aruba, verweerder, hierna ook te noemen: [verweerder], gemachtigde: de advocaat mr. H.S. Croes. 1DE PROCEDURE 1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit: -het verzoekschrift, met producties; -het verweerschrift, met producties; -de mondelinge behandeling van de zaak ter terechtzitting die is aangevangen op 27 juli 2021 en na schorsing daarvan (inhoudelijk) is voortgezet op 3 augustus 2021. 1.2 Ter zitting van 27 juli 2021 zijn verschenen BNB bij haar gemachtigden samen met de heer [naam financieel directeur] en de heer [naam hoofdbrouwmeester] (financieel directeur respectievelijk hoofdbrouwmeester bij BNB), en [verweerder] samen met zijn gemachtigde. Ter zitting van 3 augustus 2021 zijn verschenen BNB bij haar gemachtigde mr. Ormel voornoemd samen met de hiervoor genoemde heren en [verweerder] samen met zijn gemachtigde. 1.3 Ter zitting van 3 augustus 2021 heeft BNB gebruik gemaakt van de aan haar geboden gelegenheid om bij wijze van repliek te reageren op het verweerschrift van [verweerder], en dat mede aan de hand van een overgelegde en voorgedragen pleitnota. [Verweerder] heeft vervolgens gedupliceerd, en dat eveneens mede aan de hand van een overgelegde en voorgedragen pleitnota. 1.4 Beschikking is bepaald op heden. 2DE FEITEN 2.1 Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend dan wel niet of onvoldoende bestreden alsmede op grond van overgelegde producties en overige stukken voor zover niet of onvoldoende bestreden staat onder meer het volgende vast tussen partijen. 2.2 BNB exploiteert in Aruba een brouwerij en handelt onder meer in bier, moutbier en aanverwante alcoholische producten. 2.3 De thans 41 jarige [verweerder] is per 22 februari 2001 in dienst getreden van BNB. Vanaf zijn indiensttreding heeft [verweerder] naast de functie van “production assistant” ook de functie van “brewhouse supervisor” vervuld. Vanaf 26 augustus 2019 vervult [verweerder] de functie van “Brew Master” (hierna ook: brouwmeester) tegen een laatstelijk bruto maandloon van Afl. 5.200,--. 2.4 Voordat [verweerder] de functie van brouwmeester kreeg heeft hij op kosten van BNB deelgenomen aan twee cursussen om een “Brew Master Certification” te verkrijgen. 2.5 Naar aanleiding van de in het verzoekschrift onder randnummer 1.10 en 1.11 omschreven evaluaties betreffende [verweerder] heeft [naam hoofdbrouwmeester] voornoemd eind 2019 een nieuwe positie gecreëerd voor [verweerder] zodat hij minder betrokken hoefde te zijn bij de productie van bier en ook niet meer aanwezig hoefde te zijn in de brewhouse, alwaar zijn aanwezigheid voor problemen zorgde met anderen. [Verweerder] verliet regelmatig zonder toestemming van zijn leidinggevende zijn werkplek, waardoor zijn collegae er niet op konden vertrouwen dat hij de verschillende lopende brouw- en productieprocessen goed in de gaten hield. [Verweerder] wordt door zijn collegae als manipulatief, intimiderend en opruiend beschreven. 2.6 BNB brouwt voor in elk geval de Arubaanse markt een speciaal bier geheten Magic Mango (hierna: het bier). Bij de ontwikkeling van dat bier was [verweerder] betrokken. [verweerder] claimt dat hij het recept van het bier heeft ontwikkeld/uitgevonden en hij stelt zich in het licht daarvan op het standpunt dat met betrekking tot het bier aan hem het exclusieve auteursrecht toekomt. 3DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN 3.1 BNB verzoekt dat het Gerecht bij beschikking uitvoerbaar bij voorraad de tussen partijen gesloten arbeidsovereenkomst met onmiddellijke ingang ontbindt op grond van de in haar verzoekschrift omschreven gewichtige redenen, met toekenning aan [verweerder] van een door BNB te betalen ontbindingsvergoeding naar billijkheid van Afl. 73.000,-- en met veroordeling van hem in de kosten en nakosten van deze procedure, te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf de 15de dag na de uitspraak van deze beschikking. 3.2 [ Verweerder] voert verweer en concludeert tot afwijzing van het door BNB verzochte, althans tot het nemen door het Gerecht van een hem geraden voorkomende beslissing, kosten rechtens. 3.3 Voorzover van belang voor de uitspraak worden de stellingen van partijen hierna besproken. 4DE BEOORDELING 4.1 Ter beoordeling van het Gerecht ligt voor de vraag of in de werkrelatie tussen partijen sprake is van veranderingen in de omstandigheden die van dien aard zijn dat de dienstbetrekking van [verweerder] bij BNB billijkheidshalve dadelijk of na korte tijd behoort te eindigen. In het licht van die vraag wordt het volgende overwogen. 4.2 [ Verweerder] stelt dat hij onder meer de uitvinder/ontwikkelaar is van het speciaal bier Magic Mango, dat BNB in productie heeft voor in elk geval de Arubaanse markt. In het licht van die door BNB gemotiveerd betwiste stelling stelt [verweerder] zich op het standpunt dat hem het exclusieve auteursrecht met betrekking tot dat bier toekomt. Dat door BNB bestreden standpunt is niet juist, zelfs niet als vast zou komen te staan dat [verweerder] de uitvinder/ontwikkelaar van bedoeld bier zoals door hem gesteld, omdat BNB in dat verband onbestreden heeft gesteld dat één en ander heeft plaatsgevonden voor BNB tijdens het dienstverband van [verweerder] bij BNB. In het licht daarvan volgt het Gerecht BNB in haar standpunt dat zij met betrekking tot het bier op grond van artikel 7 van de Auteursverordening de auteursgerechtigde is. Dit klemt temeer omdat BNB onbestreden heeft gesteld dat partijen geen van voormelde wettelijke bepaling afwijkende andersluidende afspraken hebben gemaakt. 4.3 Voormeld standpunt van [verweerder] is niet alleen onjuist, maar levert naar het oordeel van het Gerecht reeds grond op voor ontbinding van zijn arbeidsovereenkomst met BNB. Het als werknemer van BNB onterecht claimen van het auteursrecht op bedoeld in loondienst van BNB voor BNB ontwikkeld bier levert immers een ernstige schending op van het door BNB in [verweerder] te stellen vertrouwen. 4.4 Bij vorenstaande komt nog dat vaststaat dat [verweerder] regelmatig zonder toestemming van zijn leidinggevende zijn werkplek verliet, waardoor zijn collegae er niet op konden vertrouwen dat hij de verschillende lopende brouw- en productieprocessen goed in de gaten hield, alsmede dat hij door zijn collegae als manipulatief, intimiderend en opruiend wordt beschreven. Op grond van de door BNB overgelegde verklaringen van directe collega’s van [verweerder] - te weten die van [naam hoofdbrouwmeester], [namen van andere collega’s], ten aanzien van welke verklaringen het Gerecht geen grond of aanleiding ziet om ze als onbetrouwbaar te bestempelen - oordeelt het Gerecht het aannemelijk dat de verhoudingen tussen hen en [verweerder] niet te herstellen zijn. 4.5 Al het hiervoor geschetste brengt mee dat de hiervoor onder 4.1 geformuleerde vraag bevestigend moet worden beantwoord. Door verwijtbaar toedoen van [verweerder] is in de werkrelatie tussen partijen sprake van veranderingen in de omstandigheden die van dien aard zijn dat de dienstbetrekking van [verweerder] bij BNB billijkheidshalve dadelijk of na korte tijd behoort te eindigen. Hierbij wordt nog overwogen dat BNB onbestreden heeft gesteld dat er geen herplaatsingsmogelijkheden zijn voor [verweerder] binnen haar gelederen. Nu sprake is van veranderde omstandigheden door verwijtbaar toedoen van [verweerder], komt hij in beginsel niet in aanmerking voor een ontbindingsvergoeding naar billijkheid. Dat is echter niet verzocht door BNB, die zich bereid heeft verklaard om evenwel een ontbindingsvergoeding te betalen aan [verweerder] van Afl. 73.000,-- (bruto). Die vordering zal worden toegewezen, met dien verstande dat eventuele aan [verweerder] uit te keren cessantia in mindering strekt op de door BNB aan hem te betalen ontbindingsvergoeding. 4.6 In de aard, uitkomst en verloop van deze procedure ziet het Gerecht aanleiding om de proceskosten te compenseren tussen partijen, aldus dat ieder van hen de eigen kosten draagt. 5DE UITSPRAAK Het Gerecht: -ontbindt de tussen partijen gesloten arbeidsovereenkomst per 25 augustus 2021; -veroordeelt BNB om aan [verweerder] ten titel van ontbindingsvergoeding naar billijkheid te betalen Afl. 73.000,-- (bruto), met dien verstande dat eventuele aan [verweerder] uit te keren cessantia in mindering strekt op die vergoeding; -compenseert de kosten van deze procedure tussen partijen, aldus dat ieder van hen de eigen kosten draagt; -wijst af het meer of anders door BNB verzochte; -verklaart deze beschikking waar rechtens mogelijk uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van dinsdag 24 augustus 2021 in tegenwoordigheid van de griffier.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.